Gratis brononderzoek

Rijbewijs

Rijbewijscategorieën, voorwaarden en procedures.

Zoek en lees de officiële bronteksten gratis. Gebruik Pro om geselecteerde artikelen te onderzoeken met uw dossierfeiten.

← Alle wetgeving

Deze bronopname bewaart gewestelijke varianten, opheffingsvermeldingen en eventuele latere inwerkingtredingen. Ze bepaalt niet automatisch welke versie op uw dossier van toepassing is. Controleer datum, regio en authentieke wijzigingen.

Bronopname: 2026-10-03 · Bijgewerkt volgens bron: 2026-07-06

Open officiële bron ↗

Onderzoek deze wet in Pro

Verbind maximaal vier artikelen uit deze bibliotheek met uw dossierfeiten. Ontvang een brongebonden analyse en exporteer een memo. Een bronvraag kost 1 AI-credit binnen uw bestaande Pro-abonnement.

Verken Pro voor deze wet →

Artikelen

240 bronvarianten

  1. Art. 64quater · Federaal

    Brontekst

    Justel 1998032331 / TITEL III. - Het rijbewijs / HOOFDSTUK X.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 64quater. [1 Het duplicaat van een rijbewijs zoals bedoeld in artikel 64bis heeft een nieuwe administratieve geldigheidsduur overeenkomstig artikel 64ter, § 1.    In de gevallen bepaald in artikel 50, § 1 kan de houder van een rijbewijs bedoeld in artikel 64bis een machtiging tot sturen, overeenkomstig het model van bijlage 1/2, verkrijgen, afgeleverd door de overheid bedoeld in artikel 7.    De in het tweede lid bedoelde machtiging is beperkt tot de categorieën van het rijbewijs waarvoor het duplicaat wordt aangevraagd.    De in het tweede lid bedoelde machtiging is geldig tot de dag dat het duplicaat wordt afgegeven en niet langer dan veertien dagen vanaf de dag dat het wordt afgegeven.]1   ----------   (1)<Ingevoegd bij KB 2010-06-23/03, art. 1, 028; Inwerkingtreding : 01-07-2010>
    Open officiële bron ↗
  2. Art. 64quinquies · Federaal

    Brontekst

    Justel 1998032331 / TITEL III. - Het rijbewijs / HOOFDSTUK X.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 64quinquies. [1 De artikelen 57 tot 60 zijn niet van toepassing op het rijbewijs bedoeld in artikel 64bis.]1   ----------   (1)<Ingevoegd bij KB 2010-06-23/03, art. 1, 028; Inwerkingtreding : 01-07-2010>
    Open officiële bron ↗
  3. Art. 64sexies · Federaal

    Brontekst

    Justel 1998032331 / TITEL III. - Het rijbewijs / HOOFDSTUK X.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 64sexies.[1 In afwijking van artikel 61, eerste lid dient voor de hierna omschreven verrichtingen de ernaast vermelde retributie te worden betaald :    Afgifte van een rijbewijs zoals bedoeld in artikel 64bis . . . . . . . . . . [20,00 euro]    Afgifte van een nieuw rijbewijs (artikel 49) zoals bedoeld in artikel 64bis . . . . . [20,00 euro]    Afgifte van een duplicaat van een rijbewijs zoals bedoeld in artikel 64bis . . . . . [20,00 euro]    Omwisseling van een rijbewijs voor een rijbewijs zoals bedoeld in artikel 64bis . . . . . [20,00 euro]    [2 ...]2    [2 ...]2]1   ----------   (1)<Ingevoegd bij KB 2010-06-23/03, art. 1, 028; Inwerkingtreding : 01-07-2010>   (2)<KB 2012-07-03/05, art. 2, 036; Inwerkingtreding : 21-07-2012>
    Open officiële bron ↗
  4. Art. 64septies · Federaal

    Brontekst

    Justel 1998032331 / TITEL III. - Het rijbewijs / HOOFDSTUK X.

    Lees de volledige brontekst
    Art. 64septies. [1 Artikel 62 is niet van toepassing op het rijbewijs bedoeld in artikel 64bis.]1   ----------   (1)<Ingevoegd bij KB 2010-06-23/03, art. 1, 028; Inwerkingtreding : 01-07-2010>
    Open officiële bron ↗
  5. Art. 65 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1998032331 / TITEL IV. - Beschikkingen betreffende de rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht tot sturen van een motorvoertuig, de formaliteiten tot uitvoering ervan en de onderzoeken tot herkrijging van dit recht / HOOFDSTUK I. - Rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht om een motorvoertuig te besturen en formaliteiten tot uitvoering ervan

