Gratis brononderzoek

Tijdelijk kader strafuitvoering

Uitvoering van elektronisch toezicht, probatie, werkstraf, opschorting en uitstel onder het nieuwe Strafwetboek.

Zoek en lees de officiële bronteksten gratis. Gebruik Pro om geselecteerde artikelen te onderzoeken met uw dossierfeiten.

← Alle wetgeving

Tijdelijk kader van kracht

Artikel 110 koppelt de inwerkingtreding aan die van boek I en II van het nieuwe Strafwetboek: 1 september 2026. De Justel-hoofding van deze wet vermeldt nog 12 april 2026; die datum stemt niet overeen met de wettelijke bepaling. Hoofdstuk 2 en de overgangsmaatregelen van artikel 108 gelden tot een door de Koning te bepalen datum en uiterlijk tot 30 juni 2029. Dit betekent niet dat alle wijzigingen die deze wet aanbrengt op die datum vervallen. De wet van 29 juni 1964 over opschorting, uitstel en probatie is sinds 1 september 2026 opgeheven; haar oude versies dienen voor beoordeling van historische situaties.

Deze bronopname bewaart gewestelijke varianten, opheffingsvermeldingen en eventuele latere inwerkingtredingen. Ze bepaalt niet automatisch welke versie op uw dossier van toepassing is. Controleer datum, regio en authentieke wijzigingen.

Bronopname: 2026-10-07 · Publicatiedatum (geen afzonderlijke consolidatiedatum): 2026-04-02

Open officiële bron ↗

Onderzoek deze wet in Pro

Verbind maximaal vier artikelen uit deze bibliotheek met uw dossierfeiten. Ontvang een brongebonden analyse en exporteer een memo. Een bronvraag kost 1 AI-credit binnen uw bestaande Pro-abonnement.

Verken Pro voor deze wet →

Artikelen

110 bronvarianten

  1. Art. 41 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 2. - Tijdelijk kader voor de uitvoering van de straf onder elektronisch toezicht, de probatiestraf, de werkstraf, de opschorting en de probatieopschorting, het uitstel en het probatie-uitstel, de bijkomende straf bedoeld in artikel 50 van het Strafwetboek en van bepaalde straffen opgelegd aan rechtspersonen / Afdeling 5. - De uitvoering van de probatiestraf opgelegd aan rechtspersonen, van de dienstverleningsstraf ten gunste van de gemeenschap, van de opschorting en de probatieopschorting, van het uitstel en het probatie-uitstel opgelegd aan rechtspersonen / Onderafdeling 4. - De uitvoering van de opschorting en de probatieopschorting, van het uitstel en het probatie-uitstel opgelegd aan rechtspersonen

    Lees de volledige brontekst
    Art. 41. In alle gevallen waarin de rechtspersoon die onderworpen is aan een maatregel van opschorting of uitstel, opnieuw wordt vervolgd, wordt een gelijkvormig verklaard afschrift van die beslissing bij het dossier van de nieuwe vervolgingen gevoegd.   In geval van probatieopschorting of probatie-uitstel maakt het openbaar ministerie de nuttige informatie over het verloop van de probatieopschorting of het probatie-uitstel over.   Op aanvraag van de verdachte of van het openbaar ministerie worden de procedures betreffende de misdrijven die aanleiding hebben gegeven tot de opschorting of het uitstel, gevoegd bij het dossier van de nieuwe vervolgingen.   In geval van dagvaarding strekkende tot de herroeping van de opschorting of het uitstel, worden de procedures betreffende de misdrijven die aanleiding hebben gegeven tot deze maatregelen eveneens bij het dossier van de nieuwe vervolgingen gevoegd.

