Gratis brononderzoek · Verkeersrecht

Doorzoek de Wegverkeerswet

Zoek op artikelnummer of begrip, zoals snelheidsovertreding, alcohol of rijbewijs. Zoeken en officiële teksten lezen is gratis.

Dit is de wet van 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer. De Wegcode en andere verkeersreglementen zijn niet opgenomen.

De bron bevat federale en gewestelijke varianten, opheffingen en teksten met een latere inwerkingtreding. De getoonde variant is geen automatische selectie van het recht dat op uw dossier van toepassing is. Controleer de regio, datum van de feiten en officiële wijzigingswetten.

Broncontrole: 2026-09-28 · Justel: 2026-06-08

Van verkeersartikel naar dossieronderzoek

Koppel verkeersartikelen aan uw dossierfeiten, krijg een analyse met bronverwijzingen en exporteer een memo. Inbegrepen in Pro; een bronvraag kost 1 AI-credit.

Onderzoek uw verkeersvraag in Pro →

Zoekresultaten

177 artikelvarianten

  1. Art. 38 · Federaal

    Latere inwerkingtreding volgens bron

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING I. - VERVAL UITGESPROKEN ALS STRAF.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 38 TOEKOMSTIG RECHT.    <W 1990-07-18/37, art. 18, 002; Inwerkingtreding : 01-12-1994, zie KB 1994-11-21/33, art. 3> § 1. De rechter kan het verval van het recht tot het besturen van een motorvoertuig uitspreken :   (1° indien hij veroordeelt wegens overtreding van de artikelen 34, 37, 37bis, § 1, (...)[2 49/1]2 [9 , 62bis, 67bis, tweede lid, tweede zin, of 67ter]9;) <W 2003-02-07/38, art. 19, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004> <W 2005-07-20/52, art. 10, 1°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   2° [9 indien hij veroordeelt wegens overtreding van de artikelen 107, 107/1 of 218 van het Strafwetboek]9;   3° (indien hij veroordeelt wegens een van de overtredingen van de tweede of de derde graad, zoals bedoeld in artikel 29, § 1;) <W 2005-07-20/52, art. 10, 2°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   (3°bis indien hij veroordeelt wegens het overschrijden van de toegelaten maximumsnelheid bepaald in de reglementen uitgevaardigd op grond van deze gecoördineerde wetten, op basis van artikel 29,§ 3, wanneer :   - de toegelaten maximumsnelheid met meer dan 30 kilometer per uur en hoogstens 40 kilometer per uur overschreden wordt, of :   - de toegelaten maximumsnelheid met meer dan 20 kilometer per uur en hoogstens 30 kilometer per uur overschreden wordt in een bebouwde kom, in een zone 30, schoolomgeving, erf of woonerf.) <W 2005-07-20/52, art. 10, 3°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   4° indien hij veroordeelt wegens enige overtreding van deze wet en van de reglementen uitgevaardigd ter uitvoering ervan en de schuldige binnen [1 drie jaar]1 vóór de overtreding driemaal hieromtrent werd veroordeeld;   (5° indien hij veroordeelt wegens overtreding (van de artikelen 30, § 1 of 33, § 1) (, 33, § 3, 1°);) <W 2003-02-07/38, art. 19, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004> <W 2005-07-20/52, art. 10, 4°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006> <W 2007-06-04/33, art. 3, 1°, 020; Inwerkingtreding : 01-01-2009>   De vervallenverklaringen uitgesproken krachtens deze paragraaf bedragen ten minste acht dagen en ten hoogste vijf jaar; zij kunnen evenwel uitgesproken worden voor een periode van meer dan vijf jaar [5 of levenslang indien de schuldige veroordeeld wordt voor een inbreuk op artikel [9 107 of 107/1]9 van het Strafwetboek of binnen de drie jaar]5 vóór de overtredingen bedoeld in 1° en 5°, veroordeeld is wegens een van deze overtredingen [3 en voor het geval bedoeld in 4°]3.   (§ 2. Indien de rechter tegelijkertijd veroordeelt wegens een overtreding van artikel [9 107 of 107/1]9 van het Strafwetboek en wegens een overtreding van de artikelen (29, § 1 en § 3), 34, § 2, 35 of 37bis, § 1, van deze gecoördineerde wetten, zal het verval van het recht tot sturen worden uitgesproken voor een duur van ten minste 3 maanden. <W 2005-07-20/52, art. 10, 5°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   Het herstel in het recht tot sturen is afhankelijk van het slagen voor de vier examens en onderzoeken bedoeld in § 3, eerste lid. [8 De opleiding bedoeld in § 3, 5°, kan ter aanvulling of ter vervanging van het theoretisch en het praktisch examen opgelegd worden.]8   Indien hij tegelijkertijd veroordeelt wegens een overtreding van artikel (419) van het Strafwetboek en wegens een overtreding van [9 artikel 36]9, van deze gecoördineerde wetten, zal het verval van het recht tot sturen worden uitgesproken voor een periode van ten minste 1 jaar. <W 2005-07-20/52, art. 10, 5°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   Het herstel in het recht tot sturen is afhankelijk van het slagen voor de vier examens en onderzoeken bedoeld in § 3, eerste lid. [8 De opleiding bedoeld in § 3, 5°, kan ter aanvulling of ter vervanging van het theoretisch en het praktisch examen opgelegd worden.]8   Indien hij tegelijkertijd veroordeelt wegens een overtreding van artikel [9 218]9 van het Strafwetboek en wegens een overtreding van de artikelen 36 of 37bis, § 2, van deze gecoördineerde wetten, zal het verval van het recht tot sturen worden uitgesproken voor een periode van ten minste 6 maanden. <W 2005-07-20/52, art. 10, 5°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   Het herstel in het recht tot sturen is afhankelijk van het slagen voor de vier examens en onderzoeken bedoeld in § 3, eerste lid.) [8 De opleiding bedoeld in § 3, 5°, kan ter aanvulling of ter vervanging van het theoretisch en het praktisch examen opgelegd worden.]8 <W2003-02-07/38, art. 19, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004>   § 2bis. ([3 Behoudens in geval van artikel 37/1 [5 ...]5 of als hij het herstel in het recht tot sturen afhankelijk maakt van het slagen voor een of meer van de in § 3 vermelde [8 examens en onderzoeken en/of van het volgen van een opleiding bedoeld in dezelfde paragraaf]8, kan de rechter]3 lastens iedere bestuurder houder van een rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs, bevelen dat het effectief verval enkel wordt uitgevoerd :   - van vrijdag om 20 uur tot zondag om 20 uur;   - van 20 uur op de vooravond van een feestdag tot 20 uur op die feestdag.) <W 2005-07-20/52, art. 10, 6°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   § 3. De rechter kan het herstel in het recht tot sturen afhankelijk maken van het [8 voldoen aan de hierna vermelde herstelvoorwaarden]8 : <W 2003-02-07/38, art. 19, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004>   1° een theoretisch (examen); <W 2003-02-07/38, art. 19, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004>   2° een praktisch (examen); <W 2003-02-07/38, art. 19, 011; Inwerkingtreding : onbepaald >   3° een geneeskundig onderzoek;   4° een psychologisch onderzoek;   (5° [5 een specifieke opleiding]5 bepaald door de Koning.) <W 2003-02-07/38, art. 19, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004>   [5 ...]5   (§ 4. [5 ...]5   (§ 5. De rechter moet het verval van het recht tot sturen uitspreken en het herstel van het recht tot sturen minstens afhankelijk maken van het slagen voor het theoretisch of praktisch examen indien hij veroordeelt wegens een overtreding begaan met een motorvoertuig die tot een verval van het recht tot sturen kan leiden en de schuldige sinds minder dan twee jaar houder is van het rijbewijs B. [8 De opleiding bedoeld in § 3, 5°, kan ter aanvulling of ter vervanging van het theoretisch en praktisch examen opgelegd worden]8 [9 hetzij houder is van een als zodanig geldend bewijs]9.   Het eerste lid is niet van toepassing op artikel 38, § 1, 2°, [9 in geval van een integriteitsaantasting bedoeld in artikel 79, 15°, van het Strafwetboek]9.   Het eerste lid is niet van toepassing op de overtredingen van de tweede graad, zoals bedoeld in artikel 29, § 1.) <W 2007-04-21/05, art. 2, 019; Inwerkingtreding : 01-09-2007>   [3 § 6. [6 [7 Behoudens in geval van § 7, moet de rechter]7 het verval van het recht tot het besturen van een motorvoertuig van ten minste drie maanden uitspreken en het herstel van het recht tot sturen afhankelijk maken van het slagen voor de vier examens en onderzoeken bedoeld in § 3, eerste lid, wanneer de schuldige, na een veroordeling met toepassing van de artikelen 29, § 1, eerste lid, 29, § 3, derde lid, 30, §§ 1, 2 en 3, 33, §§ 1 en 2, 34, § 2, 35, 37, 37bis, § 1, 48, 62bis of artikel 22 van de wet van 21 november 1989 betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen, één van deze bepalingen binnen drie jaar te rekenen van de dag van de uitspraak van een vorig veroordelend vonnis dat in kracht van gewijsde is gegaan, opnieuw overtreedt.    In geval van herhaling binnen drie jaar na een veroordeling waarin toepassing is gemaakt van het eerste lid, en die in kracht van gewijsde is gegaan voor één van de in het eerste lid bedoelde overtredingen, bedraagt het verval van het recht tot het besturen van een motorvoertuig ten minste zes maanden en is het herstel van het recht tot sturen afhankelijk van het slagen voor de vier examens en onderzoeken bedoeld in § 3, eerste lid.    In geval van nieuwe herhaling binnen drie jaar na een veroordeling waarin toepassing is gemaakt van het tweede lid of dit lid, en die in kracht van gewijsde is gegaan voor één van de in het eerste lid bedoelde overtredingen, bedraagt het verval van het recht tot het besturen van een motorvoertuig ten minste negen maanden en is het herstel van het recht tot sturen afhankelijk van het slagen voor de vier examens en onderzoeken bedoeld in § 3, eerste lid.]6]3   [8 Wanneer de huidige paragraaf wordt toegepast kan de opleiding bedoeld in § 3, 5°, ter aanvulling of ter vervanging van het theoretisch en het praktisch examen opgelegd worden.]8   [4 § 7. De rechter is niet verplicht om het verval van het recht tot het besturen van een motorvoertuig uit te spreken en het herstel in het recht tot sturen afhankelijk te maken van [8 een opleiding en/of]8 examens of onderzoeken, indien de overtreding werd begaan met een voertuig dat niet in aanmerking komt voor de vervallenverklaring [7 of indien de overtreding werd begaan door een voetganger]7.]4   [5 § 8. De [8 opleiding en/of]8 examens en onderzoeken waarvan het herstel in het recht tot sturen afhankelijk wordt gemaakt, bedoeld in dit artikel, zijn niet van toepassing in de volgende gevallen :    1° indien de vervallenverklaarde niet voldoet aan de door de Koning bepaalde voorwaarden om een Belgisch rijbewijs te kunnen verkrijgen;    2° wanneer een levenslang verval van het recht tot sturen als straf is uitgesproken.]5   ----------   (1)<W 2011-12-02/32, art. 11, 027; Inwerkingtreding : 01-02-2012>   (2)<W 2014-03-09/16, art. 9, 033; Inwerkingtreding : 01-07-2014 >   (3)<W 2014-03-09/16, art. 9, 033; Inwerkingtreding : 01-01-2015. Zie ook art. 35 (NOTA)>   (4)<W 2017-07-18/12, art. 2, 040; Inwerkingtreding : 01-10-2017>   (5)<W 2018-03-06/04, art. 11, 042; Inwerkingtreding : 15-02-2018>   (6)<W 2018-09-02/16, art. 2, 044; Inwerkingtreding : 12-10-2018>   (7)<W 2019-05-08/17, art. 2, 047; Inwerkingtreding : 01-09-2019>   (8)<W 2024-05-16/38, art. 5, 062; Inwerkingtreding : 01-01-2026>   (9)<W 2026-05-25/12, art. 20, 063; Inwerkingtreding : 01-09-2026>