    Lees de volledige brontekst
    Art. 65.Wanneer bij toepassing van artikel 45 van de wet, de vervallenverklaring van het recht tot sturen beperkt is tot sommige motorvoertuigen, vermeldt de beslissing op welke categorieën [1 ...]1 het verval slaat, met verwijzing naar de indeling bepaald in artikel 2.   ----------   (1)<KB 2011-04-28/01, art. 47, 034; Inwerkingtreding : 01-05-2013>
    Open officiële bron ↗
  6. Art. 66 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1998032331 / TITEL IV. - Beschikkingen betreffende de rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht tot sturen van een motorvoertuig, de formaliteiten tot uitvoering ervan en de onderzoeken tot herkrijging van dit recht / HOOFDSTUK I. - Rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht om een motorvoertuig te besturen en formaliteiten tot uitvoering ervan

    Lees de volledige brontekst
    Art. 66. (Opgeheven) <KB 2006-03-08/33, art. 1, 012; Inwerkingtreding : 31-03-2006>
    Open officiële bron ↗
  7. Art. 67 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1998032331 / TITEL IV. - Beschikkingen betreffende de rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht tot sturen van een motorvoertuig, de formaliteiten tot uitvoering ervan en de onderzoeken tot herkrijging van dit recht / HOOFDSTUK I. - Rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht om een motorvoertuig te besturen en formaliteiten tot uitvoering ervan

    Lees de volledige brontekst
    Art. 67.Hij die een verval van het recht tot sturen heeft opgelopen, is gehouden bij de griffier van het gerecht dat de beslissing heeft uitgesproken, te laten toekomen, naargelang het geval :   1° het rijbewijs waarvan hij houder is, wanneer het gaat om verval van het recht tot sturen van een motorvoertuig waarvoor het document is afgegeven;   2° (het voorlopig rijbewijs of het voorlopig rijbewijs vakbekwaamheid waarvan hij houder is bedoeld in het koninklijk besluit van 4 mei 2007 [1 betreffende het rijbewijs, de vakbekwaamheid en de nascholing van bestuurders van voertuigen van de categorieën C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D, D+E]1.) <KB 2008-12-23/33, art. 6, 025; Inwerkingtreding : 30-12-2008>   Deze formaliteit moet vervuld worden binnen de 4 dagen na de dag waarop het openbaar ministerie de kennisgeving aan de veroordeelde heeft gedaan, overeenkomstig artikel 40 van de wet of, in geval van verval uitgesproken wegens lichamelijke ongeschiktheid, binnen de 4 dagen na de uitspraak van de beslissing wanneer deze op tegenspraak is gewezen, of na de betekening wanneer zij bij verstek is gewezen niettegenstaande voorziening; zaterdagen, zondagen en wettelijke feestdagen zijn in deze termijn niet begrepen.   ----------   (1)<KB 2011-04-28/01, art. 2, 034; Inwerkingtreding : 01-05-2013>
    Open officiële bron ↗
  8. Art. 68 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1998032331 / TITEL IV. - Beschikkingen betreffende de rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht tot sturen van een motorvoertuig, de formaliteiten tot uitvoering ervan en de onderzoeken tot herkrijging van dit recht / HOOFDSTUK I. - Rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht om een motorvoertuig te besturen en formaliteiten tot uitvoering ervan

    Lees de volledige brontekst
    Art. 68. (Opgeheven) <KB 2006-03-08/33, art. 2, 012; Inwerkingtreding : 31-03-2006>
    Open officiële bron ↗
  9. Art. 69 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1998032331 / TITEL IV. - Beschikkingen betreffende de rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht tot sturen van een motorvoertuig, de formaliteiten tot uitvoering ervan en de onderzoeken tot herkrijging van dit recht / HOOFDSTUK I. - Rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht om een motorvoertuig te besturen en formaliteiten tot uitvoering ervan

