Justel 2006060830 / HOOFDSTUK IV. - Erkenning van wapenhandelaars, tussenpersonen, wapenverzamelaars en alle andere personen die een beroep uitoefenen dat het voorhanden hebben van vuurwapens impliceert.
Lees de volledige brontekst
Art. 5.§ 1. Niemand mag op het Belgisch grondgebied activiteiten als wapenhandelaar of als tussenpersoon uitoefenen, of zich als dusdanig bekend maken, zonder daartoe vooraf te zijn erkend door de gouverneur bevoegd voor de vestigingsplaats.
Indien de aanvrager als wapenhandelaar is erkend in een andere lidstaat van de Europese Unie, houdt de gouverneur bij de beoordeling van de erkenningsaanvraag rekening met de waarborgen verstrekt in dat kader.
De personen die deze activiteiten uitoefenen onder gezag, leiding en toezicht van een erkend wapenhandelaar en in zijn vestigingsplaats, moeten evenwel niet worden erkend. De gouverneur gaat evenwel na of ze, bij de aanvraag om erkenning van hun werkgever of bij hun indiensttreding, voldoen aan § 4.
De erkende wapenhandelaar brengt elke indiensttreding van een persoon bedoeld in het derde lid binnen de maand ter kennis van de gouverneur.
§ 2. De aanvrager moet zijn beroepsbekwaamheid bewijzen voor de activiteit die hij wenst uit te oefenen en de herkomst van de voor zijn activiteit aangewende financiële middelen aantonen op de wijze bepaald door de Koning.
De gouverneur brengt elke aanwijzing van een inbreuk ter kennis van de bevoegde procureur des Konings.
De vereiste beroepsbekwaamheid heeft betrekking op de kennis van de na te leven regelgeving en van de beroepsdeontologie, en van de techniek en het gebruik van wapens.
§ 3. De gouverneur doet uitspraak over de aanvraag om erkenning na ontvangst van het met redenen omkleed advies van de procureur des Konings en van de burgemeester bevoegd voor de vestigingsplaats en voor de woonplaats van de aanvrager.
De erkenning kan alleen worden geweigerd om redenen die verband houden met de handhaving van de openbare orde. Elke beslissing tot weigering vanwege de gouverneur moet met redenen omkleed zijn.
§ 4. Niettemin zijn de aanvragen van volgende personen onontvankelijk :
1° [4 personen die veroordeeld zijn [8 tot een gevangenisstraf van vijf jaar of tot een zwaardere straf]8 of die geïnterneerd zijn krachtens de wet van 5 mei 2014 betreffende de internering [5 , ten aanzien van wie een beveiligingsmaatregel ter bescherming van de maatschappij in uitvoering is,]5 of die het voorwerp hebben uitgemaakt van een [7 beschermende maatregel zoals bedoeld in artikel 4 van de wet van 26 juni 1990 inzake de bescherming opgelegd aan een persoon met een psychiatrische aandoening]7;]4
[4 1° /1 [8 personen die als dader of deelnemer veroordeeld zijn wegens een van de misdrijven bedoeld in boek II, titel 1 en titel 4, hoofdstuk 1, van het Strafwetboek;]8]4
2° [8 personen die als dader of deelnemer veroordeeld zijn tot een straf van niveau 1, 2 of 3, behalve indien het gaat om een geldboete van ten hoogste 4000 euro]8 wegens een van de misdrijven bepaald in :
a) (deze wet, de in artikel 47 bedoelde wet en de besluiten ter uitvoering ervan;) <W 2008-07-25/37, art. 4, 1°, 007; Inwerkingtreding : 01-09-2008>
b) [8 de artikelen 96 tot 102, 112 tot 130, 134 tot 149, 151, 192 tot 202, 206 tot 211, 219 tot 220, 221 tot 228, 231 tot 235, 237, 238, 247, 258, 260 voor zover betrekking hebbend op mensenhandel, 265 tot 268, 276 tot 284, 288 tot 291, 299 tot 301, 317 tot 321, 328 tot 330, 332 tot 337, 339, 340, 348 tot 351, 356, 389 tot 391, 393 tot 400, 402 tot 409, 412 tot 418, 426 tot 432, 434 tot 454, 463 tot 473, 475 tot 485, 487, 488, 501, 502, 505 tot 510, 513, 517 tot 521, 542 tot 546, 551 tot 560, 562, 565 tot 571, 573 tot 578, 581 tot 611, 613, 624, 627, 628, 638, 644 tot 652, 661 tot 664, 677 tot 681, 685 en 688 van het Strafwetboek;]8
c) de artikelen 17, 18, 29 tot 31 en 33 tot 41 van het Militair Strafwetboek;
d) [8 de artikelen 4.1.2.45, 4.1.2.46 en 4.5.2.3, en de inbreuk op artikel 2.4.5.42 van het Belgisch Scheepvaartwetboek;]8
[4 d/1) de wet van 24 februari 1921 betreffende het verhandelen van giftstoffen, slaapmiddelen en verdovende middelen, psychotrope stoffen, ontsmettingsstoffen en antiseptica en van de stoffen die kunnen gebruikt worden voor de illegale vervaardiging van verdovende middelen en psychotrope stoffen;]4