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  2. Art. 42 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 2. - Tijdelijk kader voor de uitvoering van de straf onder elektronisch toezicht, de probatiestraf, de werkstraf, de opschorting en de probatieopschorting, het uitstel en het probatie-uitstel, de bijkomende straf bedoeld in artikel 50 van het Strafwetboek en van bepaalde straffen opgelegd aan rechtspersonen / Afdeling 5. - De uitvoering van de probatiestraf opgelegd aan rechtspersonen, van de dienstverleningsstraf ten gunste van de gemeenschap, van de opschorting en de probatieopschorting, van het uitstel en het probatie-uitstel opgelegd aan rechtspersonen / Onderafdeling 4. - De uitvoering van de opschorting en de probatieopschorting, van het uitstel en het probatie-uitstel opgelegd aan rechtspersonen

    Lees de volledige brontekst
    Art. 42. § 1. Tegen de beslissingen van de strafuitvoeringsrechter bedoeld in de artikelen 36 en 37 staat cassatieberoep open voor het openbaar ministerie en de veroordeelde.   § 2. Het openbaar ministerie stelt het cassatieberoep in binnen een termijn van vierentwintig uur, te rekenen van de uitspraak van het vonnis.   De veroordeelde stelt het cassatieberoep in binnen een termijn van vijf dagen, te rekenen van de uitspraak van het vonnis.   De verklaring van cassatieberoep wordt neergelegd ter griffie en wordt door een advocaat ondertekend. De cassatiemiddelen worden voorgesteld in een memorie die op de griffie van het Hof van Cassatie toekomt ten laatste op de vijfde dag na de datum van het cassatieberoep.   § 3. Het dossier wordt door de griffie toegezonden aan de griffie van het Hof van Cassatie binnen achtenveertig uur te rekenen van het instellen van het cassatieberoep.   Het cassatieberoep heeft schorsende kracht.   Het Hof van Cassatie doet uitspraak binnen dertig dagen te rekenen van het instellen van het cassatieberoep.   § 4. Na een cassatiearrest met verwijzing, doet een andere strafuitvoeringsrechter uitspraak binnen veertien dagen te rekenen van de uitspraak van dit arrest.

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  3. Art. 43 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 1. - Wijzigingen van het Wetboek van strafvordering

    Lees de volledige brontekst
    Art. 43. In boek I van het Wetboek van strafvordering wordt een hoofdstuk XII ingevoegd, luidende "Procedurele bepalingen inzake de opschorting van de uitspraak van de veroordeling".

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  4. Art. 44 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 1. - Wijzigingen van het Wetboek van strafvordering

    Lees de volledige brontekst
    Art. 44. In hoofdstuk XII, ingevoegd bij artikel 43, wordt een artikel 136quinquies ingevoegd, luidende:   "Art. 136quinquies. § 1. Tot opschorting kan worden besloten door de raadkamer op het ogenblik dat zij zich dient uit te spreken op het verslag van de onderzoeksrechter in de vorm en onder de voorwaarden bepaald in artikel 127.   In geval van rechtstreekse dagvaarding door de burgerlijke partij, kan het openbaar ministerie, indien het oordeelt dat er aanleiding tot opschorting kan bestaan, de onderzoeksrechter vorderen het instellen van een onderzoek te gelasten. Van die vordering wordt kennis gegeven aan de griffier van de rechtbank waarvoor de rechtstreekse dagvaarding is geschied, aan de dagvaardende partij, aan de gedaagde en aan hun raadsmannen. Zij heeft tot gevolg dat de zaak aan de rechtbank wordt onttrokken.   Wanneer een vordering tot opschorting met toepassing van het eerste en tweede lid wordt aangebracht bij de rechter die de raadkamer voorzit, bepaalt deze de plaats, de dag en het uur van de verschijning overeenkomstig, artikel 127, doet hij deze vaststelling en de griffier geeft bij aangetekende zending bericht aan de burgerlijke partij of de eiser en aan de verdachte of de gedaagde en aan hun raadsmannen, indien er aangewezen zijn in het geding, op zijn minst tien dagen voor de verschijning. Gedurende deze termijn wordt het dossier op de griffie ter beschikking van de partijen gehouden.   Tot de opschorting kan ook door de kamer van inbeschuldigingstelling worden besloten in de gevallen bepaald bij het eerste lid van artikel 230 en overeenkomstig de nadere regels voorgeschreven in de artikelen 219 en 223 tot 225.   Is het onderzoeksgerecht van oordeel dat er geen reden bestaat om de opschorting uit te spreken, dan verleent het een beschikking van buitenvervolgingstelling of een beschikking van verwijzing naar het bevoegde gerecht.   § 2. De procureur des Konings en de verdachte kunnen tegen de beschikking van de raadkamer waarbij de opschorting wordt uitgesproken, in beroep gaan, om reden dat aan de voorwaarden tot verlening van de opschorting niet voldaan is.   Het beroep, dat binnen vierentwintig uren wordt aangetekend, wordt voor de kamer van inbeschuldigingstelling gebracht.   § 3. De raadkamer en de kamer van inbeschuldigingstelling kunnen, hetzij ambtshalve, hetzij op vordering van het openbaar ministerie, hetzij op verzoek van de verdachte, bevelen dat er getuigen zullen worden gehoord.   § 4. De kamer van inbeschuldigingstelling neemt kennis van het hoger beroep tegen de beschikking van de raadkamer tot regeling van de burgerlijke belangen. Dat hoger beroep wordt ingesteld binnen dezelfde termijnen, onder dezelfde voorwaarden en in dezelfde vormen als hoger beroep in correctionele zaken."