    Lees de volledige brontekst
    Art. 69.<KB 2006-03-08/33, art. 3, 012; Inwerkingtreding : 31-03-2006> § 1. De griffier bewaart het rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs.   § 2. Als het verval van het recht tot sturen krachtens artikel 38,§ 2bis van de wet enkel uitgevoerd wordt tijdens het weekend en op feestdagen, maakt de griffier een attest op waarvan het model bepaald wordt door de [3 Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer]3. De betrokkene ontvangt dit attest bij de afgifte van zijn rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs op de griffie. Het attest is één maand geldig.   De overheid bedoeld in artikel 7 reikt de betrokkene bij afgifte van het attest een rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs uit dat enkel geldig is buiten de in artikel 38,§ 2bis van de wet vermelde weekends en feestdagen.   [5 Het rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs, dat werd uitgereikt bij toepassing van het tweede lid, moet worden afgegeven aan de griffier die het terugzendt naar de overheid bedoeld in artikel 7.    Indien het door de griffie bewaarde rijbewijs een Europees rijbewijs is, wordt het teruggezonden naar de overheid bedoeld in artikel 7.]5   § 3. Als het verval van het recht tot sturen enkel van toepassing is op bepaalde categorieën [1   ]1 van voertuigen waarvoor het rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs afgegeven is, maakt de griffier een attest op waarvan het model bepaald wordt door de [3 Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer]3. De betrokkene ontvangt dit attest bij de afgifte van zijn rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs op de griffie. Het attest is één maand geldig.   De overheid bedoeld in artikel 7 reikt de betrokkene bij afgifte van het attest een rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs uit dat enkel geldig is voor de categorieën [1   ]1 waarvoor het verval niet van toepassing is.   [5 Het rijbewijs dat werd uitgereikt bij toepassing van het tweede lid moet worden afgegeven aan de griffier, die het terugzendt naar de overheid bedoeld in artikel 7.    Indien het door de griffie bewaarde rijbewijs een Europees rijbewijs is, wordt het teruggezonden naar de overheid bedoeld in artikel 7.]5   § 4. Het openbaar ministerie deelt uiterlijk de vijfde dag volgend op de datum van de kennisgeving die aan de veroordeelde overeenkomstig artikel 40 van de wet werd gedaan, of de dag volgend op deze waarop het verval wegens lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid ingaat, de volgende gegevens mee aan de federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer :   - de beslissing waarbij het verval wordt uitgesproken, de duur, de reden, [4 met inbegrip van de categorie van het voertuig waarmee de overtreding werd begaan]4 desgevallend of het verval beperkt is tot de weekends en feestdagen, en desgevallend de categorieën [1   ]1 waarvoor het verval van toepassing is;   - de examens of onderzoeken die desgevallend ondergaan moeten worden krachtens artikel 38 van de wet.   § 5. Wanneer examens of onderzoeken moeten worden ondergaan krachtens artikel 38 van de wet, deelt het openbaar ministerie, mits schriftelijk akkoord van de betrokkene, de in de vorige paragraaf bedoelde gegevens mee aan de instelling die bevoegd is voor de examens of onderzoeken.   Het model van schriftelijk akkoord wordt door de griffier aan de betrokkene voorgelegd op het moment van de afgifte van het rijbewijs. Het model van schriftelijk akkoord wordt door de [3 Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer]3 bepaald. Het bevat eveneens een lijst van alle erkende instellingen en hun vestigingen. De betrokkene duidt op de lijst de vestiging aan waar hij de examens of onderzoeken wenst af te leggen.   Indien de betrokkene geen keuze heeft gemaakt, of bij gebrek aan afgifte op de griffie van het rijbewijs door de betrokkene zelf, deelt het openbaar ministerie aan de betrokkene de instelling of vestiging mee bij de welke hij zijn examens of onderzoeken zal kunnen ondergaan.   § 6. De instelling die bevoegd is voor de examens of onderzoeken stuurt de betrokkene een oproep tot verschijning voor het afleggen van de examens of onderzoeken.   De instelling die bevoegd is voor de examens of onderzoeken deelt de resultaten van de examens of onderzoeken mee aan de betrokkene, aan de griffie en aan het openbaar ministerie.   § 7. De betrokkene kan het rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs weer op de griffie afhalen wanneer :   1° de termijn van het verval verstreken is en het herstel van het recht tot sturen niet afhankelijk werd gemaakt van het slagen voor de in artikel 38 van de wet bedoelde examens of onderzoeken;   2° de betrokkene de examens of onderzoeken krachtens artikel 38 van de wet met goed gevolg heeft afgelegd en de termijn van het verval verstreken is;   3° de houder van een Europees of buitenlands rijbewijs, die niet beantwoordt aan de voorwaarden om een Belgisch rijbewijs te verkrijgen, het grondgebied verlaat. In dit geval geeft het openbaar ministerie hem een attest af dat overeenstemt met het model van bijlage 8, en dat hem machtigt tot het besturen van zijn voertuig om zich op een vastgestelde dag en langs een bepaalde weg naar de grens te begeven.   