Gratis brononderzoek

Wetboek van Strafvordering

Strafrechtelijke onderzoeks- en procesregels.

Zoek en lees de officiële bronteksten gratis. Gebruik Pro om geselecteerde artikelen te onderzoeken met uw dossierfeiten.

← Alle wetgeving

Deze bronopname bewaart gewestelijke varianten, opheffingsvermeldingen en eventuele latere inwerkingtredingen. Ze bepaalt niet automatisch welke versie op uw dossier van toepassing is. Controleer datum, regio en authentieke wijzigingen.

Bronopname: 2026-10-03 · Bijgewerkt volgens bron: 2026-03-18

Open officiële bron ↗
Afzonderlijke brononderdelen

Onderzoek deze wet in Pro

Verbind maximaal vier artikelen uit deze bibliotheek met uw dossierfeiten. Ontvang een brongebonden analyse en exporteer een memo. Een bronvraag kost 1 AI-credit binnen uw bestaande Pro-abonnement.

Verken Pro voor deze wet →

Artikelen

921 bronvarianten

  1. Art. 343 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / HOOFDSTUK IV. / AFDELING I. / Onderafdeling 8. [1 De straftoemeting]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 343.[1 Indien dit feit strafbaar is, zelfs wanneer het niet meer behoort tot de bevoegdheid van het hof van assisen, doet de voorzitter de beschuldigde verwijderen uit de zittingszaal en het hof begeeft zich met de gezworenen naar de beraadslagingskamer. Het aldus samengestelde college, door de voorzitter van het hof voorgezeten, beraadslaagt over de straf die overeenkomstig de strafwet moet worden uitgesproken en over haar motivering.    De beslissingen worden genomen bij volstrekte meerderheid van stemmen.    De voorzitter doet hoofdelijke omvraag; eerst brengen de gezworenen hun mening uit, te beginnen met de jongste, vervolgens de magistraten-assessoren, te beginnen met de jongstbenoemde, en ten slotte de voorzitter.    Indien verschillende meningen zijn uitgedrukt, wordt opnieuw gestemd.    Blijven na deze tweede stemming meer dan twee meningen bestaan zonder dat een ervan de volstrekte meerderheid heeft behaald, dan zijn het hof of de gezworenen, die zich het minst gunstig ten aanzien van de beschuldigde hebben uitgesproken, verplicht zich met een van de andere meningen te verenigen.    Blijven nadien nog meer dan twee meningen bestaan zonder dat een ervan de volstrekte meerderheid heeft behaald, dan wordt de bepaling van het vijfde lid opnieuw toegepast, totdat een van de meningen de volstrekte meerderheid heeft behaald.    Op voorstel van de voorzitter wordt bij volstrekte meerderheid vervolgens beslist over de formulering van de redenen die geleid hebben tot de bepaling van de opgelegde straf.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 161, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>
    Open officiële bron ↗
  2. Art. 344 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / HOOFDSTUK IV. / AFDELING I. / Onderafdeling 8. [1 De straftoemeting]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 344. [1 Ieder veroordelend arrest maakt melding van de redenen die geleid hebben tot de bepaling van de opgelegde straf.    Het arrest vermeldt de aanwijzing van de toegepaste strafwet.]1   [6 Artikel 195, tweede tot vierde lid, is van overeenkomstige toepassing op het hof van assisen.]6   [2 In voorkomend geval vermeldt het veroordelend arrest of de veroordeelde zich bevindt in de bij artikel 25, § 2, d) of e), of artikel 26 § 2, d) of e), van de wet van 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten, bepaalde voorwaarden.]2   [3 In geval van een veroordeling tot een vrijheidsstraf waarvan het uitvoerbaar gedeelte meer dan drie jaar bedraagt en minder dan dertig jaar, wegens feiten bedoeld [7 in boek II, titel I, titel 4, hoofdstuk 1, en titel 8, hoofdstukken 1 tot 3, in artikel 139, in artikel 97, indien gepleegd ten aanzien van een of meer politieambtenaren wegens hun hoedanigheid, in artikel 118 of in artikel 225 van het Strafwetboek]7, kan het arrest bepalen dat de voorwaardelijke invrijheidstelling of de voorlopige invrijheidstelling met het oog op verwijdering van het grondgebied of met het oog op overlevering pas kan worden toegekend nadat de veroordeelde twee derde van die straf heeft ondergaan.    In geval van een veroordeling tot een [7 gevangenisstraf van dertig jaar of levenslang]7, kan het arrest bepalen dat de voorwaardelijke invrijheidstelling of de voorlopige invrijheidstelling met het oog op verwijdering van het grondgebied of met het oog op overlevering pas kan worden toegekend nadat de veroordeelde meer dan vijftien jaar tot maximaal vijfentwintig jaar van die straf heeft ondergaan.]3   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 162, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>   (2)<W 2013-03-17/02, art. 2, 022; Inwerkingtreding : 19-03-2013>   (3)<W 2017-12-21/19, art. 3, 033; Inwerkingtreding : 21-01-2018>   (5)<W 2022-03-21/01, art. 112, 039; Inwerkingtreding : 01-06-2022>   (6)<W 2023-12-19/08, art. 6, 042; Inwerkingtreding : 08-01-2024>   (7)<W 2026-03-11/03, art. 165, 047; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
