Gratis brononderzoek

Sociaal Strafwetboek

Sociaalrechtelijke inbreuken, toezicht en sancties.

Zoek en lees de officiële bronteksten gratis. Gebruik Pro om geselecteerde artikelen te onderzoeken met uw dossierfeiten.

← Alle wetgeving

Deze bronopname bewaart gewestelijke varianten, opheffingsvermeldingen en eventuele latere inwerkingtredingen. Ze bepaalt niet automatisch welke versie op uw dossier van toepassing is. Controleer datum, regio en authentieke wijzigingen.

Bronopname: 2026-10-03 · Bijgewerkt volgens bron: 2026-06-01

Open officiële bron ↗

Onderzoek deze wet in Pro

Verbind maximaal vier artikelen uit deze bibliotheek met uw dossierfeiten. Ontvang een brongebonden analyse en exporteer een memo. Een bronvraag kost 1 AI-credit binnen uw bestaande Pro-abonnement.

Verken Pro voor deze wet →

Artikelen

393 bronvarianten

  1. Art. 122/3 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 2. [1 - De preventie van psychosociale risico's op het werk, waaronder stress, geweld, pesterijen of ongewenst seksueel gedrag op het werk, gezondheid en veiligheid op het werk en welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 122/3.[1 De vertrouwenspersoon    Met een sanctie [3 van niveau 3]3 wordt bestraft, de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die, in strijd met de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk en de uitvoeringsbesluiten ervan :    1° een vertrouwenspersoon aanwijst, zonder voorafgaand akkoord van alle leden-vertegenwoordigers van de personeelsleden binnen het comité voor preventie en bescherming op het werk;   [2 1°/1 niet minstens één vertrouwenspersoon die behoort tot het personeel van de werkgever aanduidt overeenkomstig de voorwaarden en de procedure bedoeld in de voormelde wet van 4 augustus 1996, wanneer de werkgever vijftig of meer werknemers tewerkstelt;]2    2° geen vertrouwenspersoon aanwijst overeenkomstig de voorwaarden en de procedure bedoeld in de voormelde wet van 4 augustus 1996 wanneer [2 alle leden van de vakbondsafvaardiging, of bij ontstentenis van een vakbondsafvaardiging, alle werknemers, hierom verzoeken]2;    3° een vertrouwenspersoon uit zijn functie verwijdert, zonder voorafgaand akkoord van alle leden-vertegenwoordigers van de personeelsleden binnen het comité voor preventie en bescherming op het werk;    4° niet het advies van de met het toezicht belaste ambtenaar vraagt, als er geen akkoord wordt bereikt tussen alle leden-vertegenwoordigers van de personeelsleden binnen het comité voor preventie en bescherming op het werk en de werkgever over de verwijdering van de vertrouwenspersoon uit zijn functie;    5° een vertrouwenspersoon aanwijst die de functie van preventieadviseur bevoegd voor de arbeidsgeneeskunde uitoefent;    6° een vertrouwenspersoon aanwijst die deel uitmaakt van het personeel van de onderneming waar hij zijn functie uitoefent en werkgevers- of werknemersvertegenwoordiger is in de ondernemingsraad of in het comité voor preventie en bescherming op het werk van die onderneming;    7° een vertrouwenspersoon aanwijst die deel uitmaakt van het personeel van de onderneming waar hij zijn functie uitoefent en deel uitmaakt van de vakbondsafvaardiging;    8° een vertrouwenspersoon aanwijst die deel uitmaakt van het leidinggevend personeel;    9° niet ervoor zorgt dat ten minste een van de vertrouwenspersonen behoort tot het personeel van de werkgever wanneer hij slechts een beroep doet op een preventieadviseur psychosociale aspecten van een externe dienst voor preventie en bescherming op het werk, en hij bovendien [2 twintig of meer werknemers]2 tewerkstelt;    10° niet ervoor zorgt dat de vertrouwenspersoon zijn opdrachten te allen tijde volledig en doeltreffend kan vervullen onder de voorwaarden en volgens de nadere regels bepaald door de Koning;    11° niet ervoor zorgt dat de vertrouwenspersoon geen nadeel ondervindt van zijn activiteiten als vertrouwenspersoon;    12° niet ervoor zorgt dat de vertrouwenspersoon zijn functie volledig autonoom uitoefent, inzonderheid door niet de nodige maatregelen te treffen opdat geen enkele persoon op welke wijze ook rechtstreeks of onrechtstreeks druk uitoefent op de vertrouwenspersoon bij de uitoefening van zijn functie en inzonderheid wat betreft de druk met het oog op het bekomen van informatie die verband houdt of kan