Gratis brononderzoek

Externe rechtspositie en strafuitvoering

Strafuitvoeringsmodaliteiten en rechten van veroordeelden en slachtoffers.

Zoek en lees de officiële bronteksten gratis. Gebruik Pro om geselecteerde artikelen te onderzoeken met uw dossierfeiten.

← Alle wetgeving

Deze bronopname bewaart gewestelijke varianten, opheffingsvermeldingen en eventuele latere inwerkingtredingen. Ze bepaalt niet automatisch welke versie op uw dossier van toepassing is. Controleer datum, regio en authentieke wijzigingen.

Bronopname: 2026-10-04 · Bijgewerkt volgens bron: 2026-08-05

Open officiële bron ↗

Onderzoek deze wet in Pro

Verbind maximaal vier artikelen uit deze bibliotheek met uw dossierfeiten. Ontvang een brongebonden analyse en exporteer een memo. Een bronvraag kost 1 AI-credit binnen uw bestaande Pro-abonnement.

Verken Pro voor deze wet →

Artikelen

199 bronvarianten

  1. Art. 95/3 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 2. - Uitvoeringsprocedure van de terbeschikkingstelling <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/3.<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> § 1. De directeur, indien de veroordeelde gedetineerd is, brengt uiterlijk vier maanden voor het verstrijken van de [1 ...]1 hoofdstraf een advies uit.   § 2. Het advies van de directeur omvat een gemotiveerd advies tot vrijheidsbeneming of invrijheidstelling onder toezicht. In voorkomend geval vermeldt hij de bijzondere voorwaarden die hij nodig acht op te leggen aan de veroordeelde.   [4 Artikel 31, §§ 1 en 4, is van toepassing.]4   Indien de veroordeelde een straf ondergaat voor feiten bedoeld in [2 de [5 134 tot 149, 151 tot 168, 171 tot 174, 177 tot 179, 183 voor zover de veroordeling inhoud van extreem pornografische aard betreft, en 185 van het Strafwetboek]5]2, moet het advies worden ingediend samen met een met redenen omkleed advies van een dienst of persoon die gespecialiseerd is in de diagnostische expertise van seksuele delinquenten. Dit advies omvat een beoordeling van de noodzaak om een behandeling op te leggen.   ----------   (1)<W 2014-04-25/23, art. 35, 017; Inwerkingtreding : 24-05-2014>   (2)<W 2016-02-05/11, art. 182, 022; Inwerkingtreding : 29-02-2016>   (3)<W 2016-02-01/09, art. 25, 021; Inwerkingtreding : 29-02-2016>   (4)<W 2019-05-05/18, art. 19, 029; Inwerkingtreding : 01-09-2022>   (5)<W 2026-03-30/02, art. 86, 045; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
    Open officiële bron ↗
  2. Art. 95/4 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 2. - Uitvoeringsprocedure van de terbeschikkingstelling <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/4.<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> Binnen een maand na de ontvangst van het advies van de directeur of, indien de veroordeelde niet gedetineerd is, uiterlijk vier maanden voorafgaand aan zijn definitieve invrijheidstelling bepaald in de artikelen [2 ...]2 71 en 80 of uiterlijk één maand nadat de veroordeelde wiens proeftermijn ingevolge de overeenkomstig artikel 47, § 2, verleende voorlopige invrijheidstelling verstreken is op het grondgebied is teruggekeerd, [1 of uiterlijk vier maanden voorafgaand aan het einde van de termijn van uitstel als bedoeld in [3 artikel 65, § 1, derde lid, van het Strafwetboek]3]1 stelt het openbaar ministerie een met redenen omkleed advies op, zendt dit over aan de strafuitvoeringsrechtbank. Het openbaar ministerie deelt het in afschrift mee aan de veroordeelde en de directeur.   ----------   (1)<W 2014-04-25/23, art. 36, 017; Inwerkingtreding : 24-05-2014>   (2)<W 2019-05-05/18, art. 20, 029; Inwerkingtreding : 01-09-2022>   (3)<W 2026-03-30/02, art. 87, 045; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
    Open officiële bron ↗
