Gratis brononderzoek

Wetboek van Strafvordering

Strafrechtelijke onderzoeks- en procesregels.

Zoek en lees de officiële bronteksten gratis. Gebruik Pro om geselecteerde artikelen te onderzoeken met uw dossierfeiten.

← Alle wetgeving

Deze bronopname bewaart gewestelijke varianten, opheffingsvermeldingen en eventuele latere inwerkingtredingen. Ze bepaalt niet automatisch welke versie op uw dossier van toepassing is. Controleer datum, regio en authentieke wijzigingen.

Bronopname: 2026-10-03 · Bijgewerkt volgens bron: 2026-03-18

Open officiële bron ↗
Afzonderlijke brononderdelen

Onderzoek deze wet in Pro

Verbind maximaal vier artikelen uit deze bibliotheek met uw dossierfeiten. Ontvang een brongebonden analyse en exporteer een memo. Een bronvraag kost 1 AI-credit binnen uw bestaande Pro-abonnement.

Verken Pro voor deze wet →

Artikelen

921 bronvarianten

  1. Art. 469 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK II. - WEERSPANNIGHEID AAN DE WET.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 469. (Opgeheven) <W 2000-06-30/47, art. 41, 005; Inwerkingtreding : 27-03-2001>
    Open officiële bron ↗
  2. Art. 470 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK II. - WEERSPANNIGHEID AAN DE WET.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 470. (Opgeheven) <W 2000-06-30/47, art. 41, 005; Inwerkingtreding : 27-03-2001>
    Open officiële bron ↗
  3. Art. 471 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK II. - WEERSPANNIGHEID AAN DE WET.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 471. (Opgeheven) <W 2000-06-30/47, art. 41, 005; Inwerkingtreding : 27-03-2001>
    Open officiële bron ↗
  4. Art. 472 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK II. - WEERSPANNIGHEID AAN DE WET.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 472. (Opgeheven) <W 2000-06-30/47, art. 41, 005; Inwerkingtreding : 27-03-2001>
    Open officiële bron ↗
  5. Art. 473 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK II. - WEERSPANNIGHEID AAN DE WET.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 473. (Opgeheven) <W 2000-06-30/47, art. 41, 005; Inwerkingtreding : 27-03-2001>
    Open officiële bron ↗
  6. Art. 474 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK II. - WEERSPANNIGHEID AAN DE WET.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 474. (Opgeheven) <W 2000-06-30/47, art. 41, 005; Inwerkingtreding : 27-03-2001>
    Open officiële bron ↗
  7. Art. 475 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK II. - WEERSPANNIGHEID AAN DE WET.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 475. (Opgeheven) <W 2000-06-30/47, art. 41, 005; Inwerkingtreding : 27-03-2001>
    Open officiële bron ↗
  8. Art. 476 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK II. - WEERSPANNIGHEID AAN DE WET.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 476. (Opgeheven) <W 2000-06-30/47, art. 41, 005; Inwerkingtreding : 27-03-2001>
    Open officiële bron ↗
  9. Art. 477 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK II. - WEERSPANNIGHEID AAN DE WET.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 477. (Opgeheven) <W 2000-06-30/47, art. 41, 005; Inwerkingtreding : 27-03-2001>
    Open officiële bron ↗
  10. Art. 478 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK II. - WEERSPANNIGHEID AAN DE WET.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 478. (Opgeheven) <W 2000-06-30/47, art. 41, 005; Inwerkingtreding : 27-03-2001>
    Open officiële bron ↗