houden met de uitoefening van deze functie;    13° niet de nodige maatregelen treft opdat de vertrouwenspersoon :    a) binnen twee jaar die volgen op zijn aanstelling, beschikt over de door de Koning bepaalde vaardigheden en kennis, door het volgen van de opleiding waarvan de inhoud wordt bepaald door de Koning;    b) zijn vaardigheden en kennis kan verbeteren, inzonderheid door het volgen van een supervisie onder de voorwaarden en volgens de nadere regels bepaald door de Koning;    14° de kosten verbonden aan de in 13° bedoelde opleidingen alsook de desbetreffende verplaatsingskosten niet draagt.]1   [4 Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft, de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die, in strijd met de wet van 3 mei 2024 houdende bepalingen betreffende sekswerk onder arbeidsovereenkomst:    1° geen vertrouwenspersoon aanduidt;    2° niet minstens één vertrouwenspersoon aanduidt die behoort tot het personeel van de werkgever indien de werkgever 20 of meer werknemers tewerkstelt.]4   ----------   (1)<Ingevoegd bij W 2016-02-29/09, art. 13, 017; Inwerkingtreding : 01-05-2016>   (2)<W 2023-11-05/04, art. 11, 062; Inwerkingtreding : 01-12-2023>   (3)<W 2024-05-15/19, art. 60, 068; Inwerkingtreding : 01-07-2024>   (4)<W 2024-05-03/26, art. 21, 069; Inwerkingtreding : 01-12-2024>
    Open officiële bron ↗
  2. Art. 122/4 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 2. [1 - De preventie van psychosociale risico's op het werk, waaronder stress, geweld, pesterijen of ongewenst seksueel gedrag op het werk, gezondheid en veiligheid op het werk en welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 122/4. [1 De werkgevers en de instellingen die een opleiding voor vertrouwenspersonen verstrekken    Met een sanctie van niveau 2 wordt bestraft, de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber, of de instelling die, in strijd met de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk en de uitvoeringsbesluiten ervan een opleiding met het oog op het verwerven van de vaardigheden en de kennis van vertrouwenspersonen verstrekt, zonder te voldoen aan de door de Koning bepaalde voorwaarden.]1   ----------   (1)<Ingevoegd bij W 2016-02-29/09, art. 14, 017; Inwerkingtreding : 01-05-2016>
    Open officiële bron ↗
  3. Art. 122/5 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 2. [1 - De preventie van psychosociale risico's op het werk, waaronder stress, geweld, pesterijen of ongewenst seksueel gedrag op het werk, gezondheid en veiligheid op het werk en welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 122/5. [1 Andere verplichtingen inzake de preventie van psychosociale risico's op het werk    § 1. Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft, de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die, in strijd met de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk en de uitvoeringsbesluiten ervan :    1° niet de preventiemaatregelen die vastgesteld worden op basis van de risicoanalyse betreffende de situaties die aanleiding kunnen geven tot psychosociale risico's op het werk opnieuw onderzoekt bij elke wijziging die de blootstelling van werknemers aan psychosociale risico's op het werk kan beïnvloeden;    2° niet de preventiemaatregelen die vastgesteld worden op basis van de risicoanalyse betreffende de situaties die aanleiding kunnen geven tot psychosociale risico's op het werk minstens eenmaal per jaar evalueert, inzonderheid rekening houdend met de door de Koning bepaalde elementen;    3° de preventiemaatregelen die vastgesteld worden op basis van de risicoanalyse betreffende de situaties die aanleiding kunnen geven tot psychosociale risico's op het werk evalueert :    a) zonder de preventieadviseur psychosociale aspecten erbij te betrekken wanneer hij deel uitmaakt van de interne dienst voor preventie en bescherming op het werk;    b) zonder de preventieadviseur psychosociale aspecten die deel uitmaakt van de externe dienst voor preventie en bescherming op het werk erbij te betrekken wanneer de complexiteit van de evaluatie dit vereist;    4° niet onder de voorwaarden en volgens de nadere regels bepaald door de Koning, een register van feiten van derden ter beschikking houdt van de werknemers die, tijdens de uitvoering van hun werk, in contact komen met andere personen dan de werknemers of de gelijkgestelde personen, opdat zij daarin hun verklaring kunnen laten opnemen met betrekking tot feiten van geweld, pesterijen of ongewenst seksueel gedrag op het werk vanwege deze personen en waarvan zij menen het voorwerp te zijn geweest.    § 2. Met een sanctie van niveau 2 wordt bestraft, de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die, in strijd met de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk en de uitvoeringsbesluiten ervan :    1° niet het advies vraagt van het comité voor preventie en bescherming op het werk over :    a) de collectieve preventiemaatregelen die vastgesteld worden op basis van de risicoanalyse betreffende de situaties die aanleiding kunnen geven tot psychosociale risico's op het werk;    b) de collectieve preventiemaatregelen die vastgesteld worden op basis van de evaluatie van de preventiemaatregelen die voortvloeien uit de risicoanalyse betreffende de situaties die aanleiding kunnen geven tot psychosociale risico's op het werk;    c) het geheel van de voorstellen van collectieve preventiemaatregelen voorgesteld in de adviezen van de preventieadviseur psychosociale aspecten om elke herhaling in andere arbeidssituaties te voorkomen;    2° indien er geen verzoening wordt bereikt, niet het advies van de met het toezicht belaste ambtenaar meedeelt :    a) aan het comité voor preventie en bescherming op het werk, bij de vaststelling van de procedures die rechtstreeks toegankelijk zijn voor de werknemer die meent schade te ondervinden ten gevolge van psychosociale risico's op het werk;    b) aan de werknemersvertegenwoordigers in het comité voor preventie en bescherming op het werk, bij de aanwijzing van de preventieadviseur psychosociale aspecten of bij de aanduiding van de vertrouwenspersoon of de verwijdering uit zijn functie;    3° niet het advies vraagt van de preventieadviseur psychosociale aspecten :    a) alvorens de preventiemaatregelen die voortvloeien uit de risicoanalyse betreffende de situaties die aanleiding kunnen geven tot psychosociale risico's op het werk te nemen, wanneer de preventieadviseur werd betrokken bij deze risicoanalyse;    b) alvorens de preventiemaatregelen die voortvloeien uit de risicoanalyse betreffende de psychosociale risico's op het werk op het niveau van een specifieke arbeidssituatie waarin een gevaar werd vastgesteld, bedoeld in artikel 6 van het koninklijk besluit van 10 april 2014 betreffende de preventie van psychosociale risico's op het werk, te nemen, wanneer de preventieadviseur werd betrokken bij deze risicoanalyse;    4° niet de door de Koning bepaalde voorwaarden inzake het bijhouden van en de toegang tot het register van feiten van derden respecteert;    5° niet de resultaten van de risicoanalyse betreffende de psychosociale risico's op het niveau van een specifieke arbeidssituatie waarin een gevaar werd vastgesteld, bedoeld in artikel 6 van voormeld koninklijk besluit van 10 april 2014 en zijn beslissing met betrekking tot de maatregelen meedeelt, onder de voorwaarden en volgens de nadere regels bepaald door de Koning;    6° niet ervoor zorgt dat de werknemers de mogelijkheid hebben om de vertrouwenspersoon of de preventie-adviseur psychosociale aspecten te kunnen raadplegen tijdens de werkuren wanneer de gewone arbeidstijdregeling die van toepassing is bij de werkgever dit mogelijk maakt;    7° niet de verplaatsingskosten draagt die verbonden zijn aan de raadpleging bedoeld in 6°.    § 3. Met een sanctie van niveau 1 wordt bestraft, de werkgever die, in strijd met de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk en de uitvoeringsbesluiten ervan :    1° de resultaten van de risicoanalyse betreffende de situaties die aanleiding kunnen geven tot psychosociale risico's op het werk en de preventiemaatregelen die eruit voortvloeien niet opneemt in het globaal preventieplan en desgevallend in het jaarlijks actieplan;    2° niet de coördinaten van de nieuwe externe dienst voor preventie en bescherming op het werk meedeelt op verzoek van de preventieadviseur psychosociale aspecten bij wie het verzoek werd ingediend.]1   ----------   (1)<Ingevoegd bij W 2016-02-29/09, art. 15, 017; Inwerkingtreding : 01-05-2016>
    Open officiële bron ↗
  4. Art. 123 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3. - Gezondheid en veiligheid op het werk