  3. Art. 95/5 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 2. - Uitvoeringsprocedure van de terbeschikkingstelling <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/5.<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> § 1. De behandeling van de zaak vindt plaats op de eerste nuttige zitting van de strafuitvoeringsrechtbank na de ontvangst van het advies van het openbaar ministerie. Deze zitting moet plaatsvinden uiterlijk twee maanden vóór het verstrijken van de [1 ...]1 hoofdstraf. Ingeval het advies van het openbaar ministerie niet wordt toegezonden binnen de bij 95/4 bepaalde termijn, dient het openbaar ministerie zijn advies schriftelijk uit te brengen voor of tijdens de zitting.   § 2. [2 De dag, het uur en de plaats van de zitting wordt bij een ter post aangetekende brief ter kennis gebracht van de veroordeelde en het slachtoffer en, indien de veroordeelde gedetineerd is, schriftelijk ter kennis gebracht van de directeur.]2   Het dossier wordt gedurende ten minste vier dagen voor de datum waarop de zitting is vastgesteld voor inzage ter beschikking gesteld van de veroordeelde en zijn raadsman op de griffie van de strafuitvoeringsrechtbank, of, indien de veroordeelde gedetineerd is, op de griffie van de gevangenis waar de veroordeelde zijn straf ondergaat.   De veroordeelde kan, op zijn verzoek, een afschrift van het dossier verkrijgen.   ----------   (1)<W 2014-04-25/23, art. 37, 017; Inwerkingtreding : 24-05-2014>   (2)<W 2016-02-05/11, art. 183, 022; Inwerkingtreding : 29-02-2016>
    Open officiële bron ↗
  4. Art. 95/6 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 2. - Uitvoeringsprocedure van de terbeschikkingstelling <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/6.<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> De strafuitvoeringsrechtbank hoort de veroordeelde en zijn raadsman, het openbaar ministerie en, indien de veroordeelde gedetineerd is, de directeur.   Het slachtoffer wordt gehoord over de bijzondere voorwaarden die in zijn belang moeten worden opgelegd. [1 Het slachtoffer is aanwezig op de zitting voor de tijd die nodig is om deze voorwaarden te onderzoeken. Het openbaar ministerie en, in voorkomend geval, de directeur lichten bij deze gelegenheid de voorwaarden toe die zij in hun advies hebben gesteld in het belang van het slachtoffer. Het slachtoffer kan zijn opmerkingen voordragen.]1   Het slachtoffer kan zich laten vertegenwoordigen of bijstaan door een raadsman en kan zich laten bijstaan door de gemachtigde van een overheidsinstelling of een door de Koning hiertoe erkende vereniging.   De strafuitvoeringsrechtbank kan beslissen eveneens andere personen te horen.   Behoudens in de gevallen dat de openbaarheid gevaar oplevert voor de openbare orde, de goede zeden of de nationale veiligheid, is de zitting openbaar indien de veroordeelde hierom verzoekt.   ----------   (1)<W 2013-12-15/05, art. 29, 015; Inwerkingtreding : 01-01-2014>
    Open officiële bron ↗
  5. Art. 95/7 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 2. - Uitvoeringsprocedure van de terbeschikkingstelling <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/7.<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> § 1. De strafuitvoeringsrechtbank beslist binnen veertien dagen nadat de zaak in beraad is genomen.   § 2. Indien de strafuitvoeringsrechtbank de invrijheidstelling onder toezicht toekent, bepaalt zij dat de ter beschikking gestelde veroordeelde wordt onderworpen aan de algemene voorwaarden zoals bepaald door artikel 55.   De strafuitvoeringsrechtbank kan de ter beschikking gestelde veroordeelde onderwerpen aan geïndividualiseerde bijzondere voorwaarden die het risico van het plegen van ernstige strafbare feiten, die de fysieke of psychische integriteit van personen kunnen aantasten, ondervangen of die noodzakelijk blijken in het belang van de slachtoffers.   Indien de veroordeelde ter beschikking van de strafuitvoeringsrechtbank is gesteld voor één van de feiten bedoeld in de [2 artikelen [6 134 tot 139, 140 tot 146, 148 en 149]6 van het Strafwetboek, kan de strafuitvoeringsrechtbank aan de toekenning van de invrijheidstelling onder toezicht de voorwaarde verbinden van het volgen van een begeleiding of behandeling bij een dienst die in de begeleiding of de behandeling van seksuele delinquenten is gespecialiseerd. De strafuitvoeringsrechtbank bepaalt de termijn gedurende dewelke de veroordeelde deze begeleiding of behandeling moet volgen.   § 3. Het vonnis wordt binnen vierentwintig uur bij gerechtsbrief ter kennis gebracht van de veroordeelde en schriftelijk ter kennis gebracht van het openbaar ministerie en, indien de veroordeelde gedetineerd is, van de directeur.   