    Open officiële bron ↗
  3. Art. 345 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / HOOFDSTUK IV. / AFDELING I. / Onderafdeling 8. [1 De straftoemeting]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 345.[1 De beschuldigde die veroordeeld wordt, wordt verwezen in de kosten jegens de Staat.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 163, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>
    Open officiële bron ↗
  4. Art. 346 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / HOOFDSTUK IV. / AFDELING I. / Onderafdeling 8. [1 De straftoemeting]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 346.[1 Het hof en de gezworenen keren vervolgens naar de zittingszaal terug en nemen opnieuw hun plaats in. De voorzitter doet de beschuldigde binnenkomen en leest het arrest voor; hij wijst ook de tekst aan van de wet waarop de veroordeling gegrond is.   [3 Het gepseudonimiseerde arrest wordt binnen een redelijke termijn bekendgemaakt via het Centraal register bedoeld in artikel 782, § 4, van het Gerechtelijk Wetboek.    Het hof dat het arrest wijst, kan, in afwijking van het tweede lid en bij een met redenen omklede beslissing die in het arrest wordt opgenomen, ambtshalve of op verzoek van een partij en na de partijen gehoord te hebben, de bekendmaking van het gepseudonimiseerde arrest verbieden, of beslissen dat bepaalde onderdelen van de in het arrest opgenomen motivering worden weggelaten uit het publiek raadpleegbare gepseudonimiseerde arrest, wanneer de bekendmaking van dit gepseudonimiseerde arrest of de betrokken onderdelen ervan onevenredig het recht van de partijen of andere personen betrokken in de zaak op de bescherming van hun persoonlijke levenssfeer aantast, of hun andere fundamentele rechten en vrijheden, zoals zij zijn erkend in de Grondwet en in de internationale instrumenten [1 die België binden. Indien het hof gebruik maakt van deze mogelijkheid, wordt het arrest integraal uitgesproken of ter beschikking gesteld van het publiek in de zittingszaal tot aan het einde van de zitting. Tegen de beslissing van het hof over de omvang van de pseudonimisering of houdende verbod op bekendmaking van het gepseudonimiseerd arrest, staat geen enkel rechtsmiddel open]1.    Ingeval de bekendmaking bedoeld in het tweede lid onmogelijk is, spreekt de voorzitter het arrest integraal uit, of stelt hij het arrest ter beschikking van het publiek in de zittingszaal tot aan het einde van die zitting. De bekendmaking bedoeld in het tweede lid vindt plaats van zodra de onmogelijkheid ophoudt te bestaan.    Onverminderd het tweede lid kan de voorzitter van de kamer die het arrest heeft gewezen, in alle gevallen, hetzij ambtshalve, hetzij op een met redenen omkleed verzoek van een van de partijen, beslissen de uitspraak van het arrest in openbare terechtzitting niet te beperken tot het beschikkend gedeelte.]3    Na uitspraak [3 ...]3 kan de voorzitter naar gelang van de omstandigheden de beschuldigde aansporen tot moed, tot gelatenheid of tot verbetering van zijn gedrag. Hij deelt hem mee dat hij zich in cassatie kan voorzien en binnen welke termijn.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 164, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>   (3)<W 2022-10-16/03, art. 7, 041; Inwerkingtreding : 01-04-2024>
    Open officiële bron ↗
  5. Art. 346/1 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / HOOFDSTUK IV. / AFDELING I. / Onderafdeling 8. [1 De straftoemeting]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 346/1.   <Opgeheven bij W 2024-04-14/02, art. 6, 045; Inwerkingtreding : 02-05-2024>
    Open officiële bron ↗
  6. Art. 347 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / HOOFDSTUK IV. / Afdeling 3. [1 De burgerrechtelijke belangen]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 347.[1 De eisen tot schadevergoeding ingesteld hetzij door de beschuldigde tegen de burgerlijke partij, hetzij door de burgerlijke partij tegen de beschuldigde of tegen de veroordeelde, worden voor het hof van assisen gebracht.    De burgerlijke partij is gehouden haar eis tot schadevergoeding in te stellen vóór het vonnis; later is die niet ontvankelijk.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 166, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>
    Open officiële bron ↗