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  5. Art. 45 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 1. - Wijzigingen van het Wetboek van strafvordering

    Lees de volledige brontekst
    Art. 45. In hetzelfde hoofdstuk XII wordt een artikel 136sexies ingevoegd, luidende:   "Art. 136sexies. § 1. Is de zaak door het onderzoeksgerecht verwezen naar de rechtbank of door rechtstreekse dagvaarding bij de rechtbank aanhangig gemaakt, dan kunnen de vonnisgerechten tot opschorting besluiten.   § 2. Voor de toepassing van de maatregelen bepaald in paragraaf 1, kunnen de vonnisgerechten, op schriftelijke vordering van het openbaar ministerie of op schriftelijk verzoek van de verdachte, beslissen van de opschorting kennis te nemen in raadkamer, wanneer al de bij artikel 64, §§ 1 tot 3, van het Strafwetboek vereiste voorwaarden vervuld zijn.   De vordering of het verzoek wordt ter griffie van het gerecht dat uitspraak dient te doen, neergelegd voor de opening van de terechtzitting waarop de verschijning is vastgesteld. Er wordt uitspraak over gedaan in raadkamer, het openbaar ministerie en de verdachte of zijn raadsman gehoord. Bij afwijzing van het verzoek wordt de behandeling voortgezet in openbare terechtzitting."

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  6. Art. 46 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 1. - Wijzigingen van het Wetboek van strafvordering

    Lees de volledige brontekst
    Art. 46. In hetzelfde hoofdstuk XII wordt een artikel 136septies ingevoegd, luidende:   "Art. 136septies. De rechterlijke beslissingen die de opschorting gelasten, worden in openbare terechtzitting uitgesproken."

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  7. Art. 47 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten

    Lees de volledige brontekst
    Art. 47. In artikel 3/1 van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten, ingevoegd bij de wet van 5 mei 2019, worden de woorden "misdaden of wanbedrijven" vervangen door het woord "misdrijven".

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  8. Art. 48 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten

    Lees de volledige brontekst
    Art. 48. In artikel 25, § 2, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 17 maart 2013, 10 april 2014 en 1 februari 2016, bij artikel 151 van de wet van 5 februari 2016 vernietigd bij arrest nr. 148/2017 van het Grondwettelijk Hof en bij de wetten van 21 december 2017, 8 mei 2019 en 4 mei 2020, worden de volgende wijzigingen aangebracht:   1° in de bepaling onder c) worden de woorden "vrijheidsstraf van dertig jaar of tot een levenslange vrijheidsstraf" vervangen door de woorden "gevangenisstraf van dertig jaar of een levenslange gevangenisstraf";   2° in de inleidende zin van de bepaling onder d) worden de woorden "vrijheidsstraf van dertig jaar of tot een levenslange vrijheidsstraf" vervangen door de woorden "gevangenisstraf van dertig jaar of een levenslange gevangenisstraf" en worden de woorden "effectieve correctionele gevangenisstraf van minstens drie jaar" vervangen door de woorden "effectieve gevangenisstraf van minstens drie jaar";"   3° de bepaling onder d), eerste streepje, wordt vervangen als volgt:   "- artikelen 82 tot 92, 96 tot 99, 100 tot 102, 112 tot 118, 120 tot 126, 134 tot 149, 151 tot 165, 171 tot 174, 177 tot 179, 183, 185, 195 tot 198, 1° tot 4°, 199, 200, 2° tot 4°, 201, 1° tot 4°, 202, 204, 206 tot 211, 214, 215, 219 tot 228, 232, 233, 258 tot 260, 265, 268, 273, 274, 276 tot 284, 288 tot 291, 307 tot 308, 318 tot 324, 328 tot 330, 333 tot 335, 339, 371, 373 tot 375, 384 tot 386, 404, 405, 407 tot 409, 413, § 1, 1°, en § 2, 468, 469, 473, § 2, 2° en 3°, 509, 520, 551, 553 tot 559, 685, eerste lid, van het Strafwetboek";   4° de bepaling onder d), tweede streepje, wordt opgeheven;   5° de bepaling onder d), vijfde streepje, wordt opgeheven;   6° de bepaling onder d), zesde streepje, wordt vervangen als volgt:   "- artikel 618 van het Strafwetboek.";   7° in de bepaling onder d), in fine, worden de woorden "vrijheidsstraf van dertig jaar of tot een levenslange vrijheidsstraf" vervangen door de woorden "gevangenisstraf van dertig jaar of een levenslange gevangenisstraf";   8° in de bepaling onder e) worden de woorden "vrijheidsstraf van dertig jaar of tot een levenslange vrijheidsstraf" vervangen door de woorden "gevangenisstraf van dertig jaar of een levenslange gevangenisstraf" en worden de woorden "tot een criminele straf" vervangen door de woorden "door een hof van assisen tot een vrijheidsberovende straf van meer dan vijf jaar".

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  9. Art. 49 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten

    Lees de volledige brontekst
    Art. 49. In artikel 26, § 2, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wetten van 17 maart 2013, 10 april 2014 en 1 februari 2016, bij artikel 155 van de wet van 5 februari 2016 vernietigd bij arrest nr. 148/2017 van het Grondwettelijk Hof en bij de wetten van 21 december 2017, 8 mei 2019 en 4 mei 2020, worden de volgende wijzigingen aangebracht:   1° in de bepaling onder c) worden de woorden "vrijheidsstraf van dertig jaar of tot een levenslange vrijheidsstraf" vervangen door de woorden "gevangenisstraf van dertig jaar of een levenslange gevangenisstraf";   2° in de inleidende zin van de bepaling onder d) worden de woorden "vrijheidsstraf van dertig jaar of tot een levenslange vrijheidsstraf" vervangen door de woorden "gevangenisstraf van dertig jaar of een levenslange gevangenisstraf" en worden de woorden "effectieve correctionele gevangenisstraf van minstens drie jaar" vervangen door de woorden "effectieve gevangenisstraf van minstens drie jaar";   3° in de bepaling onder d), wordt het eerste streepje vervangen als volgt:   "- artikelen 82 tot 92, 96 tot 99, 100 tot 102, 112 tot 118, 120 tot 126, 134 tot 149, 151 tot 165, 171 tot 174, 177 tot 179, 183, 185, 195 tot 198, 1° tot 4°, 199, 200, 2° tot 4°, 201, 1° tot 4°, 202, 204, 206 tot 211, 214 tot 215, 219 tot 228, 232, 233, 258 tot 260, 265, 268, 273 tot 274, 276 tot 284, 288 tot 291, 307 tot 308, 318 tot 324, 328 tot 330, 333 tot 335, 339, 371, 373 tot 375, 384 tot 386, 404, 405, 407 tot 409, 413, § 1, 1°, en § 2, 468, 469, 473, § 2, 2° en 3°, 509, 520, 551, 553 tot 559, 685, eerste lid, van het Strafwetboek";   4° in de bepaling onder d) wordt het tweede streepje opgeheven;   5° in de bepaling onder d) wordt het vijfde streepje opgeheven;   6° in de bepaling onder d) wordt het zesde streepje vervangen als volgt:   "- artikel 618 van het Strafwetboek.";   7° in de bepaling onder d), in fine, worden de woorden "vrijheidsstraf van dertig jaar of tot een levenslange vrijheidsstraf" vervangen door de woorden "gevangenisstraf van dertig jaar of een levenslange gevangenisstraf";   8° in de bepaling onder e) worden de woorden "vrijheidsstraf van dertig jaar of tot een levenslange vrijheidsstraf" vervangen door de woorden "gevangenisstraf van dertig jaar of een levenslange gevangenisstraf" en worden de woorden "tot een criminele straf" vervangen door de woorden "door een hof van assisen tot een vrijheidsberovende straf van meer dan vijf jaar".