Het slachtoffer wordt [1 zo snel mogelijk en in elk geval binnen vierentwintig uur, via het snelst mogelijke, schriftelijke communicatiemiddel,]1 op de hoogte gebracht van de beslissing en, ingeval van een invrijheidstelling onder toezicht, van de voorwaarden die in zijn belang zijn opgelegd.   § 4. Het vonnis tot toekenning van de invrijheidstelling onder toezicht wordt meegedeeld aan de volgende autoriteiten en instanties :   - aan de korpschef van de lokale politie van de gemeente waar de veroordeelde zich zal vestigen;   - aan [3 de nationale gegevensbank als bedoeld in artikel 44/2 van de wet van 5 augustus 1992]3 op het politieambt;   - in voorkomend geval, aan de directeur van het justitiehuis van het gerechtelijk arrondissement waarin de veroordeelde zijn verblijfsplaats heeft;   [5 - aan de directeur van het justitiehuis van de verblijfplaats van het slachtoffer [6 ...]6.]5   ----------   (1)<W 2013-12-15/05, art. 30, 015; Inwerkingtreding : 01-01-2014>   (2)<W 2016-02-01/09, art. 26, 021; Inwerkingtreding : 29-02-2016>   (3)<W 2016-02-05/11, art. 158, 022; Inwerkingtreding : 29-02-2016>   (4)<W 2020-05-04/16, art. 13, 028; Inwerkingtreding : 01-07-2020>   (5)<W 2021-11-28/01, art. 89, 033; Inwerkingtreding : 10-12-2021>   (6)<W 2026-03-30/02, art. 88, 045; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
    Open officiële bron ↗
  6. Art. 95/8 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 2. - Uitvoeringsprocedure van de terbeschikkingstelling <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/8.<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> Het vonnis wordt uitvoerbaar op de dag dat de veroordeelde zijn [1 ...]1 hoofdstraf heeft ondergaan of, in geval van vervroegde invrijheidstelling, op de dag dat de veroordeelde overeenkomstig de artikelen [2 ...]2 71 of 80 definitief in vrijheid wordt gesteld [1 of, indien de hoofdstraf met uitstel uitgesproken werd, op het einde van de termijn van uitstel zoals bedoeld in [3 artikel 65, § 1, derde lid, van het Strafwetboek]3]1.   [1 Het vonnis tot vrijheidsbeneming is uitvoerbaar bij voorraad.]1   ----------   (1)<W 2014-04-25/23, art. 38, 017; Inwerkingtreding : 24-05-2014>   (2)<W 2019-05-05/18, art. 21, 029; Inwerkingtreding : 01-09-2022>   (3)<W 2026-03-30/02, art. 89, 045; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
    Open officiële bron ↗
  7. Art. 95/9 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 2. - Uitvoeringsprocedure van de terbeschikkingstelling <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/9. <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> Indien zich, nadat de beslissing tot toekenning van de invrijheidstelling onder toezicht is genomen, maar voor de uitvoering ervan, een situatie voordoet die onverenigbaar is met de voorwaarden die in deze beslissing zijn bepaald, kan de strafuitvoeringsrechtbank, op vordering van het openbaar ministerie, een nieuwe beslissing nemen, met inbegrip van de intrekking van de invrijheidstelling onder toezicht.   Artikel 61, §§ 2 tot 4, is van toepassing.
    Open officiële bron ↗
  8. Art. 95/10 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 3. - Het verloop van de vrijheidsbeneming <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Onderafdeling 1. - Algemeen<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/10. <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> Bij de aanvang van de vrijheidsbeneming licht de directeur de veroordeelde schriftelijk in over de mogelijkheden tot toekenning van de in deze afdeling bedoelde strafuitvoeringsmodaliteiten.
    Open officiële bron ↗
  9. Art. 95/11 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 3. - Het verloop van de vrijheidsbeneming <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Onderafdeling 2. - Uitgaansvergunning en penitentiair verlof<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/11.<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> § 1. De strafuitvoeringsrechtbank kan tijdens deze periode van vrijheidsbeneming een uitgaansvergunning, zoals bedoeld in artikel 4, §§ 1 en 2, of een penitentiair verlof, zoals bedoeld in artikel 6, toekennen op verzoek van de terbeschikkinggestelde.   Ingeval zulks nodig is, kan de strafuitvoeringsrechtbank tevens uitgaansvergunningen toekennen om de sociale re-integratie van de ter beschikking gestelde veroordeelde voor te bereiden. De uitgaansvergunningen kunnen met een bepaalde periodiciteit worden toegekend.   