    Deze Justel-variant behoudt een verwijzing naar artikel 419. Controleer artikel 20 van de wijzigingswet en de authentieke publicatie afzonderlijk.

    Open in Justel ↗
  2. Art. 38 · Vlaanderen

    Brontekst

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING I. - VERVAL UITGESPROKEN ALS STRAF.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 38_VLAAMS_GEWEST.    <W 1990-07-18/37, art. 18, 002; Inwerkingtreding : 01-12-1994, zie KB 1994-11-21/33, art. 3> § 1. De rechter kan het verval van het recht tot het besturen van een motorvoertuig uitspreken :   (1° indien hij veroordeelt wegens overtreding van de artikelen 34, 37, 37bis, § 1, (...)[2 49/1]2 of 62bis;) <W 2003-02-07/38, art. 19, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004> <W 2005-07-20/52, art. 10, 1°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   2° indien hij veroordeelt wegens een verkeersongeval te wijten aan het persoonlijk toedoen van de dader en de veroordeling wordt uitgesproken wegens doding of verwonding;   3° (indien hij veroordeelt wegens een van de overtredingen van de tweede of de derde graad, zoals bedoeld in artikel 29, § 1;) <W 2005-07-20/52, art. 10, 2°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   (3°bis indien hij veroordeelt wegens het overschrijden van de toegelaten maximumsnelheid bepaald in de reglementen uitgevaardigd op grond van deze gecoördineerde wetten, op basis van artikel 29,§ 3, wanneer :   - de toegelaten maximumsnelheid met meer dan 30 kilometer per uur en hoogstens 40 kilometer per uur overschreden wordt, of :   - de toegelaten maximumsnelheid met meer dan 20 kilometer per uur en hoogstens 30 kilometer per uur overschreden wordt in een bebouwde kom, in een zone 30, schoolomgeving, erf of woonerf.) <W 2005-07-20/52, art. 10, 3°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   4° indien hij veroordeelt wegens enige overtreding van deze wet en van de reglementen uitgevaardigd ter uitvoering ervan en de schuldige binnen [1 drie jaar]1 vóór de overtreding driemaal hieromtrent werd veroordeeld;   (5° indien hij veroordeelt wegens overtreding van de [8 artikel 30, § 1 en § 2, 1°, artikel 33, § 1 of § 3, 1°]8 <W 2003-02-07/38, art. 19, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004> <W 2005-07-20/52, art. 10, 4°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006> <W 2007-06-04/33, art. 3, 1°, 020; Inwerkingtreding : 01-01-2009>   De vervallenverklaringen uitgesproken krachtens deze paragraaf bedragen ten minste acht dagen en ten hoogste vijf jaar; zij kunnen evenwel uitgesproken worden voor een periode van meer dan vijf jaar [5 of levenslang indien de schuldige veroordeeld wordt voor een inbreuk op artikel 419 van het Strafwetboek of binnen de drie jaar]5 vóór de overtredingen bedoeld in 1° en 5°, veroordeeld is wegens een van deze overtredingen [3 en voor het geval bedoeld in 4°]3.   (§ 2. Indien de rechter tegelijkertijd veroordeelt wegens een overtreding van artikel (419) van het Strafwetboek en wegens een overtreding van de artikelen (29, § 1 en § 3), 34, § 2, 35 of 37bis, § 1, van deze gecoördineerde wetten, zal het verval van het recht tot sturen worden uitgesproken voor een duur van ten minste 3 maanden. <W 2005-07-20/52, art. 10, 5°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   Het herstel in het recht tot sturen is afhankelijk van het slagen voor de vier examens en onderzoeken bedoeld in § 3, eerste lid.   Indien hij tegelijkertijd veroordeelt wegens een overtreding van artikel (419) van het Strafwetboek en wegens een overtreding van de artikelen 36 of 37bis, § 2, van deze gecoördineerde wetten, zal het verval van het recht tot sturen worden uitgesproken voor een periode van ten minste 1 jaar. <W 2005-07-20/52, art. 10, 5°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   Het herstel in het recht tot sturen is afhankelijk van het slagen voor de vier examens en onderzoeken bedoeld in § 3, eerste lid.   Indien hij tegelijkertijd veroordeelt wegens een overtreding van artikel (420) van het Strafwetboek en wegens een overtreding van de artikelen 36 of 37bis, § 2, van deze gecoördineerde wetten, zal het verval van het recht tot sturen worden uitgesproken voor een periode van ten minste 6 maanden. <W 2005-07-20/52, art. 10, 5°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   Het herstel in het recht tot sturen is afhankelijk van het slagen voor de vier examens en onderzoeken bedoeld in § 3, eerste lid.) <W2003-02-07/38, art. 19, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004>   § 2bis. ([3 Behoudens in geval van artikel 37/1 [5 ...]5 of als hij het herstel in het recht tot sturen afhankelijk maakt van het slagen voor een of meer van de in § 3 vermelde examens en onderzoeken, kan de rechter]3 lastens iedere bestuurder houder van een rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs, bevelen dat het effectief verval enkel wordt uitgevoerd :   - van vrijdag om 20 uur tot zondag om 20 uur;   - van 20 uur op de vooravond van een feestdag tot 20 uur op die feestdag.) <W 2005-07-20/52, art. 10, 6°, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   § 3. De rechter kan het herstel in het recht tot sturen afhankelijk maken van het slagen voor een of meer van de hiernavermelde (examens enonderzoeken) : <W 2003-02-07/38, art. 19, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004>   1° een theoretisch (examen); <W 2003-02-07/38, art. 19, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004>   2° een praktisch (examen); <W 2003-02-07/38, art. 19, 011; Inwerkingtreding : onbepaald >   3° een geneeskundig onderzoek;   4° een psychologisch onderzoek;   (5° [5 een specifieke opleiding]5 bepaald door de Koning.) <W 2003-02-07/38, art. 19, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004>   [5 ...]5   (§ 4. [5 ...]5   (§ 5. De rechter moet het verval van het recht tot sturen uitspreken en het herstel van het recht tot sturen minstens afhankelijk maken van het slagen voor het theoretisch of praktisch examen indien hij veroordeelt wegens een overtreding begaan met een motorvoertuig die tot een verval van het recht tot sturen kan leiden en de schuldige sinds minder dan twee jaar houder is van het rijbewijs B.   Het eerste lid is niet van toepassing op artikel 38, § 1, 2°, in geval van een verkeersongeval met enkel lichtgewonden.   Het eerste lid is niet van toepassing op de overtredingen van de tweede graad, zoals bedoeld in artikel 29, § 1.) <W 2007-04-21/05, art. 2, 019; Inwerkingtreding : 01-09-2007>   [3 § 6. [6 [7 Behoudens in geval van § 7, moet de rechter]7 het verval van het recht tot het besturen van een motorvoertuig van ten minste drie maanden uitspreken en het herstel van het recht tot sturen afhankelijk maken van het slagen voor de vier examens en onderzoeken bedoeld in § 3, eerste lid, wanneer de schuldige, na een veroordeling met toepassing van de artikelen 29, § 1, eerste lid, 29, § 3, derde lid, 30, §§ 1, 2 en 3, 33, §§ 1 en 2, 34, § 2, 35, 37, 37bis, § 1, 48, 62bis of artikel 22 van de wet van 21 november 1989 betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen, één van deze bepalingen binnen drie jaar te rekenen van de dag van de uitspraak van een vorig veroordelend vonnis dat in kracht van gewijsde is gegaan, opnieuw overtreedt.    In geval van herhaling binnen drie jaar na een veroordeling waarin toepassing is gemaakt van het eerste lid, en die in kracht van gewijsde is gegaan voor één van de in het eerste lid bedoelde overtredingen, bedraagt het verval van het recht tot het besturen van een motorvoertuig ten minste zes maanden en is het herstel van het recht tot sturen afhankelijk van het slagen voor de vier examens en onderzoeken bedoeld in § 3, eerste lid.    In geval van nieuwe herhaling binnen drie jaar na een veroordeling waarin toepassing is gemaakt van het tweede lid of dit lid, en die in kracht van gewijsde is gegaan voor één van de in het eerste lid bedoelde overtredingen, bedraagt het verval van het recht tot het besturen van een motorvoertuig ten minste negen maanden en is het herstel van het recht tot sturen afhankelijk van het slagen voor de vier examens en onderzoeken bedoeld in § 3, eerste lid.]6]3   [4 § 7. De rechter is niet verplicht om het verval van het recht tot het besturen van een motorvoertuig uit te spreken en het herstel in het recht tot sturen afhankelijk te maken van examens of onderzoeken, indien de overtreding werd begaan met een voertuig dat niet in aanmerking komt voor de vervallenverklaring [7 of indien de overtreding werd begaan door een voetganger]7.]4   [5 § 8. De examens en onderzoeken waarvan het herstel in het recht tot sturen afhankelijk wordt gemaakt, bedoeld in dit artikel, zijn niet van toepassing in de volgende gevallen :    1° indien de vervallenverklaarde niet voldoet aan de door de Koning bepaalde voorwaarden om een Belgisch rijbewijs te kunnen verkrijgen;    2° wanneer een levenslang verval van het recht tot sturen als straf is uitgesproken.]5   ----------   (1)<W 2011-12-02/32, art. 11, 027; Inwerkingtreding : 01-02-2012>   (2)<W 2014-03-09/16, art. 9, 033; Inwerkingtreding : 01-07-2014 >   (3)<W 2014-03-09/16, art. 9, 033; Inwerkingtreding : 01-01-2015. Zie ook art. 35 (NOTA)>   (4)<W 2017-07-18/12, art. 2, 040; Inwerkingtreding : 01-10-2017>   (5)<W 2018-03-06/04, art. 11, 042; Inwerkingtreding : 15-02-2018>   (6)<W 2018-09-02/16, art. 2, 044; Inwerkingtreding : 12-10-2018>   (7)<W 2019-05-08/17, art. 2, 047; Inwerkingtreding : 01-09-2019>   (8)<DVR 2024-03-22/20, art. 4, 061; Inwerkingtreding : 06-05-2024>
    Open in Justel ↗
  3. Art. 39 · Federaal