  11. Art. 479 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK III. [1 DE VERVOLGING VAN EN HET ONDERZOEK NAAR [2 MISDRIJVEN]2 INZAKE MAGISTRATEN]1 / AFDELING I. [1 - Algemene bepalingen.]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 479.[1 Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt onder een bij een misdrijf betrokken magistraat verstaan hij die van het plegen van een [2 misdrijf]2 verdacht, in verdenking gesteld, beklaagd of beschuldigd wordt en die op het moment van het misdrijf of op het moment van de vervolging een van volgende ambten bekleedt:    - vrederechter of rechter in de politierechtbank [met uitzondering van de plaatsvervangende rechters];    - magistraat in of bij de rechtbank van eerste aanleg, de arbeidsrechtbank of de ondernemingsrechtbank, met uitzondering van de rechters in sociale zaken, de rechters in ondernemingszaken [of de plaatsvervangende rechters];    - magistraat in of bij het Hof van Cassatie, het hof van beroep of het arbeidshof, met uitzondering van de raadsheren in sociale zaken [of de plaatsvervangende raadsheren];    - elke andere magistraat van het openbaar ministerie;    - magistraat van het Grondwettelijk Hof, de Raad van State, het auditoraat bij de Raad van State, het Rekenhof of de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen;   [3 - referendaris bij het Hof van Cassatie;]3   [4 - referendaris bij het Grondwettelijk Hof.]4    Dit hoofdstuk is niet van toepassing op handelingen door de bij een misdrijf betrokken magistraat gesteld na zijn opruststelling, tenzij hij het ambt van plaatsvervangend magistraat bekleedt of zijn ambt verder uitoefent overeenkomstig de artikelen 156bis, 383, §§ 2 tot 4, en 383bis van het Gerechtelijk Wetboek.]1   (NOTA : bij arrest nr. 125/2025 van 25-09-2025 (2025-09-25/14, B.St. 15-10-2025, p. 80143), heeft het Grondwettelijk Hof in artikel 479, eerste lid, eerste streepje, van het Wetboek van strafvordering de woorden " met uitzondering van de plaatsvervangende rechters ", in artikel 479, eerste lid, tweede streepje, van hetzelfde Wetboek de woorden " of de plaatsvervangende rechters " en in artikel 479, eerste lid, derde streepje, van hetzelfde Wetboek de woorden " of de plaatsvervangende raadsheren " vernietigd)   ----------   (1)<W 2024-05-15/03, art. 43, 027; Inwerkingtreding : 28-11-2024>   (2)<W 2026-03-11/03, art. 192, 028; Inwerkingtreding : 01-09-2026>   (3)<W 2026-07-02/05, art. 2, 029; Inwerkingtreding : 01-09-2026>   (4)<W 2026-07-20/13, art. 2, 030; Inwerkingtreding : 03-09-2026>
    Open officiële bron ↗
  12. Art. 480 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK III. [1 DE VERVOLGING VAN EN HET ONDERZOEK NAAR [2 MISDRIJVEN]2 INZAKE MAGISTRATEN]1 / AFDELING I. [1 - Algemene bepalingen.]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 480.[1 De overige bepalingen van dit Wetboek die niet in strijd zijn met de in dit hoofdstuk beschreven procedure worden nageleefd.]1   ----------   (1)<W 2024-05-15/03, art. 43, 027; Inwerkingtreding : 28-11-2024>
    Open officiële bron ↗
  13. Art. 481 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK III. [1 DE VERVOLGING VAN EN HET ONDERZOEK NAAR [2 MISDRIJVEN]2 INZAKE MAGISTRATEN]1 / AFDELING I. [1 - Algemene bepalingen.]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 481.[1 Met uitzondering van de misdrijven die tot de bevoegdheid van het hof van assisen behoren, is enkel het hof van beroep bevoegd om bij een misdrijf betrokken magistraten te berechten.]1   ----------   (1)<W 2024-05-15/03, art. 43, 027; Inwerkingtreding : 28-11-2024>
    Open officiële bron ↗
  14. Art. 482 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK III. [1 DE VERVOLGING VAN EN HET ONDERZOEK NAAR [2 MISDRIJVEN]2 INZAKE MAGISTRATEN]1 / AFDELING I. [1 - Algemene bepalingen.]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 482. [1 Een bij een misdrijf betrokken magistraat wordt uitsluitend door de procureur-generaal bij het hof van beroep vervolgd.    De burgerlijkepartijstelling tegen een bij een misdrijf betrokken magistraat is enkel ontvankelijk wanneer deze plaatsvindt bij de onderzoeksmagistraat, de kamer van inbeschuldigingstelling, de correctionele kamer van het hof van beroep of het hof van assisen voor [2 misdrijven]2 die voorafgaandelijk bij hen aanhangig gemaakt werden overeenkomstig dit hoofdstuk.]1   ----------   (1)<W 2024-05-15/03, art. 43, 027; Inwerkingtreding : 28-11-2024>   (2)<W 2026-03-11/03, art. 193, 028; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