Het openbaar ministerie brengt de federale overheidsdienst mobiliteit en vervoer [5 ...]5 op de hoogte van de teruggave van het rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs.   [2 ...]2   [5 § 8. In afwijking van § 7, eerste lid, 2°, wordt, indien de houder overeenkomstig artikel 72, § 4, tweede lid, geslaagd is voor het praktisch herstelexamen, het rijbewijs waarvan hij houder is niet teruggegeven in de volgende gevallen:    - indien het praktisch herstelexamen werd afgelegd met een voertuig van categorie AM, behalve indien het rijbewijs waarvan hij houder is niet geldt voor categorie AM;    - indien het praktisch herstelexamen werd afgelegd met een voertuig van categorie A1, A2, A, B, B+E of G, hoewel het rijbewijs waarvan hij houder is ook geldt voor minstens één van de categorieën C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D of D+E of voor een gelijkwaardige categorie;    - indien het praktisch herstelexamen werd afgelegd met een voertuig van categorie C1, C1+E, D1 of D1+E, hoewel het rijbewijs waarvan hij houder is ook geldt voor één van de categorieën C, C+E, D of D+E, of voor een gelijkwaardige categorie.    In dit geval wordt het door de griffie bewaarde rijbewijs, indien het een Europees rijbewijs is, teruggezonden naar de overheid bedoeld in artikel 7.    Op vraag van de houder, geeft de overheid bedoeld in artikel 7 een rijbewijs af voor de categorieën bedoeld in het attest van welslagen voor het praktisch herstelexamen, overeenkomstig de artikelen 17, § 4, derde lid, en 72, § 4, tweede lid, 1° tot 3°.    Wanneer hij een attest van welslagen voor het praktisch herstelexamen, voorlegt waaruit blijkt dat hij zich in het geval bedoeld in artikel 72, § 4, eerste lid, bevindt, is, al naargelang het rijbewijs dat bij de griffie werd neergelegd, een van de volgende gevallen van toepassing:    1° het Belgische of niet-Europees buitenlands rijbewijs wordt aan hem teruggegeven door de griffie;    2° als hij houder was van een Europees rijbewijs dat door de griffie naar de overheid bedoeld in artikel 7 werd teruggezonden, wordt aan hem een Belgisch rijbewijs afgegeven overeenkomstig artikel 17.    Het rijbewijs bedoeld in het derde lid wordt door de houder aan de griffie teruggegeven op het moment waarop hij het rijbewijs waarvan hij houder was terugkrijgt of, indien dit rijbewijs een Europees rijbewijs was, op het moment van de afgifte van het nieuwe rijbewijs door de overheid bedoeld in artikel 7.    In het geval bedoeld in artikel 45, derde lid van de wet, in afwijking van het eerste lid, wordt het rijbewijs waarvan de bestuurder houder is teruggegeven door de griffier.    § 9. In afwijking van § 7, eerste lid, 2°, wordt, indien de houder geschikt wordt verklaard naar aanleiding van het medisch of het psychologisch herstelonderzoek en het deelnemingsdocument attesteert zijn rijgeschiktheid onder voorwaarden of met beperkingen, het rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs waarvan hij houder is niet teruggegeven door de griffier.    In dit geval wordt het door de griffie bewaarde rijbewijs, indien het een Europees rijbewijs is, teruggezonden naar de overheid bedoeld in artikel 7.    Op vraag van de houder, geeft de overheid bedoeld in artikel 7 een rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs af voor de categorieën bedoeld in het deelnemingsdocument dat zijn rijgeschiktheid attesteert onder voorwaarden of met beperkingen, gevoegd bij de aanvraag, overeenkomstig artikel 17, § 4, vierde lid.    Wanneer hij een deelnemingsdocument voorlegt dat zijn rijgeschiktheid attesteert zonder voorwaarden of beperkingen, is, al naargelang het rijbewijs dat bij de griffie werd neergelegd, een van de volgende gevallen van toepassing:    1° het Belgische of niet-Europees buitenlands rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs wordt aan hem teruggegeven door de griffie;    2° als hij houder was van een Europees rijbewijs dat door de griffie naar de overheid bedoeld in artikel 7 werd teruggezonden, wordt aan hem een Belgisch rijbewijs afgegeven overeenkomstig artikel 17.    Het rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs bedoeld in het derde lid wordt door de houder aan de griffie teruggegeven op het moment dat het rijbewijs waarvan hij houder was aan hem wordt teruggegeven of, indien dit rijbewijs een Europees rijbewijs was, op het moment van de afgifte van het nieuwe rijbewijs door de overheid bedoeld in artikel 7.]5   ----------   (1)<KB 2011-04-28/01, art. 48, 034; Inwerkingtreding : 01-05-2013>   (2)<KB 2013-04-03/13, art. 8, 041; Inwerkingtreding : 01-10-2013>   (3)<KB 2017-11-19/04, art. 11, 052; Inwerkingtreding : 11-12-2017>   (4)<W 2018-06-27/14, art. 3, 055; Inwerkingtreding : 09-08-2018>   (5)<KB 2019-01-11/16, art. 6, 059; Inwerkingtreding : 15-03-2019>
    Open officiële bron ↗
  10. Art. 70 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1998032331 / TITEL IV. - Beschikkingen betreffende de rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht tot sturen van een motorvoertuig, de formaliteiten tot uitvoering ervan en de onderzoeken tot herkrijging van dit recht / HOOFDSTUK I. - Rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht om een motorvoertuig te besturen en formaliteiten tot uitvoering ervan