De uitgaansvergunning of het penitentiair verlof wordt toegekend op voorwaarde dat er in hoofde van de veroordeelde geen tegenaanwijzingen bestaan waaraan men niet tegemoet kan komen door het opleggen van bijzondere voorwaarden die door de terbeschikkinggestelde worden aanvaard; deze tegenaanwijzingen hebben betrekking op het gevaar dat de veroordeelde zich aan de uitvoering van zijn straf zou onttrekken, op het risico dat hij tijdens de uitgaansvergunning of het penitentiair verlof ernstige strafbare feiten zou plegen of op het risico dat hij de slachtoffers zou [1 lastig vallen]1.   ----------   (1)<W 2016-02-05/11, art. 144, 022; Inwerkingtreding : 29-02-2016>
    Open officiële bron ↗
  10. Art. 95/12 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 3. - Het verloop van de vrijheidsbeneming <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Onderafdeling 2. - Uitgaansvergunning en penitentiair verlof<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/12.<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> § 1. Het schriftelijk verzoek wordt ingediend op de griffie van de gevangenis die het verzoek binnen vierentwintig uur aan de griffie van de strafuitvoeringsrechtbank overzendt en een afschrift bezorgt aan de directeur.   § 2. Ingeval het een verzoek om een penitentiair verlof betreft, stelt de directeur binnen twee maanden na de ontvangst van het verzoek zijn met redenen omkleed advies op.   De directeur kan de [2 bevoegde dienst van de Gemeenschappen]2 opdragen een beknopt voorlichtingsrapport op te stellen of een maatschappelijke enquête te houden in het door de veroordeelde voor het penitentiair verlof voorgestelde opvangmilieu. [2 De Koning bepaalt de inhoud van dat beknopt voorlichtingsrapport en van die maatschappelijke enquête.]2   Ingeval het een verzoek om uitgaansvergunning betreft, stelt de directeur onverwijld zijn met redenen omkleed advies op.   [1 Artikel 31 is van toepassing.]1   Het met redenen omkleed advies, bedoeld in het eerste en derde lid, wordt overgezonden aan de strafuitvoeringsrechtbank en omvat, in voorkomend geval, een voorstel van bijzondere voorwaarden die de directeur nodig acht op te leggen. Een afschrift van het advies wordt meegedeeld aan de veroordeelde en aan het openbaar ministerie.   § 3. Indien het advies van de directeur niet wordt meegedeeld binnen de in § 2 bepaalde termijn, kan de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg op schriftelijk verzoek van de ter beschikking gestelde veroordeelde, de minister op straffe van een dwangsom veroordelen tot het uitbrengen van zijn advies, via de directeur, binnen de termijn voorzien door de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg en om aan de veroordeelde een afschrift van dit advies ter kennis te brengen.   De voorzitter doet uitspraak na de ter beschikking gestelde veroordeelde en de minister of zijn gemachtigde te hebben gehoord, op advies van het openbaar ministerie, binnen vijf dagen na ontvangst van het verzoek.   Tegen deze beslissing staat geen enkel rechtsmiddel open.   ----------   (1)<W 2016-02-05/11, art. 184, 022; Inwerkingtreding : 29-02-2016>   (2)<W 2021-11-28/01, art. 90, 033; Inwerkingtreding : 10-12-2021>
    Open officiële bron ↗
  11. Art. 95/13 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 3. - Het verloop van de vrijheidsbeneming <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Onderafdeling 2. - Uitgaansvergunning en penitentiair verlof<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/13. <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> § 1. Binnen zeven dagen na de ontvangst van het advies van de directeur, stelt het openbaar ministerie een met redenen omkleed advies op, zendt dit over aan de strafuitvoeringsrechtbank en deelt het in afschrift mee aan de veroordeelde en de directeur.   § 2. Indien de strafuitvoeringsrechtbank het nuttig acht om te kunnen oordelen over het verzoek om een uitgaansvergunning of penitentiaire verlof, of op verzoek van de ter beschikking gestelde veroordeelde, kan hij een zitting organiseren. Deze zitting moet plaatsvinden ten laatste één maand na de ontvangst van het advies van de directeur.   