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  10. Art. 50 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten

    Lees de volledige brontekst
    Art. 50. In titel V van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 14 december 2012, wordt het opschrift van hoofdstuk IV vervangen als volgt:   "De wijziging van de straf bedoeld in 50 van het Strafwetboek ".

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  11. Art. 51 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten

    Lees de volledige brontekst
    Art. 51. In titel V, hoofdstuk IV, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 14 december 2012, wordt artikel 26/1 dat wordt vernummerd tot artikel 26/2, vervangen als volgt:   "Art. 26/2. De wijziging van de straf bedoeld in artikel 50 van het Strafwetboek is een wijze van uitvoering van deze straf door de duur of de omvang van het verbod te beperken, de nadere regels of de voorwaarden ervan aan te passen, de uitvoering ervan op te schorten of te beëindigen."

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  12. Art. 52 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten

    Lees de volledige brontekst
    Art. 52. In artikel 27, tweede lid, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 31 juli 2023, worden de woorden "bedoeld in de artikelen 34bis tot 34quater van het Strafwetboek" opgeheven.

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  13. Art. 53 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten

    Lees de volledige brontekst
    Art. 53. In artikel 28 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 30 juli 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:   1° in paragraaf 1 worden de woorden "en met uitzondering van de vermindering van de duur van de door de rechter uitgesproken ontzetting van het recht in een bepaalde aangewezen zone te wonen, te verblijven of er zich te vertonen" vervangen door de woorden "en met uitzondering van de wijziging van de straf bedoeld in artikel 50 van het Strafwetboek";   2° paragraaf 3 wordt vervangen als volgt:   " § 3. De wijziging van de straf bedoeld in artikel 50 van het Strafwetboek kan aan de veroordeelde worden toegekend voor zover er in zijnen hoofde geen tegenaanwijzingen bestaan die betrekking hebben op recidivegevaar en er geen tegenaanwijzingen bestaan die betrekking hebben op het risico dat hij de slachtoffers zou lastig vallen."

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  14. Art. 54 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten

    Lees de volledige brontekst
    Art. 54. In artikel 28/1 van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 18 juli 2025, worden de woorden de woorden "405ter, 409, 417/2 tot 417/4, 417/16 tot 417/19, 417/24 tot 417/28, 417/33, 417/34, 417/41, 417/43 tot 417/47, 425 tot 427 en 433septies van het Strafwetboek" vervangen door de woorden "100, 112 tot 118, 120 tot 126, 129, 130, 143 tot 146, 151 tot 155, 160, 161, 168, 171 tot 174, 200, 201, 206 tot 211, 260, 333 tot 337 van het Strafwetboek".