    Lees de volledige brontekst
    Art. 70. (Opgeheven) <KB 2006-03-08/33, art. 4, 012; Inwerkingtreding : 31-03-2006>
    Open officiële bron ↗
  11. Art. 71 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1998032331 / TITEL IV. - Beschikkingen betreffende de rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht tot sturen van een motorvoertuig, de formaliteiten tot uitvoering ervan en de onderzoeken tot herkrijging van dit recht / HOOFDSTUK II. - Verval van het recht tot sturen - Onderzoeken

    Lees de volledige brontekst
    Art. 71. (Opgeheven) <KB 2006-03-08/33, art. 4, 012; Inwerkingtreding : 31-03-2006>
    Open officiële bron ↗
  12. Art. 72 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1998032331 / TITEL IV. - Beschikkingen betreffende de rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht tot sturen van een motorvoertuig, de formaliteiten tot uitvoering ervan en de onderzoeken tot herkrijging van dit recht / HOOFDSTUK II. - Verval van het recht tot sturen - Onderzoeken

    Lees de volledige brontekst
    Art. 72.§ 1. [3 De theoretische en de praktische examens worden afgelegd in de examencentra bedoeld in artikel 25.    Zij worden afgelegd overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 31 tot 39, 47 en 48 en de bepalingen van de paragrafen 2 tot 5 van dit artikel.]3   § 2. De kandidaat die het theoretische en het praktische examen moet afleggen, doet het theoretische examen dat overeenstemt met de categorie [2 ...]2 die hij voor het praktische examen gekozen heeft.   De kandidaat die het theoretische maar niet het praktische examen moet afleggen, doet het examen :   1° [2 voor de categorie D1 of D indien hij houder is van een Belgisch, Europees of buitenlands rijbewijs bedoeld in artikel 23, § 2, 1°, van de wet, geldig voor de categorie D1, D1+E, D of D+E of een gelijkwaardige categorie;]2   2° [2 voor de categorie C1 of C indien hij houder is van een Belgisch, Europees of buitenlands rijbewijs bedoeld in artikel 23, § 2, 1°, van de wet, geldig voor de categorie C1, C1+E, C of C+E of een gelijkwaardige categorie, zonder geldig te zijn voor de categorie D1 of D;]2   3° voor de categorie ([2 A1, A2, A,]2, B of G) wanneer hij houder is van een Belgisch, Europees of buitenlands rijbewijs bedoeld in artikel 23, § 2, 1° van de wet, geldig voor de categorie (A, B, B+E of G) of voor een gelijkwaardige categorie; <KB 2007-08-24/31, art. 10, 1°, 020; Inwerkingtreding : 01-09-2007>   4° voor de categorie [2 AM, A1, A2, A of B]2, wanneer hij geen houder is van een rijbewijs of wanneer hij houder is van een Belgisch, Europees of buitenlands rijbewijs bedoeld in artikel 23, § 2, 1° van de wet, geldig voor de categorie [1 AM]1 of voor een gelijkwaardige categorie.   5° (...) <KB 2007-08-24/31, art. 10, 2°, 020; Inwerkingtreding : 01-09-2007>   § 3. Het praktische examen wordt afgelegd met een [2 voertuig van de categorie AM, A1, A2, A of B]2 als de kandidaat geen houder is van een rijbewijs ofwel met een voertuig van de categorie [2 ...]2 waarvoor het rijbewijs, waarvan hij houder is, geldig is. Het voertuig moet evenwel behoren tot een van de categorieën [2 ...]2 waarvoor het verval van toepassing is.   Indien het rijbewijs slechts geldig is voor het besturen van bepaalde voertuigen van een categorie [2 ...]2, heeft het praktische examen plaats met een voertuig waarmee de houder mag rijden.   § 4. De houder van een rijbewijs mag, na het slagen voor de opgelegde examens, het rijbewijs waarvan hij houder is terugkrijgen.   In afwijking van de bepalingen van het eerste lid bekomt :   1° de houder van een rijbewijs die het praktische examen aflegt met een [2 voertuig van de categorie AM]2, een rijbewijs geldig voor de categorie [1 AM]1;   2° (de houder van een Belgisch, een Europees of een buitenlands rijbewijs bedoeld in artikel 23, § 2, 1° van de wet, geldig voor de categorie [2 C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D of D+E of voor een gelijkwaardige categorie]2 die het praktische examen heeft afgelegd met een voertuig van de categorie [2 A1, A2, A,]2 B, B+E of G krijgt een rijbewijs geldig voor deze van de categorieën [2 A1, A2, A,]2 B, B+E en G waarvoor het rijbewijs was geldig verklaard.) <KB 2006-09-01/33, art. 20, 2°, 015; Inwerkingtreding : 15-09-2006>   3° [2 de houder van een Belgisch, Europees of buitenlands rijbewijs bedoeld in artikel 23, § 2, 1°, van de wet, geldig voor de categorie C, C+E, D of D+E of voor een gelijkwaardige categorie die het praktische examen heeft afgelegd met een voertuig van de categorie C1, C1+E, D1 of D1+E, een rijbewijs geldig voor de categorieën A1, A2, A, B, B+E, C1, C1+E, D1, D1+E en G, waarvoor het rijbewijs geldig was verklaard;]2   4° [4 in afwijking van de bepalingen onder 1° tot 3°, wordt, indien het praktische examen werd afgelegd met een voertuig van dezelfde categorie als datgene waarmee de overtreding die heeft geleid tot het verval werd begaan, het rijbewijs waarvan de bestuurder houder is teruggegeven door de griffier.]4   § 5. Om toegelaten te worden tot het theoretische en het praktische examen legt de kandidaat, die geen houder is van een Belgisch, Europees of buitenlands rijbewijs, bedoeld in artikel 23, § 2, 1° van de wet, een getuigschrift van theoretisch of praktisch onderricht, afgegeven door een rijschool, voor.   Hij legt het praktische examen af met een lesvoertuig van de categorie [1 AM]1, [2 A1, A2, A,]2 of B van een rijschool.   ----------   (1)<KB 2011-04-28/01, art. 2, 034; Inwerkingtreding : 01-05-2013>   (2)<KB 2011-04-28/01, art. 49, 034; Inwerkingtreding : 01-05-2013>   (3)<KB 2013-01-10/01, art. 28, 039; Inwerkingtreding : 19-01-2013>   (4)<W 2018-06-27/14, art. 4, 055; Inwerkingtreding : 09-08-2018>
    Open officiële bron ↗
  13. Art. 73 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1998032331 / TITEL IV. - Beschikkingen betreffende de rechterlijke beslissingen houdende vervallenverklaring van het recht tot sturen van een motorvoertuig, de formaliteiten tot uitvoering ervan en de onderzoeken tot herkrijging van dit recht / HOOFDSTUK II. - Verval van het recht tot sturen - Onderzoeken