Het dossier wordt gedurende ten minste vier dagen voor de datum waarop de zitting is vastgesteld voor inzage ter beschikking gesteld van de veroordeelde en zijn raadsman op de griffie van de gevangenis waar de veroordeelde zijn straf ondergaat.   De veroordeelde kan, op zijn verzoek, een afschrift van het dossier verkrijgen.   § 3. De ter beschikking gestelde veroordeelde, zijn raadsman, de directeur en het openbaar ministerie worden gehoord.   De strafuitvoeringsrechtbank kan beslissen eveneens andere personen te horen.   Behoudens in de gevallen dat de openbaarheid gevaar oplevert voor de openbare orde, de goede zeden of de nationale veiligheid, is de zitting openbaar indien de veroordeelde hierom verzoekt.
    Open officiële bron ↗
  12. Art. 95/14 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 3. - Het verloop van de vrijheidsbeneming <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Onderafdeling 2. - Uitgaansvergunning en penitentiair verlof<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/14.<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> § 1 Binnen veertien dagen na de ontvangst van het advies van de directeur of, indien er een zitting heeft plaatsgevonden, binnen vijftien dagen nadat de zaak in beraad is genomen, beslist de strafuitvoeringsrechtbank.   § 2. De strafuitvoeringsrechtbank verbindt aan de beslissing tot toekenning de algemene voorwaarde dat de terbeschikkinggestelde geen nieuwe strafbare feiten mag plegen. In voorkomend geval bepaalt zij de bijzondere voorwaarden, rekening houdend met de bepalingen van artikel 95/11, § 1, derde lid.   § 3. De beslissing tot toekenning van een uitgaansvergunning bepaalt de duur ervan, die niet meer dan zestien uur mag bedragen.   Behoudens andersluidende beslissing van de strafuitvoeringsrechtbank wordt de beslissing tot toekenning van penitentiair verlof geacht van rechtswege elk kwartaal te worden hernieuwd.   De directeur beslist, na overleg met de terbeschikkinggestelde, over de verdeling van het toegestane verlof voor elk trimester.   § 4. Het vonnis wordt binnen vierentwintig uur bij gerechtsbrief ter kennis gebracht van de veroordeelde en schriftelijk ter kennis gebracht van het openbaar ministerie en van de directeur. Het slachtoffer wordt [1 zo snel mogelijk en in elk geval binnen vierentwintig uur, via het snelst mogelijke, schriftelijke communicatiemiddel,]1 op de hoogte gebracht van de toekenning van een eerste penitentiair verlof en, in voorkomend geval, van de voorwaarden die in zijn belang zijn opgelegd.   § 5. Het vonnis tot toekenning van een uitgaansvergunning of een penitentiair verlof wordt meegedeeld aan de korpschef van de lokale politie van de gemeente waar de veroordeelde zal verblijven en aan [2 de nationale gegevensbank als bedoeld in artikel 44/2 van de wet van 5 augustus 1992]2 op het politieambt.   ----------   (1)<W 2013-12-15/05, art. 31, 015; Inwerkingtreding : 01-01-2014>   (2)<W 2016-02-05/11, art. 158, 022; Inwerkingtreding : 29-02-2016>
    Open officiële bron ↗
  13. Art. 95/15 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 3. - Het verloop van de vrijheidsbeneming <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Onderafdeling 2. - Uitgaansvergunning en penitentiair verlof<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/15. <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> Indien het penitentiair verlof of de uitgaansvergunning wordt geweigerd, kan de terbeschikkinggestelde een nieuwe aanvraag indienen ten vroegste drie maanden na de datum van deze beslissing.   Deze termijn om een nieuwe aanvraag in te dienen kan worden verkort op gemotiveerd advies van de directeur.
    Open officiële bron ↗