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  15. Art. 55 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten

    Lees de volledige brontekst
    Art. 55. In artikel 29/1, § 1, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 14 december 2012, worden de woorden "De vermindering van de duur van de door de rechter uitgesproken ontzetting van het recht in een bepaalde aangewezen zone te wonen, te verblijven of er zich te vertonen" vervangen door de woorden "De wijziging van de straf bedoeld in artikel 50 van het Strafwetboek".

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  16. Art. 56 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten

    Lees de volledige brontekst
    Art. 56. In artikel 32 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 29 juni 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:   1° in paragraaf 1, eerste lid, vernummerd bij de wet van 5 mei 2019 en laatstelijk gewijzigd bij de wet van 29 juni 2021, worden de woorden "artikelen 371/1 tot 378 van het Strafwetboek, of voor feiten bedoeld in de artikelen 379 tot 387 van hetzelfde Wetboek indien ze gepleegd werden op minderjarigen of met hun deelneming," vervangen door de woorden "artikelen 134 tot 149, 151 tot 168, 171 tot 174, 177 tot 179, 183 voor zover de veroordeling inhoud van extreem pornografische aard betreft, en 185 van het Strafwetboek,";   2° in paragraaf 2, eerste lid, ingevoegd bij de wet van 5 mei 2019 en gewijzigd bij de wet van 29 juni 2021, worden de woorden "titel 1ter van boek II van het Strafwetboek" vervangen door de woorden "boek II, titel 4, hoofdstuk 1, van het Strafwetboek".

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  17. Art. 57 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten

    Lees de volledige brontekst
    Art. 57. In artikel 40, § 3, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 30 juli 2022, worden de woorden "boek II, titel Iter, van het Strafwetboek" vervangen door de woorden "boek II, titel 4, hoofdstuk 1, van het Strafwetboek".

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  18. Art. 58 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten

    Lees de volledige brontekst
    Art. 58. In artikel 41 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 5 mei 2019, worden de volgende wijzigingen aangebracht:   1° in paragraaf 1, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 5 mei 2019, worden de woorden "artikelen 371/1 tot 378 van het Strafwetboek, of voor feiten bedoeld in de artikelen 379 tot 387 van hetzelfde Wetboek indien ze gepleegd werden op minderjarigen of met hun deelneming" vervangen door de woorden "artikelen 134 tot 149, 151 tot 168, 171 tot 174, 177 tot 179, 183 voor zover de veroordeling inhoud van extreem pornografische aard betreft en 185 van het Strafwetboek".   2° in paragraaf 2 worden de woorden "boek II, titel Iter, van het Strafwetboek" vervangen door de woorden "boek II, titel 4, hoofdstuk 1, van het Strafwetboek".

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  19. Art. 59 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten

    Lees de volledige brontekst
    Art. 59. In artikel 46, § 2, vijfde streepje, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 28 november 2021, worden de woorden "ingeval er slachtoffergerichte voorwaarden zijn opgelegd" opgeheven.

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗
  20. Art. 60 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2026033002 / HOOFDSTUK 3. - Wijzigingsbepalingen / Afdeling 2. - Wijzigingen van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten

    Lees de volledige brontekst
    Art. 60. In artikel 47 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 5 februari 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht:   1° in paragraaf 1 worden de woorden "met uitzondering van de vermindering van de duur van de door de rechter uitgesproken ontzetting van het recht in een bepaalde aangewezen zone te wonen, te verblijven of er zich te vertonen" vervangen door de woorden "met uitzondering van de straf bedoeld in artikel 50 van het Strafwetboek";   2° paragraaf 3 wordt vervangen als volgt:   " § 3. De wijziging van de straf bedoeld in artikel 50 van het Strafwetboek kan aan de veroordeelde worden toegekend voor zover er in zijnen hoofde geen tegenaanwijzingen bestaan die betrekking hebben op recidivegevaar en er geen tegenaanwijzingen bestaan die betrekking hebben op het risico dat hij de slachtoffers zou lastig vallen."

    Aanvullende bronnotities: controleer de officiële publicatie.

    Open officiële bron ↗