    Lees de volledige brontekst
    Art. 73.(De instellingen die instaan voor de geneeskundige en psychologische onderzoeken, bedoeld in artikel 38,§ 3, 3° en 4° van de wet, worden door de minister erkend als psycho-medische-sociale centra overeenkomstig de erkenningsvoorwaarden bepaald in dit besluit.   De geneeskundige en psychologische onderzoeken gebeuren in de vestigingen van de erkende instellingen.   Om erkend te worden moet de instelling op het moment van de erkenning minstens aan de volgende erkenningsvoorwaarden voldoen :   - de instelling heeft een zetel op Belgisch grondgebied;   - elke vestiging van de instelling beschikt over een multidisciplinair team dat minstens bestaat uit één arts en één psycholoog;   - elke arts of psycholoog werkzaam in de vestiging is in België geregistreerd;   - elke vestiging voldoet aan de technische uitrusting bepaald in bijlage 13 van het besluit;   - de medische onderzoeken worden uitgevoerd door artsen met minimum 3 jaar beroepservaring;   - de psychologische onderzoeken worden uitgevoerd door psychologen met minimum 3 jaar beroepservaring inzake het uitvoeren van psychodiagnostiek of assistenten in de psychologie met minimum 6 jaar beroepservaring inzake het uitvoeren van psychodiagnostiek. Deze assistenten staan onder leiding van een psycholoog met minimum 3 jaar beroepservaring inzake het uitvoeren van psychodiagnostiek;   - de inhoud en methode van de onderzoeken voldoen aan bijlage 14 van dit besluit;   - de instelling dient een dossier in bij de minister, bestaande uit :    * de inhoudelijke procedure aangaande de onderzoeken en het multidisciplinair overleg tussen de artsen en psychologen,    * de organisatie van de onderzoeken,    * de integrale kwaliteitszorg,    * een financieel plan.   Uit het dossier moet blijken dat de instelling op het moment van de erkenning aan alle erkenningsvoorwaarden zal voldoen;   - de instelling houdt zich aan de bepalingen van de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van personengegevens;   - de instelling beschikt over voldoende capaciteit om de geneeskundige of psychologische onderzoeken die de kandidaat voor de eerste maal aflegt te laten plaatsvinden binnen de 14 dagen nadat de instelling het dossier van het openbaar ministerie heeft ontvangen [1 en de kandidaat de betaling bedoeld in het zesde lid heeft gedaan]1;   - de instelling verleent de personeelsleden van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer die belast zijn met de controle op de naleving van de erkenningsvoorwaarden vrije toegang tot de lokalen van de vestigingen en inzage in de voor de controle relevante dossiers.   Wanneer de instelling niet langer voldoet aan de bepalingen van dit besluit kan de minister de erkenning schorsen of intrekken. De minister kan de schorsing of intrekking van de erkenning beperken tot die vestiging van de instelling die niet langer voldoen aan de bepalingen van dit besluit. De instelling wordt vooraf bij aangetekend schrijven op de hoogte gebracht van het voornemen tot schorsing of intrekking en krijgt de mogelijkheid om voorafgaand aan de beslissing haar standpunt kenbaar te maken.   De onderzoeken worden georganiseerd door de erkende instellingen en hebben betrekking op de normen en tests vermeld in bijlage 6 van dit besluit.   De kandidaat betaalt de kosten van de onderzoeken en de erelonen van de geneesheer en psycholoog. Deze kosten en erelonen komen overeen met de door de minister vastgelegde tarieven.) <KB 2006-03-08/33, art. 5, 012; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   De geneesheer of de psycholoog bevestigt op het deelnemingsdocument het slagen door de vermelding "geschikt" met eventueel de toevoeging van voorwaarden of beperkingen die hij aanduidt en die, in voorkomend geval, zullen overgenomen worden op het teruggekregen of het verkregen rijbewijs. (Wanneer de kandidaat zowel een geneeskundig als psychologisch onderzoek heeft ondergaan, moet de geneesheer na overleg met de psycholoog beslissen of de kandidaat al dan niet " geschikt " is en onder welke voorwaarden of beperkingen.) <KB 2006-03-08/33, art. 5, 012; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   De kandidaat die, bij twee achtereenvolgende medische of psychologische onderzoeken in (dezelfde vestiging), niet geschikt werd bevonden of die de voorwaarden of beperkingen, toegevoegd aan de geschiktheidsverklaring, betwist, ondergaat op zijn aanvraag dezelfde onderzoeken in (een andere vestiging van dezelfde of een andere instelling), aangewezen door de Minister of zijn gemachtigde. <KB 2006-03-08/33, art. 5, 012; Inwerkingtreding : 31-03-2006>   ----------   (1)<KB 2019-01-11/16, art. 7, 059; Inwerkingtreding : 15-03-2019>
    Open officiële bron ↗
  14. Art. 73/1 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1998032331 / TITEL IVbis. [1 - Bepalingen betreffende het rijbewijs waarvan, met toepassing van artikel 37/1 van de wet, de geldigheid is beperkt tot voertuigen die uitgerust zijn met een alcoholslot]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 73/1. [1 § 1. Wanneer, bij toepassing van artikel 37/1 van de wet, de rechter de geldigheid van het rijbewijs beperkt tot motorvoertuigen die zijn uitgerust met een alcoholslot, gaat de beperkte geldigheid van het rijbewijs in de dertigste dag na die waarop het openbaar ministerie de kennisgeving aan de veroordeelde heeft gedaan overeenkomstig artikel 2 van het koninklijk besluit van 26 november 2010 betreffende de installatie van het alcoholslot en het omkaderingsprogramma.    Indien de rechter evenwel tegelijkertijd en voor dezelfde categorieën van voertuigen veroordeelt tot het verval van het recht tot besturen van een motorvoertuig voor een duur van ten minste een maand, gaat de beperkte geldigheid van het rijbewijs in op de dag dat de vervallenverklaarde bestuurder hersteld is in het recht tot sturen.    § 2. De veroordeelde bestuurder is ertoe gehouden het rijbewijs waarvan hij houder is, bij de griffier van het gerecht dat de beslissing heeft uitgesproken, te laten toekomen.    Deze formaliteit moet vervuld worden binnen de dertig dagen na de dag van de kennisgeving bedoeld in § 1, lid 1, of op de dag van het herstel in het recht tot sturen in het geval bedoeld in § 1, tweede lid.]1   ----------   (1)<Ingevoegd bij KB 2010-11-26/04, art. 2, 030; Inwerkingtreding : 01-10-2010>
    Open officiële bron ↗
  15. Art. 73/2 · Federaal