  7. Art. 348 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / HOOFDSTUK IV. / Afdeling 3. [1 De burgerrechtelijke belangen]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 348.[1 In geval van ontslag van rechtsvervolging zowel als in geval van veroordeling, doet het hof, zonder de jury, uitspraak over de schadevergoeding of de teruggaven waarop de burgerlijke partij aanspraak maakt.    Deze stelt haar eis. De beschuldigde en zijn raadsman mogen slechts pleiten dat het feit geen grond oplevert tot schadevergoeding aan de burgerlijke partij of dat deze de haar verschuldigde schadevergoeding te hoog stelt.    Het hof neemt kennis van de stukken en hoort de partijen.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 167, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>
    Open officiële bron ↗
  8. Art. 349 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / HOOFDSTUK IV. / Afdeling 3. [1 De burgerrechtelijke belangen]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 349.[1 Het hof neemt de zaak in beraad en beslist vervolgens.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 168, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>
    Open officiële bron ↗
  9. Art. 350 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / HOOFDSTUK IV. / Afdeling 3. [1 De burgerrechtelijke belangen]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 350.[1 Het hof veroordeelt de beschuldigde die in het ongelijk wordt gesteld, in de kosten jegens de burgerlijke partij; het kan de burgerlijke partij die in het ongelijk wordt gesteld, veroordelen in de kosten jegens de Staat en jegens de beschuldigde of in een gedeelte ervan.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 169, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>
    Open officiële bron ↗
  10. Art. 351 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / HOOFDSTUK IV. / Afdeling 3. [1 De burgerrechtelijke belangen]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 351.[1 Het hof veroordeelt de beschuldigde die in het ongelijk wordt gesteld ten aanzien van de burgerlijke partij tot het betalen van de vergoeding bedoeld in artikel 1022 van het Gerechtelijk Wetboek.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 170, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>
    Open officiële bron ↗
  11. Art. 352 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / HOOFDSTUK IV. / Afdeling 3. [1 De burgerrechtelijke belangen]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 352.[1 Het hof beveelt dat de in beslag genomen voorwerpen aan de eigenaar worden teruggegeven.    In geval van veroordeling evenwel geschiedt die teruggave slechts indien de eigenaar bewijst dat de veroordeelde de termijn heeft laten verstrijken zonder zich in cassatie te voorzien of, heeft hij zich wel voorzien, dat de zaak definitief afgedaan is.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 171, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>
    Open officiële bron ↗
  12. Art. 353 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / HOOFDSTUK IV. / Afdeling 4. [1 Algemene bepalingen]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 353.[1 De arresten worden geschreven door de voorzitter, bijgestaan door de griffier, en door hen ondertekend of, indien de voorzitter verhinderd is te tekenen, door de oudstbenoemde rechter en de griffier.    De griffier staat het hof bij in de verschillende fasen van de procedure.]1   [2 Artikel 164 is van toepassing op de arresten van het hof van assisen.]2   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 173, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>   (2)<W 2016-10-28/07, art. 15, 031; Inwerkingtreding : 01-06-2017>
    Open officiële bron ↗
  13. Art. 354 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / HOOFDSTUK IV. / Afdeling 4. [1 Algemene bepalingen]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 354.[1 De griffier maakt een proces-verbaal van de terechtzitting op, teneinde vast te stellen dat de voorgeschreven vormen in acht genomen zijn.    In het proces-verbaal wordt geen melding gemaakt van de antwoorden der beschuldigden of van de inhoud der getuigenissen, onder voorbehoud van de toepassing van artikel 300.    Het proces-verbaal wordt getekend door de voorzitter en door de griffier.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 174, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>
    Open officiële bron ↗
  14. Art. 355 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / Hoofdstuk VII. [1 De rechtsmiddelen]1 / Afdeling 1. [1 Algemene bepaling]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 355.[1 De arresten van het hof van assisen kunnen, onder voorbehoud van de toepassing van de artikelen van afdeling 2, slechts worden bestreden door het rechtsmiddel van cassatie en in de vorm bij de wet bepaald.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 177, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>