    Lees de volledige brontekst
    Art. 123. Gevaarlijke, ongezonde of hinderlijke inrichtingen en het toezicht op de stoomtuigen en stoomketels   Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft, eenieder die een inbreuk heeft gepleegd op de wet van 5 mei 1888 betreffende het toezicht op de gevaarlijke, ongezonde of hinderlijke inrichtingen en op de stoomtuigen en stoomketels.   De inbreuk wordt bestraft met een sanctie van niveau 4 wanneer ze gezondheidsschade of een arbeidsongeval tot gevolg heeft gehad voor een werknemer.   De rechter kan bovendien de straffen bepaald in de artikelen 106 en 107 uitspreken.
    Open officiële bron ↗
  5. Art. 124 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3. - Gezondheid en veiligheid op het werk

    Lees de volledige brontekst
    Art. 124. Mijnen, graverijen en groeven   Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft, iedere persoon die een inbreuk heeft gepleegd op de wetten op de mijnen, de graverijen en de groeven, gecoördineerd op 15 september 1919.   De inbreuk wordt bestraft met een sanctie van niveau 4 wanneer ze gezondheidsschade of een arbeidsongeval tot gevolg heeft gehad voor een werknemer.   De rechter kan bovendien de straffen bepaald in de artikelen 106 en 107 uitspreken.
    Open officiële bron ↗
  6. Art. 125 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3. - Gezondheid en veiligheid op het werk

    Lees de volledige brontekst
    Art. 125. Huisvesting van de arbeiders   Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft, iedere persoon die een inbreuk heeft gepleegd op de wet van 6 juli 1949 betreffende de huisvesting van de arbeiders in nijverheids-, landbouw- of handelsondernemingen en -exploitaties.   De inbreuk wordt bestraft met een sanctie van niveau 4 wanneer ze gezondheidsschade of een arbeidsongeval tot gevolg heeft gehad voor een werknemer.   De rechter kan bovendien de straffen bepaald in de artikelen 106 en 107 uitspreken.
    Open officiële bron ↗
  7. Art. 126 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3. - Gezondheid en veiligheid op het werk

    Lees de volledige brontekst
    Art. 126.[1 De zwangere werkneemster of de werkneemster die borstvoeding geeft    § 1. Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die, in strijd met de arbeidswet van 16 maart 1971 :    1° niet, voor alle werkzaamheden waarbij zich een specifiek risico van blootstelling kan voordoen, de aard, de mate en de duur van de blootstelling aan agentia, procedés of arbeidsomstandigheden heeft geëvalueerd teneinde de risico's voor de veiligheid of de gezondheid, evenals de gevolgen voor de zwangerschap of borstvoeding van de werkneemster of de gezondheid van het kind te beoordelen en teneinde vast te stellen welke algemene maatregelen dienen te worden getroffen, en dit volgens de voorwaarden en de nadere regels die door de Koning zijn bepaald;    2° geen maatregelen heeft getroffen die, rekening houdend met het resultaat van de evaluatie bedoeld bij 1°, aangepast zijn aan het geval van de zwangere werkneemster of de werkneemster die borstvoeding geeft, volgens de voorwaarden en de nadere regels die door de Koning zijn bepaald, teneinde de blootstelling van de werkneemster aan het vastgestelde risico te vermijden of voor risico's waaraan elke blootstelling moet worden verboden;    3° geen maatregelen heeft getroffen die, rekening houdend met het resultaat van de evaluatie bedoeld in 1°, aangepast zijn aan het geval van de zwangere werkneemster of de werkneemster die borstvoeding geeft, volgens de voorwaarden en de nadere regels die door de Koning zijn bepaald, wanneer de werkneemster een gevaar of aandoening aanvoert die met haar toestand verband houdt en aan het verrichten van arbeid kan te wijten zijn, op voorwaarde dat de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer tot wie zij zich richt, een risico vaststelt;    4° de werkneemster die bevallen is of die borstvoeding geeft en voor wie maatregelen zijn genomen voor de aanpassing van haar arbeidsvoorwaarden ingevolge risico's voor haar veiligheid of gezondheid of die van haar kind, niet heeft onderworpen aan een medisch onderzoek uiterlijk tien werkdagen na de werkhervatting;    5° de toestand van de werkneemster niet onmiddellijk en zodra hij er kennis van had, heeft meegedeeld aan de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer;   [2 6° de werkneemsters niet heeft ingelicht over de resultaten van de evaluatie en over de te treffen algemene maatregelen, bedoeld in de bepaling onder 1, 1°.]2    De inbreuken worden bestraft met een sanctie van niveau 4 wanneer ze gezondheidsschade of een arbeidsongeval tot gevolg hebben gehad voor een werkneemster.    De rechter kan bovendien de straffen bepaald in de artikelen 106 en 107 uitspreken.    § 2. Met een sanctie van niveau 1 wordt bestraft de werkgever die in strijd met de arbeidswet van 16 maart 1971 :    1° de resultaten van de evaluatie en de te treffen algemene maatregelen, bedoeld in paragraaf 1, 1°, niet heeft opgenomen in een schriftelijk document dat wordt voorgelegd aan het advies van het comité voor preventie en bescherming op het werk, of, bij ontstentenis ervan, de vakbondsafvaardiging;    2° [2 ...]2]1   ----------   (1)<W 2016-02-29/09, art. 16, 017; Inwerkingtreding : 01-05-2016>   (2)<W 2024-05-15/19, art. 61, 068; Inwerkingtreding : 01-07-2024>
    Open officiële bron ↗
  8. Art. 126/1 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3. - Gezondheid en veiligheid op het werk