  14. Art. 95/16 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 3. - Het verloop van de vrijheidsbeneming <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Onderafdeling 2. - Uitgaansvergunning en penitentiair verlof<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/16.<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> § 1. Het openbaar ministerie kan, met het oog op de herroeping, schorsing of herziening van de beslissing tot toekenning van het penitentiair verlof of de uitgaansvergunning met periodiciteit, de zaak aanhangig maken bij de strafuitvoeringsrechtbank indien de voorwaarden van de beslissing tot toekenning niet worden nageleefd of indien de veroordeelde de fysieke of psychische integriteit van derden ernstig in gevaar brengt.   § 2. In geval van schorsing is [3 artikel 66, §§ 2 en 3,]3 van toepassing.   § 3. In geval van herziening kan de strafuitvoeringsrechtbank de opgelegde voorwaarden verscherpen of bijkomende voorwaarden opleggen. De beslissing tot toekenning van het penitentiair verlof of de uitgaansvergunning wordt evenwel herroepen, indien de veroordeelde niet instemt met de nieuwe voorwaarden.   Indien de strafuitvoeringsrechtbank beslist de opgelegde voorwaarden te verscherpen of bijkomende voorwaarden op te leggen, bepaalt hij het ogenblik waarop deze beslissing uitvoerbaar wordt.   § 4. Artikel 68, § 1, leden 1 tot 3, § 2, eerste en tweede lid, § 3, eerste tot vierde lid, en § 4, is van toepassing.   § 5. Het vonnis wordt binnen vierentwintig uur [3 bij een ter post aangetekende brief]3 ter kennis gebracht van de veroordeelde en schriftelijk ter kennis gebracht van het openbaar ministerie en van de directeur.   Ingeval het een vonnis betreft tot herroeping of schorsing van een penitentiair verlof of in geval van herziening van de in zijn belang gewijzigde voorwaarden, wordt het slachtoffer [1 zo snel mogelijk en in elk geval binnen vierentwintig, uur via het snelst mogelijke, schriftelijke communicatiemiddel,]1 op de hoogte gebracht van de beslissing.   Het vonnis tot herroeping, schorsing of herziening wordt meegedeeld aan de korpschef van de lokale politie van de gemeente waar de veroordeelde verblijft en aan [2 de nationale gegevensbank als bedoeld in artikel 44/2 van de wet van 5 augustus 1992]2 op het politieambt.   ----------   (1)<W 2013-12-15/05, art. 32, 015; Inwerkingtreding : 01-01-2014>   (2)<W 2016-02-05/11, art. 158, 022; Inwerkingtreding : 29-02-2016>   (3)<W 2016-02-05/11, art. 185, 022; Inwerkingtreding : 29-02-2016>
    Open officiële bron ↗
  15. Art. 95/17 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 3. - Het verloop van de vrijheidsbeneming <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Onderafdeling 2. - Uitgaansvergunning en penitentiair verlof<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/17. <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> § 1. In de in artikel 95/16 bedoelde gevallen waarin herroeping van het penitentiair verlof of van de uitgaansvergunning mogelijk is, kan de procureur des Konings van de rechtbank in het rechtsgebied waarvan de ter beschikking gestelde veroordeelde zich bevindt, zijn voorlopige aanhouding bevelen, onder verplichting de bevoegde strafuitvoeringsrechtbank daarvan onmiddellijk in kennis te stellen.   § 2. De bevoegde strafuitvoeringsrechtbank beslist binnen zeven werkdagen na de opsluiting van de ter beschikking gestelde veroordeelde over de schorsing van het penitentiair verlof of van de uitgaansvergunning. Dit vonnis wordt binnen vierentwintig uur schriftelijk meegedeeld aan de ter beschikking gestelde veroordeelde, aan het openbaar ministerie en aan de directeur.   De beslissing tot schorsing is geldig voor de duur van één maand, overeenkomstig artikel 66, § 3.
    Open officiële bron ↗
  16. Art. 95/18 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 3. - Het verloop van de vrijheidsbeneming <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Onderafdeling 3. - Beperkte detentie en elektronisch toezicht <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/18. <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> § 1. De strafuitvoeringsrechtbank kan tijdens deze periode van vrijheidsbeneming een beperkte detentie, zoals bedoeld in artikel 21, of een elektronisch toezicht, zoals bedoeld in artikel 22, toekennen aan de ter beschikkinggestelde.   De artikelen 47, § 1, en 48 zijn van toepassing.   § 2. [2 De toekenningsprocedure verloopt overeenkomstig de artikelen 49, 51, 52 en 53, eerste tot vierde lid en [3 tiende en elfde lid]3.]2   Behoudens in de gevallen dat de openbaarheid gevaar oplevert voor de openbare orde, de goede zeden of de nationale veiligheid, is de zitting openbaar indien de ter beschikking gestelde veroordeelde hierom verzoekt.   De strafuitvoeringsrechtbank beslist overeenkomstig artikel [1 54, § 1]1.   