    Brontekst

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING I. - VERVAL UITGESPROKEN ALS STRAF.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 39. Indien ingevolge samenloop van misdrijven de bij deze gecoördineerde wetten bepaalde vrijheidsstraffen en geldboeten niet uitgesproken worden, is dit nochtans wel het geval voor het verval van het recht tot sturen onder de voorwaarden als bepaald in deze wetten.
    Open in Justel ↗
  4. Art. 39 · Federaal

    Latere inwerkingtreding volgens bron

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING I. - VERVAL UITGESPROKEN ALS STRAF.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 39 TOEKOMSTIG RECHT.   <Opgeheven bij W 2026-05-25/12, art. 21, 063; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
    Open in Justel ↗
  5. Art. 40 · Federaal

    Brontekst

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING I. - VERVAL UITGESPROKEN ALS STRAF.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 40.Elk verval dat als straf is uitgesproken, gaat in de vijfde dag na die waarop het openbaar ministerie de kennisgeving aan de veroordeelde heeft gedaan. [2 Zaterdagen, zondagen en wettelijke feestdagen zijn in deze termijn niet inbegrepen]2.   [1 Onverminderd artikel 49/1 wordt ingeval de veroordeelde nalaat zijn rijbewijs [2 of het als zodanig geldend bewijs]2 tijdig te doen toekomen op de griffie, de lopende periode van het verval van rechtswege verlengd met de termijn die is verstreken [2 vanaf de vijfde dag na de in het eerste lid bedoelde kennisgeving tot]2 de datum van effectieve afgifte van het rijbewijs [2 of het als zodanig geldend bewijs]2. [2 Zaterdagen, zondagen en wettelijke feestdagen zijn in deze termijn niet inbegrepen]2 [2 Indien het verval krachtens artikel 38, § 2bis, beperkt is, wordt het verval van rechtswege enkel verlengd indien de afgifte van het rijbewijs [2 of het als zodanig geldend bewijs]2 gebeurt nadat het verval effectief is ingegaan en dit met een termijn gelijk aan het aantal dagen verval dat reeds is uitgevoerd.]2.    Indien er lastens de veroordeelde meerdere vervallenverklaringen als straf zijn uitgesproken, kan het openbaar ministerie deze na de kennisgeving opeenvolgend laten ingaan.]1   [3 In geval van veroordeling bij verstek, wordt bij de in het eerste lid bedoelde kennisgeving melding gemaakt van de rechtsmiddelen die openstaan tegen een verstekvonnis, van de termijnen om die aan te wenden en van de na te leven vormvoorwaarden, overeenkomstig de bepalingen van het Wetboek van Strafvordering.]3   ----------   (1)<W 2012-07-18/14, art. 2, 029; Inwerkingtreding : 01-03-2013>   (2)<W 2014-03-09/16, art. 10, 033; Inwerkingtreding : 01-07-2014>   (3)<W 2019-05-08/17, art. 3, 047; Inwerkingtreding : 01-09-2019>
    Open in Justel ↗
  6. Art. 41 · Federaal

    Brontekst

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING I. - VERVAL UITGESPROKEN ALS STRAF.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 41. <W 2003-02-07/38, art. 20, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004> In de gevallen waarin de rechter in toepassing van deze wet een verval van het recht tot sturen uitspreekt, moet hij, indien hij gebruik wenst te maken van artikel 8, § 1 van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie een effectief gedeelte opleggen van minimum acht dagen.
    Open in Justel ↗
  7. Art. 41 · Federaal

    Latere inwerkingtreding volgens bron

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING I. - VERVAL UITGESPROKEN ALS STRAF.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 41 TOEKOMSTIG RECHT.    <W 2003-02-07/38, art. 20, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004> In de gevallen waarin de rechter in toepassing van deze wet een verval van het recht tot sturen uitspreekt, moet hij, indien hij gebruik wenst te maken van [1 artikel 65 van het Strafwetboek]1 een effectief gedeelte opleggen van minimum acht dagen.   ----------   (1)<W 2026-05-25/12, art. 22, 063; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
    Open in Justel ↗
  8. Art. 42 · Federaal

    Brontekst

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING II. - VERVAL UITGESPROKEN WEGENS (LICHAMELIJKE OF GEESTELIJKE ONGESCHIKTHEID). <W 2005-07-20/52, art. 11, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 42.[1 Verval van het recht tot sturen moet uitgesproken worden wanneer, naar aanleiding van een veroordeling of opschorting van straf of internering wegens overtreding van de politie over het wegverkeer of wegens een verkeersongeval te wijten aan het persoonlijk toedoen van de dader, de schuldige lichamelijk of geestelijk ongeschikt wordt bevonden tot het besturen van een motorvoertuig.    De uitspraak van dit verval is mogelijk in elke graad van veroordeling, ongeacht wie het rechtsmiddel heeft ingesteld.    De duur van het verval van het recht tot sturen is afhankelijk van het bewijs dat betrokkene niet meer ongeschikt is om een motorvoertuig te besturen.]1   ----------   (1)<W 2018-03-06/04, art. 12, 042; Inwerkingtreding : 15-02-2018>
    Open in Justel ↗
  9. Art. 42 · Federaal