    Brontekst

    Justel 1998032331 / TITEL IVbis. [1 - Bepalingen betreffende het rijbewijs waarvan, met toepassing van artikel 37/1 van de wet, de geldigheid is beperkt tot voertuigen die uitgerust zijn met een alcoholslot]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 73/2.[1 § 1. De griffier bewaart het rijbewijs.    De griffier reikt, bij de afgifte van het rijbewijs, een attest uit waarvan het model bepaald wordt door de [3 Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer]3.    § 2. De overheden bedoeld in artikel 7 reiken, bij het tonen van het attest bedoeld in § 1, een rijbewijs uit dat, naast de betrokken categorieën ook een codering vermeldt, bedoeld in bijlage [2 7, I]2, die het rijden met een alcoholslot verplicht.    De griffier geeft het rijbewijs bedoeld in § 1 terug na het verstrijken van de periode voor dewelke de rechter de geldigheid van het rijbewijs heeft beperkt tot motorvoertuigen uitgerust met een alcoholslot.    Het rijbewijs dat werd uitgereikt bij toepassing van § 2 moet worden afgegeven aan de griffier die het terugzendt naar de overheid bedoeld in artikel 7.]1   [4 § 3. In afwijking van § 1, wordt, indien het rijbewijs bewaard bij de griffier een Europees rijbewijs is, dit rijbewijs teruggestuurd naar de overheid bedoeld in artikel 7.    De griffier reikt, bij de afgifte van het rijbewijs, het attest bedoeld in § 1, tweede lid, uit. Paragraaf 2, eerste lid wordt van toepassing.    In dit geval, vraagt de bestuurder aan de overheid bedoeld in artikel 7 de aflevering van een rijbewijs overeenkomstig artikel 17 na het verstrijken van de periode waarvoor de rechter de geldigheid van het rijbewijs heeft beperkt tot motorvoertuigen uitgerust met een alcoholslot. Het rijbewijs dat werd uitgereikt bij toepassing van het tweede lid moet worden afgegeven aan de overheid bedoeld in artikel 7.]4   ----------   (1)<Ingevoegd bij KB 2010-11-26/04, art. 2, 030; Inwerkingtreding : 01-10-2010>   (2)<KB 2016-12-14/10, art. 2, 050; Inwerkingtreding : 01-01-2017>   (3)<KB 2017-11-19/04, art. 12, 052; Inwerkingtreding : 11-12-2017>   (4)<KB 2019-01-11/16, art. 8, 059; Inwerkingtreding : 15-03-2019>
    Open officiële bron ↗
  16. Art. 74 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1998032331 / TITEL V. WAALS_GEWEST. [1 Verwerking van gegevens]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 74.   <Opgeheven bij KB 2011-11-18/03, art. 29, 033; Inwerkingtreding : 01-01-2012>
    Open officiële bron ↗
  17. Art. 74 · Wallonië