    Lees de volledige brontekst
    Art. 126/1. [1 De zeevissers    Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft, de reder, zijn aangestelde of zijn lasthebber, de schipper die, in strijd met de wet van 3 mei 2003 tot regeling van de arbeidsovereenkomst wegens scheepsdienst voor de zeevisserij en tot verbetering van het sociaal statuut van de zeevisser, niet de nodige maatregelen heeft genomen om de preventieve aanbevelingen van de bevoegde instantie ter bevordering van een preventief beleid inzake veiligheid en gezondheid of gelijkwaardige preventiemaatregelen aan boord van vissersschepen ten uitvoer te leggen.    De inbreuk wordt bestraft met een sanctie van niveau 4 wanneer ze gezondheidsschade of een arbeidsongeval tot gevolg heeft gehad voor een zeevisser.    De rechter kan bovendien de straffen bepaald in de artikelen 106 en 107 uitspreken.]1   ----------   (1)<Ingevoegd bij W 2020-06-12/03, art. 90, 044; Inwerkingtreding : 26-06-2020>
    Open officiële bron ↗
  9. Art. 127 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3/1. [1 - Andere inbreuken betreffende het welzijn van de werknemers]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 127.[1 Welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk    [2 Onverminderd de bepalingen van de artikelen 119 tot 126, 127/1 en 128 tot 133]2, wordt met een sanctie van niveau 3 bestraft :    1° de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die inbreuk heeft gepleegd op de bepalingen van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk en de uitvoeringsbesluiten ervan;    2° de persoon die niet behoort tot het personeel van de werkgever die de opdrachten die hem in toepassing van voormelde wet van 4 augustus 1996 worden toevertrouwd, uitoefent in strijd met de bepalingen van deze wet en de uitvoeringsbesluiten ervan of die deze opdrachten niet uitoefent volgens de voorwaarden en nadere regels bepaald door deze wet en de uitvoeringsbesluiten ervan.    De inbreuken worden bestraft met een sanctie van niveau 4 wanneer ze gezondheidsschade of een arbeidsongeval tot gevolg hebben gehad voor een werknemer.    De rechter kan bovendien de straffen bepaald in de artikelen 106 en 107 uitspreken.]1   ----------   (1)<W 2016-02-29/09, art. 18, 017; Inwerkingtreding : 01-05-2016>   (2)<W 2025-12-19/20, art. 43, 072; Inwerkingtreding : 01-01-2026>
    Open officiële bron ↗
  10. Art. 127/1 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3/1. [1 - Andere inbreuken betreffende het welzijn van de werknemers]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 127/1. [1 Het re-integratietraject van de arbeidsongeschikte werknemer    Met een sanctie van niveau 2 wordt bestraft, de werkgever die twintig of meer werknemers tewerkstelt, zoals bedoeld in artikel 33 van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk, zijn aangestelde of zijn lasthebber, en die, in strijd met dezelfde wet en de uitvoeringsbesluiten ervan, niet aan de preventieadviseur-arbeidsarts heeft gevraagd om een re-integratietraject op te starten voor de arbeidsongeschikte werknemer die, volgens de inschatting door de preventieadviseur-arbeidsarts arbeidspotentieel heeft, uiterlijk zes maanden na het begin van de arbeidsongeschiktheid van deze werknemer.    De geldboete wordt vermenigvuldigd met het aantal betrokken werknemers.]1   ----------   (1)<Ingevoegd bij W 2025-12-19/20, art. 44, 072; Inwerkingtreding : 01-01-2026>
    Open officiële bron ↗
  11. Art. 128 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3/1. [1 - Andere inbreuken betreffende het welzijn van de werknemers]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 128.[1 Oprichting en werking van de interne dienst voor preventie en bescherming op het werk    Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die :    1° in de onderneming geen interne dienst voor preventie en bescherming op het werk opricht, met toepassing van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk en de uitvoeringsbesluiten ervan;    2° de werking van de interne dienst voor preventie en bescherming op het werk verhindert, zoals bepaald in voormelde wet van 4 augustus 1996 en in de uitvoeringsbesluiten ervan;    3° de uitoefening van de opdrachten van de interne dienst voor preventie en bescherming op het werk belemmert, inzonderheid door de bij voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan voorgeschreven inlichtingen niet of niet volgens de gestelde regels te verstrekken of de voorgeschreven raadplegingen niet volgens de gestelde regels te houden.    De inbreuken worden bestraft met een sanctie van niveau 4 wanneer ze gezondheidsschade of een arbeidsongeval tot gevolg hebben gehad voor een werknemer.    De rechter kan bovendien de straffen bepaald in de artikelen 106 en 107 uitspreken.]1   ----------   (1)<W 2016-02-29/09, art. 19, 017; Inwerkingtreding : 01-05-2016>