    Open officiële bron ↗
  15. Art. 482bis · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK III. [1 DE VERVOLGING VAN EN HET ONDERZOEK NAAR [2 MISDRIJVEN]2 INZAKE MAGISTRATEN]1 / AFDELING I. [1 - Algemene bepalingen.]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 482bis.   <Opgeheven bij W 2024-05-15/03, art. 43, 027; Inwerkingtreding : 28-11-2024>
    Open officiële bron ↗
  16. Art. 483 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK III. [1 DE VERVOLGING VAN EN HET ONDERZOEK NAAR [2 MISDRIJVEN]2 INZAKE MAGISTRATEN]1 / AFDELING II.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 483.[1 Tegen de beslissingen van het hof van beroep, correctionele kamer of de kamer van inbeschuldigingstelling is geen hoger beroep mogelijk.    Tegen de beslissingen van de onderzoekmagistraat kan in dezelfde mate en volgens dezelfde vorm en voorwaarden hoger beroep ingesteld worden als tegen de beslissingen van de onderzoeksrechter in het gemeen recht. Dit hoger beroep wordt ingesteld op de griffie van de kamer van inbeschuldigingstelling. De kamer van inbeschuldigingstelling doet uitspraak overeenkomstig het gemeen recht.]1   ----------   (1)<W 2024-05-15/03, art. 43, 027; Inwerkingtreding : 28-11-2024>
    Open officiële bron ↗
  17. Art. 484 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK III. [1 DE VERVOLGING VAN EN HET ONDERZOEK NAAR [2 MISDRIJVEN]2 INZAKE MAGISTRATEN]1 / Afdeling 2. [1 - Het opsporingsonderzoek en het gerechtelijk onderzoek.]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 484.[1 De ambtsverrichtingen die in het gemeen recht tot de bevoegdheid van de procureur des Konings behoren, worden uitgeoefend door de bevoegde procureur-generaal bij het hof van beroep of de door hem hiertoe aangewezen magistraat van het openbaar ministerie. De ambtsverrichtingen die in het gemeen recht tot de bevoegdheid van de onderzoeksrechter behoren worden door de eerste voorzitter van dit hof, of door de door hem hiertoe aangewezen raadsheer in het hof van beroep of rechter in de rechtbank van eerste aanleg van zijn rechtsgebied uitgeoefend.    Op het hele grondgebied van het Rijk stellen zij of laten zij alle opsporings- of onderzoekhandelingen stellen die tot hun respectieve bevoegdheden behoren. In voorkomend geval brengen zij de procureur-generaal van het rechtsgebied waar de handeling gesteld moet worden hiervan op de hoogte. Deze procureur-generaal licht op zijn beurt de procureur des Konings van het arrondissement waar de handeling gesteld moet worden in.    De bevoegdheden die in het gemeen recht tot de raadkamer behoren worden door de kamer van inbeschuldigingstelling uitgeoefend.]1   ----------   (1)<W 2024-05-15/03, art. 43, 027; Inwerkingtreding : 28-11-2024>
    Open officiële bron ↗
  18. Art. 485 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK III. [1 DE VERVOLGING VAN EN HET ONDERZOEK NAAR [2 MISDRIJVEN]2 INZAKE MAGISTRATEN]1 / Afdeling 2. [1 - Het opsporingsonderzoek en het gerechtelijk onderzoek.]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 485.[1 Bij ontdekking op heterdaad gelden de door dit Wetboek en de bijzondere wetten bepaalde uitzonderingen op het gemeen recht.    Iedere officier van gerechtelijke politie kan een misdrijf ontdekt op heterdaad vaststellen en de nodige maatregelen nemen tot op het moment waarop de in artikel 484 vermelde magistraten optreden.]1   ----------   (1)<W 2024-05-15/03, art. 43, 027; Inwerkingtreding : 28-11-2024>
    Open officiële bron ↗