    Latere inwerkingtreding volgens bron

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING II. - VERVAL UITGESPROKEN WEGENS (LICHAMELIJKE OF GEESTELIJKE ONGESCHIKTHEID). <W 2005-07-20/52, art. 11, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 42 TOEKOMSTIG RECHT.    [1 Verval van het recht tot sturen moet uitgesproken worden wanneer, naar aanleiding van een veroordeling of opschorting van straf of internering wegens overtreding van de politie over het wegverkeer of wegens een verkeersongeval te wijten aan het persoonlijk toedoen van de dader [2 of wegens overtreding van artikel 107, 107/1 of 218 van het Strafwetboek]2, de schuldige lichamelijk of geestelijk ongeschikt wordt bevonden tot het besturen van een motorvoertuig.    De uitspraak van dit verval is mogelijk in elke graad van veroordeling, ongeacht wie het rechtsmiddel heeft ingesteld.    De duur van het verval van het recht tot sturen is afhankelijk van het bewijs dat betrokkene niet meer ongeschikt is om een motorvoertuig te besturen.]1   ----------   (1)<W 2018-03-06/04, art. 12, 042; Inwerkingtreding : 15-02-2018>   (2)<W 2026-05-25/12, art. 23, 063; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
    Open in Justel ↗
  10. Art. 43 · Federaal

    Brontekst

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING II. - VERVAL UITGESPROKEN WEGENS (LICHAMELIJKE OF GEESTELIJKE ONGESCHIKTHEID). <W 2005-07-20/52, art. 11, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 43. Het verval van het recht tot sturen wegens lichamelijke (of geestelijke) ongeschiktheid van de bestuurder gaat in bij de uitspraak van de beslissing wanneer deze op tegenspraak is gewezen en bij de betekening wanneer zij bij verstek is gewezen, niettegenstaande voorziening. <W 2005-07-20/52, art. 11, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>
    Open in Justel ↗
  11. Art. 44 · Federaal

    Brontekst

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING II. - VERVAL UITGESPROKEN WEGENS (LICHAMELIJKE OF GEESTELIJKE ONGESCHIKTHEID). <W 2005-07-20/52, art. 11, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 44.[1 Hij die wegens lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid van het recht tot sturen vervallen is verklaard, kan, na minstens zes maanden te rekenen van de dag van de uitspraak van het vonnis dat in kracht van gewijsde is gegaan, een herziening vragen via een aan het openbaar ministerie gericht verzoekschrift voor het gerecht dat het verval heeft uitgesproken. Tegen de uitspraak van dit gerecht staat geen hoger beroep open.    Wordt het verzoek afgewezen dan kan geen nieuw verzoek worden ingediend voordat een termijn van zes maanden te rekenen van de datum van de afwijzing, is verstreken.]1   ----------   (1)<W 2018-03-06/04, art. 13, 042; Inwerkingtreding : 15-02-2018>
    Open in Justel ↗
  12. Art. 45 · Federaal

    Brontekst

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING III. - BEPALINGEN GEMEEN AAN DE VERVALLENVERKLARING VAN HET RECHT TOT STUREN.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 45.<W 1990-07-18/37, art. 22, 002; Inwerkingtreding : 01-01-1992 (KB 1991-07-18/43, art. 48)> [1 Behalve in geval van artikel 37/1 [2 ...]2 of als hij het herstel in het recht tot sturen afhankelijk maakt van het slagen voor een of meer van de in artikel 38, § 3, vermelde examens en onderzoeken, kan de rechter]1 het verval van het recht tot sturen beperken tot de categorieën van voertuigen die hij aangeeft overeenkomstig de bepalingen vastgesteld door de Koning krachtens artikel 26.   [4 Evenwel kan de rechter, indien hij deze beslissing uitdrukkelijk motiveert, het verval van het recht tot sturen van een motorvoertuig uitbreiden naar andere specifiek omschreven voertuigen die geen motorvoertuig zijn. Voertuigen gebruikt door personen met een sterk beperkte mobiliteit, waarmee niet sneller dan stapvoets kan worden gereden, zijn van deze uitbreiding uitgesloten.]4   (Wanneer de overtreding met een motorvoertuig werd begaan, moet het verval ten minste betrekking hebben op de categorie van voertuigen waarmee de overtreding die aanleiding heeft gegeven tot verval, werd begaan.) <W 2005-07-20/52, art. 12, 014 ; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   [3 Indien de rechter het herstel in het recht tot sturen afhankelijk maakt van het slagen voor een of meer van de in artikel 38, § 3, bedoelde examens, kan hij deze maatregel beperken tot de categorie van voertuigen waarmee de overtreding die aanleiding heeft gegeven tot verval, werd begaan.]3   ----------   (1)<W 2014-03-09/16, art. 11, 033; Inwerkingtreding : 01-07-2014>   (2)<W 2018-03-06/04, art. 14, 042; Inwerkingtreding : 01-07-2018>   (3)<W 2018-06-27/14, art. 2, 043; Inwerkingtreding : 09-08-2018>   (4)<W 2026-05-25/12, art. 24, 063; Inwerkingtreding : 01-07-2026>
    Open in Justel ↗
  13. Art. 46 · Federaal

    Brontekst

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING III. - BEPALINGEN GEMEEN AAN DE VERVALLENVERKLARING VAN HET RECHT TOT STUREN.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 46. <W 1990-07-18/37, art. 23, 002; Inwerkingtreding : 01-10-1998> De Koning bepaalt de formaliteiten die moeten worden vervuld met betrekking tot de uitvoering van de vervallenverklaringen van het recht tot sturen.
    Open in Justel ↗
  14. Art. 47 · Federaal