    Open officiële bron ↗
  12. Art. 129 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3/1. [1 - Andere inbreuken betreffende het welzijn van de werknemers]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 129.[1 Tewerkstelling op eenzelfde arbeidsplaats of op aanpalende of naburige arbeidsplaatsen    Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft, de ondernemer, zijn aangestelde of zijn lasthebber, die inbreuk heeft gepleegd op artikel 7, §§ 1 en 2 van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk en de uitvoeringsbesluiten ervan.    De inbreuk wordt bestraft met een sanctie van niveau 4 wanneer ze gezondheidsschade of een arbeidsongeval tot gevolg heeft gehad voor een werknemer.    De rechter kan bovendien de straffen bepaald in de artikelen 106 en 107 uitspreken.]1   ----------   (1)<W 2016-02-29/09, art. 20, 017; Inwerkingtreding : 01-05-2016>
    Open officiële bron ↗
  13. Art. 130 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3/1. [1 - Andere inbreuken betreffende het welzijn van de werknemers]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 130.[1 Werkzaamheden uitgevoerd door ondernemingen van buitenaf of door uitzendkrachten    Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft :    1° de werkgever in wiens inrichting aannemers en, in voorkomend geval, onderaannemers werkzaamheden komen uitvoeren, zijn aangestelde of zijn lasthebber die inbreuk heeft gepleegd op artikel 9, § 1, van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk en de uitvoeringsbesluiten ervan;    2° de aannemers en onderaannemers, hun aangestelde of hun lasthebber die inbreuk hebben gepleegd op artikel 10, § 1, van voormelde wet van 4 augustus 1996 en op de uitvoeringsbesluiten ervan;    3° de werkgever in wiens inrichting aannemers en, in voorkomend geval, onderaannemers werkzaamheden komen uitvoeren, zijn aangestelde of zijn lasthebber die inbreuk heeft gepleegd op artikel 9, § 2, van voormelde wet van 4 augustus 1996 en op de uitvoeringsbesluiten ervan;    4° de aannemers en onderaannemers, hun aangestelde of hun lasthebber die inbreuk hebben gepleegd op artikel 10, § 2, van voormelde wet van 4 augustus 1996 en op de uitvoeringsbesluiten ervan;    5° de gebruiker, zijn aangestelde of zijn lasthebber die inbreuk heeft gepleegd op artikel 12ter van voormelde wet van 4 augustus 1996 en het uitzendbureau, zijn aangestelde of zijn lasthebber die inbreuk heeft gepleegd op artikel 12quater van voormelde wet van 4 augustus 1996 en op de uitvoeringsbesluiten ervan.    De inbreuken worden bestraft met een sanctie van niveau 4 wanneer ze gezondheidsschade of een arbeidsongeval tot gevolg hebben gehad voor een werknemer.    De rechter kan bovendien de straffen bepaald in de artikelen 106 en 107 uitspreken.]1   ----------   (1)<W 2016-02-29/09, art. 21, 017; Inwerkingtreding : 01-05-2016>
    Open officiële bron ↗
  14. Art. 131 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3/1. [1 - Andere inbreuken betreffende het welzijn van de werknemers]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 131.[1 Tijdelijke of mobiele bouwplaatsen - het ontwerp van het bouwwerk    Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft :    1° de opdrachtgever of de bouwdirectie belast met het ontwerp, hun aangestelde of lasthebber die een inbreuk heeft gepleegd op de in de artikelen 15 tot 17 en 19 van voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan voorgeschreven verplichtingen;    2° de opdrachtgever of de bouwdirectie belast met het ontwerp, hun aangestelde of hun lasthebber die geen of onvoldoende toezicht heeft gehouden op de door de coördinatoren inzake veiligheid en gezondheid tijdens de uitwerkingsfase van het ontwerp van het bouwwerk na te leven verplichtingen;    3° de persoon die belast is met het uitvoeren van de opdrachten van coördinator inzake veiligheid en gezondheid tijdens de uitwerkingsfase van het ontwerp van het bouwwerk, voorzien door voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan, en die de opdrachten van coördinator niet overeenkomstig de voorwaarden en de nadere regels bepaald door voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan uitvoert of ze niet uitvoert, ongeacht of hij een natuurlijke persoon of een rechtspersoon, een werkgever, een zelfstandige, een aangestelde of een lasthebber is.    De inbreuken worden bestraft met een sanctie van niveau 4 wanneer ze gezondheidsschade of een arbeidsongeval tot gevolg hebben gehad voor een werknemer.    De rechter kan bovendien de straffen bepaald in de artikelen 106 en 107 uitspreken.]1   ----------   (1)<W 2016-02-29/09, art. 22, 017; Inwerkingtreding : 01-05-2016>
    Open officiële bron ↗