  19. Art. 486 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK III. [1 DE VERVOLGING VAN EN HET ONDERZOEK NAAR [2 MISDRIJVEN]2 INZAKE MAGISTRATEN]1 / Afdeling 3. [1 - Verwijzing naar een ander rechtsgebied en aangifte van [2 misdrijven]2.]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 486. [1 Indien het een magistraat van of bij een hof van beroep of arbeidshof betreft die bij een misdrijf betrokken is en het bevoegde hof van beroep datgene is van het rechtsgebied van het gerecht waarbij deze magistraat benoemd werd, wordt als volgt gehandeld.    Indien een gerechtelijk onderzoek gevorderd werd, bezorgt de procureur-generaal onverwijld het origineel of een afschrift van de stukken aan de procureur-generaal bij het Hof van Cassatie zonder vertraging van het gerechtelijk onderzoek dat verder gevoerd wordt tot de zaak verwezen wordt volgens de procedure bedoeld in het derde lid.    De procureur-generaal bij het Hof van Cassatie legt het dossier onverwijld voor aan de kamer van dit Hof bevoegd voor de behandeling van cassatieberoepen in [2 strafzaken]2 en hij vordert de verwijzing van de zaak naar een hof van beroep van een ander rechtsgebied dan dat van de bij een misdrijf betrokken magistraat. Zonder de partijen op te roepen doet het Hof van Cassatie onmiddellijk en definitief uitspraak wanneer de in de vordering en de bewijsstukken aangehaalde elementen volstaan voor het bevelen van de verwijzing of wanneer de vordering klaarblijkelijk onontvankelijk is.    Indien geen gerechtelijk onderzoek gevorderd werd en de procureur-generaal van oordeel is dat een gerechtelijk onderzoek moet worden gevoerd of strafvervolging voor de strafrechter moet worden ingesteld, bezorgt hij het origineel of een afschrift van de stukken aan de procureur-generaal bij het Hof van Cassatie die de zaak verwijst naar de procureur-generaal van een ander rechtsgebied dan dat van de bij een misdrijf betrokken magistraat.]1   ----------   (1)<W 2024-05-15/03, art. 43, 027; Inwerkingtreding : 28-11-2024>   (2)<W 2026-03-11/03, art. 196, 028; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
    Open officiële bron ↗
  20. Art. 487 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808121230 / TITEL IV. - ENIGE RECHTSPLEGINGEN VAN BIJZONDERE AARD. / HOOFDSTUK III. [1 DE VERVOLGING VAN EN HET ONDERZOEK NAAR [2 MISDRIJVEN]2 INZAKE MAGISTRATEN]1 / Afdeling 3. [1 - Verwijzing naar een ander rechtsgebied en aangifte van [2 misdrijven]2.]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 487. [1 De minister van Justitie bezorgt de door hem ontvangen aangiften en klachten over een bij een misdrijf betrokken magistraat via een schriftelijke kennisgeving aan de procureur-generaal bij het Hof van Cassatie die deze aan de bevoegde procureur-generaal bij het hof van beroep voor behandeling toezendt.    Een [2 misdrijf]2 in verband met de uitoefening van het ambt van magistraat kan ook rechtstreeks bij het Hof van Cassatie aangegeven worden door de persoon die beweert benadeeld te zijn, maar enkel wanneer hij ook een verzoek tot verhaal op de rechter of op de rechtbank indient of wanneer de aangifte incidenteel gedaan wordt in een zaak die voor het Hof van Cassatie aanhangig is.    In het geval bedoeld in het tweede lid of wanneer bij het onderzoek van een dossier betreffende het verhaal op de rechter of op de rechtbank of van eender welke andere zaak en zonder dat er sprake is van een rechtstreekse of incidentele aangifte, een van de kamers van het Hof van Cassatie een [2 misdrijf]2 vaststelt inzake een magistraat doet zij van deze feiten ambtshalve aangifte bij de procureur-generaal bij het Hof van Cassatie die deze aan de bevoegde procureur-generaal bij het hof van beroep voor behandeling toezendt. Deze kamer kan in dat geval ook beslissen het onderzoek van de hangende zaak op te schorten in afwachting van de beslissing van de procureur-generaal bij het hof van beroep of het in kracht van gewijsde treden van het arrest over de feiten waarvan aangifte werd gedaan.]1   ----------   (1)<W 2024-05-15/03, art. 43, 027; Inwerkingtreding : 28-11-2024>   (2)<W 2026-03-11/03, art. 197, 028; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
    Open officiële bron ↗