    Brontekst

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING III. - BEPALINGEN GEMEEN AAN DE VERVALLENVERKLARING VAN HET RECHT TOT STUREN.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 47.<W 09-07-1976, art. 18; Inwerkingtreding : 14-02-1977 (zie KB 1977-02-01, (B.S. 08-02-1977))> Hij die verval van het recht tot sturen heeft opgelopen na 25 mei 1965 en onderworpen werd aan [1 een opleiding of een geneeskundig of psychologisch onderzoek of een theoretisch of praktisch examen]1, mag, wanneer het verval geëindigd is, een voertuig van een der categorieën waarop de beslissing van vervallenverklaring slaat, slechts besturen mits hij met goed gevolg het opgelegd onderzoek heeft ondergaan [1 , geslaagd is voor het opgelegde examen of de opgelegde opleiding heeft gevolgd]1.   De Koning bepaald de organisatie en de nadere regels van dit onderzoek [1 , examen of deze opleiding]1 en stelt het tarief vast van de ten bate van de Staat of van de erkende instellingen te heffen retributies om de kosten ervan te dekken.   ----------   (1)<W 2024-05-16/38, art. 6, 062; Inwerkingtreding : 01-01-2026>
    Open in Justel ↗
  15. Art. 48 · Federaal

    Brontekst

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING III. - BEPALINGEN GEMEEN AAN DE VERVALLENVERKLARING VAN HET RECHT TOT STUREN.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 48.<W 09-07-1976, art. 19; Inwerkingtreding : 14-02-1977 (zie KB 1977-02-01, (B.S. 08-02-1977))> Met gevangenisstraf (van vijftien dagen tot [4 twee jaar]4) en met geldboete van 500 (euro) tot 2.000 (euro) of met een van die straffen alleen (en met het verval van het recht tot het besturen van een motorvoertuig voor een duur van ten minste drie maanden en ten hoogste vijf jaar of [3 levenslang]3), wordt gestraft, hij die : <W 2003-02-07/38, art. 21, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004>   1° een voertuig of een luchtschip bestuurt, een rijdier geleidt of een bestuurder begeleidt met het oog op de scholing, spijts het tegen hem uitgesproken verval;2° een motorvoertuig bestuurt van de categorie bedoeld in de beslissing van vervallenverklaring of een bestuurder begeleidt met het oog op de scholing, zonder [5 te hebben voldaan aan de herstelvoorwaarden bedoeld in artikel 38, § 3]5.   [1 [2 De gevangenisstraffen en geldboeten]2 worden verdubbeld bij herhaling binnen drie jaar te rekenen van de dag van de uitspraak van een vorig veroordelend vonnis dat in kracht van gewijsde is gegaan.]1   ----------   (1)<W 2012-07-18/15, art. 2, 030; Inwerkingtreding : 01-03-2013>   (2)<W 2014-03-09/16, art. 12, 033; Inwerkingtreding : 01-01-2015. Zie ook art. 35 (NOTA)>   (3)<W 2018-03-06/04, art. 6, 042; Inwerkingtreding : 15-02-2018>   (4)<W 2018-03-06/04, art. 15, 042; Inwerkingtreding : 15-02-2018>   (5)<W 2024-05-16/38, art. 7, 062; Inwerkingtreding : 01-01-2026>
    Open in Justel ↗
  16. Art. 48 · Federaal

    Latere inwerkingtreding volgens bron

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING III. - BEPALINGEN GEMEEN AAN DE VERVALLENVERKLARING VAN HET RECHT TOT STUREN.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 48 TOEKOMSTIG RECHT.    <W 09-07-1976, art. 19; Inwerkingtreding : 14-02-1977 (zie KB 1977-02-01, (B.S. 08-02-1977))> [6 § 1.]6 [6 Met een straf van niveau 2]6 (en met het verval van het recht tot het besturen van een motorvoertuig voor een duur van ten minste drie maanden en ten hoogste vijf jaar of [3 levenslang]3), wordt gestraft, hij die : <W 2003-02-07/38, art. 21, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004>   1° een voertuig of een luchtschip bestuurt, een rijdier geleidt of een bestuurder begeleidt met het oog op de scholing, spijts het tegen hem uitgesproken verval;2° een motorvoertuig bestuurt van de categorie bedoeld in de beslissing van vervallenverklaring of een bestuurder begeleidt met het oog op de scholing, zonder [5 te hebben voldaan aan de herstelvoorwaarden bedoeld in artikel 38, § 3]5.   [6 In afwijking van artikel 52, § 1, tweede lid, 7°, van het Strafwetboek bedraagt de geldboete 4000 euro tot 16.000 euro. Ingeval een straf van niveau 1 wordt toegepast bij aanneming van verzachtende omstandigheden, bedraagt de geldboete, in afwijking van artikel 36, negende lid, 1°, van het Strafwetboek, 4000 euro tot 16.000 euro]6   [6 § 2. Bij herhaling binnen drie jaar, te rekenen van de dag van de uitspraak van een vorig veroordelend vonnis met toepassing van huidige bepaling, dat in kracht van gewijsde is gegaan, kan een straf van niveau 3 worden opgelegd. In afwijking van artikel 52, § 1, tweede lid, 6°, van het Strafwetboek bedraagt de geldboete 8000 euro tot 32.000 euro.    Ingeval een straf van niveau 2 wordt toegepast bij aanneming van verzachtende omstandigheden, bedraagt de geldboete, in afwijking van artikel 52, § 1, tweede lid, 7°, van het Strafwetboek, 8000 euro tot 32.000 euro.    Ingeval een straf van niveau 1 wordt toegepast bij aanneming van verzachtende omstandigheden, bedraagt de geldboete, in afwijking van artikel 36, negende lid, 1°, van het Strafwetboek 8000 euro tot 32.000 euro.]6   ----------   (1)<W 2012-07-18/15, art. 2, 030; Inwerkingtreding : 01-03-2013>   (2)<W 2014-03-09/16, art. 12, 033; Inwerkingtreding : 01-01-2015. Zie ook art. 35 (NOTA)>   (3)<W 2018-03-06/04, art. 6, 042; Inwerkingtreding : 15-02-2018>   (4)<W 2018-03-06/04, art. 15, 042; Inwerkingtreding : 15-02-2018>   (5)<W 2024-05-16/38, art. 7, 062; Inwerkingtreding : 01-01-2026>   (6)<W 2026-05-25/12, art. 25, 063; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
    Open in Justel ↗
  17. Art. 49 · Federaal