  15. Art. 131/1 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3/1. [1 - Andere inbreuken betreffende het welzijn van de werknemers]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 131/1.   <Opgeheven bij W 2016-02-29/09, art. 25, 017; Inwerkingtreding : 01-05-2016>
    Open officiële bron ↗
  16. Art. 132 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3/1. [1 - Andere inbreuken betreffende het welzijn van de werknemers]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 132.[1 Tijdelijke of mobiele bouwplaatsen - de verwezenlijking van het bouwwerk    Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft :    1° de opdrachtgever, de bouwdirectie belast met de uitvoering of de bouwdirectie belast met de controle op de uitvoering, zijn aangestelde of zijn lasthebber, die een inbreuk heeft gepleegd op de artikelen 15, 20, 21 en 23 van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk en de uitvoeringsbesluiten ervan;    2° de opdrachtgever, de bouwdirectie belast met de uitvoering of de bouwdirectie belast met de controle op de uitvoering, zijn aangestelde of zijn lasthebber, die geen of onvoldoende toezicht heeft uitgeoefend betreffende de verplichtingen die de coördinatoren inzake veiligheid en gezondheid tijdens de verwezenlijking van een bouwwerk dienen te respecteren;    3° de aannemer, zijn aangestelde of zijn lasthebber die een inbreuk heeft gepleegd op de artikelen 15, 20, tweede lid, 23 en 24 van voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan;    4° de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die een inbreuk heeft gepleegd op artikel 31 van voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan;    5° de bouwdirectie belast met de uitvoering, zijn aangestelde of zijn lasthebber, die een inbreuk heeft gepleegd op de artikelen 25, 28, eerste lid, en 29 van voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan;    6° de aannemer, zijn aangestelde of zijn lasthebber, die een inbreuk heeft gepleegd op de artikelen 26, 28, eerste lid, en 29 van voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan;    7° de onderaannemer, zijn aangestelde of zijn lasthebber, die een inbreuk heeft gepleegd op de artikelen 27, 28, eerste lid, en 29 van voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan;    8° de zelfstandige die inbreuk heeft gepleegd op artikel 28, tweede lid, van voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan;    9° de bouwdirectie belast met de uitvoering, zijn aangestelde of zijn lasthebber die een inbreuk heeft gepleegd op de artikelen 31ter, 31quater, § 1, eerste lid en § 2, en 31sexies, § 2, tweede en derde lid en § 3, van voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan;    10° de aannemer en onderaannemer, zijn aangestelde of zijn lasthebber die een inbreuk heeft gepleegd op de artikelen 31ter, 31quater, § 1, tweede tot vierde lid en § 2, 31quinquies en 31sexies, § 2, tweede en derde lid en § 3, van voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan;    11° de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die een inbreuk heeft gepleegd op artikel 31sexies, § 2, eerste en derde lid, en § 3, van voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan;    12° de persoon die belast is met het uitvoeren van de opdrachten van coördinator inzake veiligheid en gezondheid tijdens de verwezenlijking van het bouwwerk, voorzien door de voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan, en die de opdrachten van coördinator niet overeenkomstig de voorwaarden en de nadere regels bepaald door de voormelde wet van 4 augustus 1996 en de uitvoeringsbesluiten ervan uitvoert of ze niet uitvoert, ongeacht of hij een natuurlijke persoon of een rechtspersoon, een werkgever, een zelfstandige, een aangestelde of een lasthebber is.    Voor de inbreuken bedoeld in het eerste lid, 9°, 10° en 11°, wordt de geldboete vermenigvuldigd met het aantal bij de inbreuk betrokken personen.    De inbreuken worden bestraft met een sanctie van niveau 4 wanneer ze gezondheidsschade of een arbeidsongeval tot gevolg hebben gehad voor een werknemer.    De rechter kan bovendien de straffen bepaald in de artikelen 106 en 107 uitspreken.]1   ----------   (1)<W 2016-02-29/09, art. 23, 017; Inwerkingtreding : 01-05-2016>
    Open officiële bron ↗
  17. Art. 132/1 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3/1. [1 - Andere inbreuken betreffende het welzijn van de werknemers]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 132/1. [1 Registratieplicht op tijdelijke of mobiele bouwplaatsen    Met een sanctie van niveau 1 wordt bestraft elke persoon die zich, in strijd met artikel 31sexies, § 1, van voormelde wet van 4 augustus 1996, aanbiedt op een tijdelijke of mobiele bouwplaats en zijn aanwezigheid niet onmiddellijk en dagelijks registreert op de bouwplaats.]1   ----------   (1)<Ingevoegd bij W 2016-02-29/09, art. 24, 017; Inwerkingtreding : 01-05-2016>
    Open officiële bron ↗
  18. Art. 132/1 · Federaal