e) de wet van 29 juli 1934 waarbij de private milities verboden worden;
f) de wet van 28 mei 1956 betreffende de ontplofbare en voor de deflagratie vatbare stoffen en mengsels en de daarmee geladen tuigen en in de besluiten tot uitvoering ervan;
g) de wet van 11 september 1962 betreffende de in-, uit- en doorvoer van goederen en de daaraan verbonden technologie en in de besluiten tot uitvoering ervan;
h) (...) van de wet van 10 april 1990 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid; <W 2008-07-25/37, art. 4, 3°, 007; Inwerkingtreding : 01-09-2008>
i) [6 ...]6
j) de wet van 5 augustus 1991 betreffende de in-, uit- en doorvoer van en de bestrijding van illegale handel in wapens, munitie en speciaal voor militair gebruik of voor ordehandhaving dienstig materieel en de daaraan verbonden technologie;
(k) de regelgeving betreffende de jacht en het sportschieten;) <W 2008-07-25/37, art. 3, 5°, 007; Inwerkingtreding : 01-09-2008>
[4 l) de artikelen 21 tot 26 van het Samenwerkingsakkoord van 2 maart 2007 tussen de federale Staat, het Vlaams Gewest, het Waals Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest betreffende de uitvoering van de overeenkomst tot verbod van de ontwikkeling, de productie, de aanleg van voorraden en het gebruik van chemische wapens en inzake de vernietiging van deze wapens, gedaan te Parijs op 13 januari 1993;]4
[4 m) artikel 47 van het Vlaams decreet van 15 juni 2012 betreffende de in-, uit-, doorvoer en overbrenging van defensiegerelateerde producten, ander voor militair gebruik dienstig materiaal, ordehandhavingsmateriaal, civiele vuurwapens, onderdelen en munitie;]4
[4 artikel 20 van het decreet van het Waals Gewest van 21 juni 2012 betreffende de invoer, uitvoer, doorvoer en overdracht van civiele wapens en van defensiegerelateerde producten;]4
[4 o) artikel 42 van de ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 20 juni 2013 betreffende de in-, uit-, doorvoer en overbrenging van defensiegerelateerde producten, ander voor militair gebruik dienstig materiaal, ordehandhavingsmateriaal, civiele vuurwapens, onderdelen, toebehoren en munitie ervan.]4
3° rechtspersonen die zelf zijn veroordeeld en rechtspersonen waarvan een bestuurder, een zaakvoerder, een commissaris of aangestelde voor het beheer of het bestuur, is veroordeeld of onderworpen aan een veiligheidsmaatregel in omstandigheden als bedoeld in 1° en 2° hiervoren;
4° de personen die in het buitenland :
a) zijn veroordeeld tot een straf die met internering overeenstemt;
b) het voorwerp hebben uitgemaakt van een maatregel die met internering [5 , een beveiligingsmaatregel ter bescherming van de maatschappij]5 of met een beslissing die een behandeling in een ziekenhuis beveelt, zoals bedoeld door de wet van 26 juni 1990 betreffende de bescherming van de persoon van de geesteszieke overeenstemt;
c) als dader of [8 deelnemer]8 zijn veroordeeld wegens een van de misdrijven die in het 1° en 2° zijn bepaald;
5° minderjarigen en verlengd minderjarigen [4 en de personen die het voorwerp uitmaken van de rechterlijke beschermingsmaatregel bedoeld in artikel 492/1, § 1, derde lid, 20°, van het Burgerlijk Wetboek]4;
6° onderdanen van Staten die geen lid zijn van de Europese Unie en de personen die hun hoofdverblijfplaats niet hebben in een lidstaat van de Europese Unie.
§ 5. De gouverneur kan, in geval van fusie, splitsing, inbreng van een algemeenheid of van een bedrijfstak of wijziging van de rechtspersoonlijkheid, bepalen dat de nieuwe juridische entiteit, mits zij de door hem bepaalde voorwaarden in acht neemt, gedurende de periode voorafgaand aan de notificatie van de beslissing betreffende de erkenningsaanvraag, de activiteiten van de initieel erkende onderneming kan voortzetten.
----------
(1)<W 2014-04-10/24, art. 17, 010; Inwerkingtreding : 10-05-2014>
(2)<W 2016-02-01/09, art. 27, 011; Inwerkingtreding : 29-02-2016>
(3)<W 2016-05-04/03, art. 245, 012; Inwerkingtreding : 01-10-2016>
(4)<W 2018-01-07/01, art. 4, 013; Inwerkingtreding : 22-01-2018>
(5)<W 2024-02-29/11, art. 39, 017; Inwerkingtreding : 18-04-2024>
(6)<W 2024-05-18/31, art. 183, 020; Inwerkingtreding : 16-12-2024>
(7)<W 2024-05-16/06, art. 69, 021; Inwerkingtreding : 01-01-2025>
(8)<W 2026-03-16/13, art. 19, 022; Inwerkingtreding : 01-09-2026>