    Brontekst

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING III. - BEPALINGEN GEMEEN AAN DE VERVALLENVERKLARING VAN HET RECHT TOT STUREN.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 49. <W 09-07-1976, art. 20; Inwerkingtreding : 14-02-1977 (zie KB 1977-02-01, (B.S. 08-02-1977))> (Hij die wetens een motorvoertuig voor het besturen of voor de begeleiding met het oog op de scholing, toevertrouwt aan een persoon die van het recht tot sturen vervallen is verklaard, wordt gestraft met een geldboete van 100 (euro) tot 1 000 (euro).) <W 1990-07-18/37, art. 25, 002; Inwerkingtreding : 01-01-1992 (KB 1991-07-18/43, art. 48)> <W 2003-02-07/38, art. 22, 011; Inwerkingtreding : 01-03-2004>   Deze bepaling is niet van toepassing op het personeelslid van een erkende rijschool die een regelmatig ingeschreven leerling begeleidt die zich voorbereidt op het praktisch examen opgelegd krachtens de artikelen 23, 2°, of 38.
    Open in Justel ↗
  18. Art. 49 · Federaal

    Latere inwerkingtreding volgens bron

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING III. - BEPALINGEN GEMEEN AAN DE VERVALLENVERKLARING VAN HET RECHT TOT STUREN.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 49 TOEKOMSTIG RECHT.    [1 Hij die opzettelijk een motorvoertuig voor het besturen of voor de begeleiding met het oog op de scholing, toevertrouwt aan een persoon die van het recht tot sturen vervallen is verklaard of die niet voldaan heeft aan de herstelvoorwaarden bedoeld in artikel 38, § 3, [2 of van wie het recht tot sturen geschorst is overeenkomstig artikel 65/1, § 10,]2 wordt gestraft met een straf van niveau 1. In afwijking van artikel 36, negende lid, 1°, en artikel 38, negende lid, 1°, van het Strafwetboek, bedraagt de geldboete 800 euro tot 8000 euro]1.   Deze bepaling is niet van toepassing op het personeelslid van een erkende rijschool die een regelmatig ingeschreven leerling begeleidt die zich voorbereidt op het praktisch examen opgelegd krachtens de artikelen 23, 2°, of 38.   ----------   (1)<W 2026-05-25/12, art. 26, 063; Inwerkingtreding : 01-09-2026>   (2)<W 2026-05-25/12, art. 26.2°, 063; Inwerkingtreding : onbepaald >
    Open in Justel ↗
  19. Art. 49/1 · Federaal

    Brontekst

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING III. - BEPALINGEN GEMEEN AAN DE VERVALLENVERKLARING VAN HET RECHT TOT STUREN.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 49/1.[1 Met geldboete van 200 euro tot 2000 euro [2 ...]2 wordt gestraft hij die, nadat tegen hem een verval van het recht op sturen werd uitgesproken, zijn rijbewijs [2 of het als zodanig geldend bewijs]2 niet inlevert binnen de door de Koning bepaalde termijn.    In geval van verzachtende omstandigheden kan de geldboete verminderd worden, zonder dat ze minder dan één euro mag bedragen.    De straffen worden verdubbeld bij herhaling binnen drie jaar te rekenen van de dag van de uitspraak van een vorig veroordelend vonnis dat in kracht van gewijsde is gegaan.]1   ----------   (1)<Ingevoegd bij W 2012-07-18/14, art. 3, 029; Inwerkingtreding : 01-03-2013>   (2)<W 2014-03-09/16, art. 13, 033; Inwerkingtreding : 01-07-2014>
    Open in Justel ↗
  20. Art. 49/1 · Federaal

    Latere inwerkingtreding volgens bron

    TITEL IV. - STRAFBEPALINGEN EN VEILIGHEIDSMAATREGELEN. / HOOFDSTUK VI. - VERVAL VAN HET RECHT TOT STUREN. / AFDELING III. - BEPALINGEN GEMEEN AAN DE VERVALLENVERKLARING VAN HET RECHT TOT STUREN.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 49/1 TOEKOMSTIG RECHT.    [1 [3 Met een straf van niveau 1]3 [2 ...]2 wordt gestraft hij die, nadat tegen hem een verval van het recht op sturen werd uitgesproken, zijn rijbewijs [2 of het als zodanig geldend bewijs]2 niet inlevert binnen de door de Koning bepaalde termijn. [3 In afwijking van artikel 36, negende lid, 1°, van het Strafwetboek bedraagt de geldboete 1600 euro tot 16.000 euro.]3    [3 De geldboete wordt verdubbeld bij herhaling binnen drie jaar, te rekenen van de dag van de uitspraak van een vorig veroordelend vonnis met toepassing van de huidige bepaling, dat in kracht van gewijsde is gegaan.]3.]1   ----------   (1)<Ingevoegd bij W 2012-07-18/14, art. 3, 029; Inwerkingtreding : 01-03-2013>   (2)<W 2014-03-09/16, art. 13, 033; Inwerkingtreding : 01-07-2014>   (3)<W 2026-05-25/12, art. 27, 063; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
    Open in Justel ↗