    Latere inwerkingtreding volgens bron

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3/1. [1 - Andere inbreuken betreffende het welzijn van de werknemers]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 132/1 TOEKOMSTIG RECHT.    [1 Registratieplicht op tijdelijke of mobiele bouwplaatsen    Met een sanctie van niveau 1 wordt bestraft elke persoon die zich, in strijd met artikel 31sexies, § 1, van voormelde wet van 4 augustus 1996, aanbiedt op een tijdelijke of mobiele bouwplaats en zijn aanwezigheid niet onmiddellijk [2 op de bouwplaats registreert bij elke aankomst en elk vertrek]2.]1   ----------   (1)<Ingevoegd bij W 2016-02-29/09, art. 24, 017; Inwerkingtreding : 01-05-2016>   (2)<W 2026-05-30/01, art. 130, 075; Inwerkingtreding : 01-01-2027>
    Open officiële bron ↗
  19. Art. 133 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3/1. [1 - Andere inbreuken betreffende het welzijn van de werknemers]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 133.[1 Roken op de werkplaats    Met een sanctie van niveau 3 wordt bestraft de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber die, in strijd met de bepalingen van hoofdstuk 4 van de wet van 22 december 2009 betreffende een algemene regeling voor rookvrije gesloten plaatsen toegankelijk voor het publiek en ter bescherming van werknemers tegen tabaksrook en op de uitvoeringsbesluiten van deze bepalingen :    1° geen werkruimten en sociale voorzieningen, vrij van tabaksrook, ter beschikking stelt van zijn werknemers;    2° het roken niet verbiedt in de werkruimten, de sociale voorzieningen, evenals in de vervoermiddelen die hij voor gemeenschappelijk vervoer van en naar het werk ter beschikking stelt van het personeel;    3° niet de nodige maatregelen neemt teneinde erover te waken dat derden die zich in de onderneming bevinden, geïnformeerd worden over de maatregelen die hij toepast overeenkomstig voormelde wet van 22 december 2009;    4° niet de nodige maatregelen neemt om elk element dat tot roken kan aanzetten of dat laat geloven dat roken toegestaan is, te verbieden in de werkruimten, de sociale voorzieningen, evenals in de vervoermiddelen die hij voor gemeenschappelijk vervoer van en naar het werk ter beschikking stelt van het personeel;    5° voorziet in een rookkamer binnen de onderneming, zonder voorafgaand advies van het comité voor preventie en bescherming op het werk;    6° wanneer een rookkamer is toegelaten binnen de onderneming, een rookkamer voorziet die niet afdoende verlucht wordt of niet voorzien wordt van een rookafzuigsysteem dat de rook afdoende verwijdert, of niet de bijkomende door de Koning bepaalde voorwaarden naleeft waaraan de rookkamer dient te beantwoorden;    7° wanneer een rookkamer is toegelaten binnen de onderneming, een regeling van toegang tot deze rookkamer tijdens de werkuren voorziet, zonder voorafgaand advies van het comité voor preventie en bescherming op het werk;    8° wanneer een rookkamer is toegelaten binnen de onderneming, een regeling van toegang tot deze rookkamer tijdens de werkuren voorziet die een ongelijke behandeling van de werknemers veroorzaakt.    De inbreuken worden bestraft met een sanctie van niveau 4 wanneer ze gezondheidsschade of een arbeidsongeval tot gevolg hebben gehad voor een werknemer.    De rechter kan bovendien de straffen bepaald in de artikelen 106 en 107 uitspreken.]1   ----------   (1)<W 2016-02-29/09, art. 26, 017; Inwerkingtreding : 01-05-2016>
    Open officiële bron ↗
  20. Art. 133/1 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2010060607 / BOEK 2. - De inbreuken en hun bestraffing in het bijzonder / HOOFDSTUK 1. - Inbreuken tegen de persoon van de werknemer / Afdeling 3/2. [1 De melders]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 133/1.[2 De melders]2    [1 Onder voorbehoud van artikel 33, § 1, tweede lid, van de wet van 28 november 2022 betreffende de bescherming van melders van inbreuken op het Unie- of nationale recht vastgesteld binnen een juridische entiteit in de private sector, wordt met een sanctie van niveau 4 bestraft:    1° de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber, die een inbreuk heeft gepleegd op hoofdstuk 3 van de voormelde wet;    2° de werkgever, zijn aangestelde of zijn lasthebber, de bevoegde autoriteit of de federale coördinator die een inbreuk heeft gepleegd op artikel 22 van de voormelde wet.]1   ----------   (1)<Ingevoegd bij W 2022-11-28/02, art. 54, 059; Inwerkingtreding : 15-02-2023>   (2)<W 2024-05-15/19, art. 62, 068; Inwerkingtreding : 01-07-2024>
    Open officiële bron ↗