    Open officiële bron ↗
  15. Art. 356 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / Hoofdstuk VII. [1 De rechtsmiddelen]1 / Afdeling 2. [1 Verzet]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 356.[1 De arresten van het hof van assisen houdende veroordeling bij verstek van de beschuldigde worden aan deze laatste betekend.    De bij verstek veroordeelde kan in verzet komen op de wijze bepaald in artikel 187 [2 met uitzondering van paragraaf 6]2.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 179, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>   (2)<W 2016-02-05/11, art. 114, 027; Inwerkingtreding : 01-03-2016>
    Open officiële bron ↗
  16. Art. 357 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / Hoofdstuk VII. [1 De rechtsmiddelen]1 / AFDELING II.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 357.[1 Het verzet wordt betekend aan de procureur-generaal en aan de partijen tegen wie het gericht is.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 181, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>
    Open officiële bron ↗
  17. Art. 358 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / Hoofdstuk VII. [1 De rechtsmiddelen]1 / AFDELING II.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 358.[1 De kamer van inbeschuldigingstelling doet uitspraak over de ontvankelijkheid van het verzet. Indien de eiser in verzet of de advocaat die hem vertegenwoordigt niet verschijnt, wordt het verzet ongedaan verklaard.    Zo het verzet ontvankelijk wordt verklaard, wordt de veroordeling nietig verklaard en wordt de zaak berecht overeenkomstig de bepalingen van de hoofdstukken V en VI van deze titel.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 182, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>
    Open officiële bron ↗
  18. Art. 359 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / Hoofdstuk VII. [1 De rechtsmiddelen]1 / Afdeling 3. [1 Voorziening in cassatie]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 359.[1 [2 De veroordeelde heeft vijftien dagen na de dag waarop het arrest op tegenspraak is uitgesproken, om ter griffie te verklaren dat hij een eis tot cassatie instelt.]2    De procureur-generaal kan binnen dezelfde termijn ter griffie verklaren dat hij zich in cassatie voorziet tegen het arrest.    De burgerlijke partij beschikt ook over dezelfde termijn; maar zij kan de eis tot cassatie slechts instellen ten opzichte van de beschikkingen betreffende haar burgerlijke belangen.    De tenuitvoerlegging van het arrest van het hof is geschorst gedurende die vijftien dagen en, indien er een voorziening in cassatie is ingesteld, [2 tot de uitspraak van het arrest van het Hof van Cassatie]2.    De regels uit Boek II, Titel III, Hoofdstuk II zijn van toepassing.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 184, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>   (2)<W 2014-02-14/02, art. 7, 024; Inwerkingtreding : 01-02-2015>
    Open officiële bron ↗
  19. Art. 360 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / Hoofdstuk VIII. [1 De tenuitvoerlegging van de beslissing]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 360.[1 De veroordeling wordt ten uitvoer gelegd binnen vierentwintig uren na de in artikel 359 vermelde termijnen, indien er geen voorziening in cassatie is, of, in geval van voorziening, binnen vierentwintig uren na de ontvangst van het arrest van het Hof van Cassatie waarbij de eis is verworpen.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 186, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>
    Open officiële bron ↗
  20. Art. 361 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1808120930 / TITEL II. - [1 Het hof van assisen]1 / Hoofdstuk VIII. [1 De tenuitvoerlegging van de beslissing]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 361. [1 De veroordeling wordt ten uitvoer gelegd op bevel van de procureur-generaal; hij heeft het recht te dien einde rechtstreeks de bijstand van de openbare macht te vorderen.    Wanneer het veroordelend vonnis de [2 ...]2 verbeurdverklaring inhoudt van zaken of sommen die zich bevinden of in te vorderen zijn buiten het Koninkrijk, maakt het openbaar ministerie een afschrift van de relevante stukken van het strafdossier over aan de Minister van Justitie. Hij licht het Centraal Orgaan voor de Inbeslagneming en de Verbeurdverklaring daarvan in door toezending van een kopie.]1   ----------   (1)<W 2009-12-21/14, art. 187, 020; Inwerkingtreding : 21-01-2010>   (2)<W 2026-03-11/03, art. 166, 047; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
    Open officiële bron ↗