Ingeval de strafuitvoeringsrechtbank de beperkte detentie of het elektronisch toezicht niet toekent, bepaalt zij in haar vonnis de datum waarop de terbeschikkinggestelde een nieuw verzoek kan indienen. Deze termijn mag niet langer zijn dan zes maanden te rekenen van het vonnis.   De artikelen 55, 56 en 58 zijn van toepassing op de beslissing van de strafuitvoeringsrechtbank.   Het vonnis tot toekenning van een beperkte detentie of een elektronisch toezicht wordt uitvoerbaar de dag dat het in kracht van gewijsde is gegaan. De strafuitvoeringsrechtbank kan evenwel een latere datum bepalen waarop het vonnis uitvoerbaar wordt.   ----------   (1)<W 2013-03-17/01, art. 19, 013; Inwerkingtreding : 19-03-2013>   (2)<W 2019-05-05/18, art. 22, 029; Inwerkingtreding : 01-09-2022>   (3)<W 2022-07-30/03, art. 54, 035; Inwerkingtreding : 01-09-2022>
    Open officiële bron ↗
  17. Art. 95/19 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 3. - Het verloop van de vrijheidsbeneming <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Onderafdeling 3. - Beperkte detentie en elektronisch toezicht <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/19. <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> Indien zich, nadat de beslissing tot toekenning van een beperkte detentie of een elektronisch toezicht is genomen, maar voor de uitvoering ervan, een situatie voordoet die onverenigbaar is met de voorwaarden die in deze beslissing zijn bepaald, kan de strafuitvoeringsrechtbank, op vordering van het openbaar ministerie, een nieuwe beslissing nemen, met inbegrip van de intrekking van de beperkte detentie of van het elektronisch toezicht.   Artikel 61, §§ 2 tot 4, is van toepassing.
    Open officiële bron ↗
  18. Art. 95/20 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 3. - Het verloop van de vrijheidsbeneming <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Onderafdeling 3. - Beperkte detentie en elektronisch toezicht <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/20.<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> De artikelen 62 en 63 zijn van toepassing voor de opvolging en de controle van de beperkte detentie en het elektronisch toezicht.   Titel VIII [1 en titel IX zijn ]1 van toepassing.   ----------   (1)<W 2012-12-27/30, art. 3, 012; Inwerkingtreding : 10-02-2013>
    Open officiële bron ↗
  19. Art. 95/21 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 4. - Ambtshalve jaarlijkse controle door de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/21.<Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> De strafuitvoeringsrechtbank onderzoekt na één jaar vrijheidsbeneming, die uitsluitend gesteund is op de beslissing ingevolge de terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank, ambtshalve de mogelijkheid van het toekennen van een invrijheidstelling onder toezicht. [1 De vrijheidsbeneming van de ter beschikking gestelde veroordeelde wordt gehandhaafd indien in zijn hoofde een risico op het plegen van ernstige strafbare feiten, die de fysieke of psychische integriteit van derden aantasten, bestaat dat in geval van een invrijheidstelling onder toezicht niet kan worden ondervangen door het opleggen van bijzondere voorwaarden.]1   Vier maanden voorafgaand aan de in het eerste lid bedoelde termijn brengt de directeur een advies uit. Artikel 95/3, § 2, is van toepassing.   ----------   (1)<W 2016-02-05/11, art. 186, 022; Inwerkingtreding : 29-02-2016>
    Open officiële bron ↗
  20. Art. 95/22 · Federaal

    Brontekst

    Justel 2006051735 / TITEL XIbis. - Bijzondere bevoegdheden van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / HOOFDSTUK I. - De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> / Afdeling 4. - Ambtshalve jaarlijkse controle door de strafuitvoeringsrechtbank <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012>

    Lees de volledige brontekst
    Art. 95/22. <Ingevoegd bij W 2007-04-26/89, art. 4; Inwerkingtreding : 01-01-2012> Binnen een maand na de ontvangst van het advies van de directeur stelt het openbaar ministerie een met redenen omkleed advies op, zendt dit over aan de strafuitvoeringsrechtbank en deelt het in afschrift mee aan de veroordeelde en de directeur.
    Open officiële bron ↗