    Brontekst

    Justel 1998032331 / TITEL V. WAALS_GEWEST. [1 Verwerking van gegevens]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 74_WAALS_GEWEST.    [1 § 1. Het examencentrum houdt de volgende gegevens bij:    1° de beslissing tot uitsluiting van het examen omwille van een vastgestelde onregelmatigheid;    2° de gegevens van de documenten, vermeld in artikel 32, § 2, en artikel 35 tot en met 37;    3° de identificatiegegevens, waaronder de naam, voornaam en het beëdigingsnummer van de tolk, vermeld in artikel 32, § 3, tweede lid, en artikel 39, § 8;    4° het proces-verbaal, vermeld in artikel 39/1, § 4;    5° een kopie van het proces-verbaal als vermeld in artikel 39/2, § 3;    6° een kopie van de beslissing van de beroepscommissie als vermeld in artikel 48, § 5, over het beroep in het geval, vermeld in artikel 48, § 1, 1° ;    7° een kopie van de beslissing van de beroepscommissie als vermeld in artikel 48, § 6, over het beroep in de gevallen, vermeld in artikel 48, § 1, 2° tot en met 4°.    § 2. Voor de gegevens vermeld in paragraaf 1is het examencentrum verantwoordelijk voor de verwerking zoals bedoeld in artikel 4, 7), van Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG.    § 3. De gegevens, vermeld in paragraaf 1, worden verzameld en verwerkt voor de volgende doeleinden:    1° de controle van de toelatingsvoorwaarden tot het examen, vermeld in artikel 32 tot en met 39;    2° het nemen van maatregelen na de vaststelling van onregelmatigheden, vermeld in artikel 39/1;    3° het bezorgen van de stukken aan de beroepscommissie, vermeld in artikel 48, § 4, tweede lid;    4° de inspectie en de controle, vermeld in artikel 64;    5° de opmaak van algemene en naamloze statistieken door de Directie om de beleidsmaatregel te onderzoeken en te evalueren.    De gegevens, vermeld in paragraaf 1, 1° en 3°, worden verzameld en verwerkt voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 1°, 4° en 5°.    De gegevens, vermeld in paragraaf 1, 2° en 4° tot en met 7°, worden verzameld en verwerkt voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 1° tot en met 5°.    De gegevens die verzameld en verwerkt worden voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 5°, worden geanonimiseerd.    § 4. De gegevens, vermeld in paragraaf 1, 2° en 3° worden tien jaar bijgehouden.    De gegevens, vermeld in paragraaf 1, 1° en 4° tot en met 7°, worden twee jaar bijgehouden.]1      ----------   (1)<BWG 2024-11-28/15, art. 19, 083; Inwerkingtreding : 01-03-2025>
    Open officiële bron ↗
  18. Art. 74 · Vlaanderen

    Brontekst

    Justel 1998032331 / TITEL V. WAALS_GEWEST. [1 Verwerking van gegevens]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 74_VLAAMS_GEWEST.   [1 § 1. Het examencentrum houdt al de volgende gegevens bij:    1° de beslissing tot uitsluiting van het examen omwille van een vastgestelde onregelmatigheid;    2° de gegevens van de documenten, vermeld in artikel 32, § 2, en artikel 35 tot en met 37;    3° de identificatiegegevens en het beëdigingsnummer van de tolk, vermeld in artikel 32, § 3, tweede lid, en artikel 39, § 8, tweede lid;    4° het proces-verbaal, vermeld in artikel 39/1, vijfde lid;    5° een kopie van het proces-verbaal als vermeld in artikel 39/2, vijfde lid;    6° een kopie van de beslissing van de beroepscommissie als vermeld in artikel 48, § 4, vijfde lid, over het beroep in het geval, vermeld in artikel 48, § 1, 1° ;    7° een kopie van de beslissing van de beroepscommissie als vermeld in artikel 48, § 4, vijfde lid, over het beroep in de gevallen, vermeld in artikel 48, § 1, 2° en 3°.    § 2. Het examencentrum is de verwerkingsverantwoordelijke, vermeld in artikel 4, 7), van de algemene verordening gegevensbescherming voor de gegevens, vermeld in paragraaf 1.    § 3. De gegevens, vermeld in paragraaf 1, worden verzameld en verwerkt voor de volgende doeleinden:    1° de controle van de toelatingsvoorwaarden tot het examen, vermeld in artikel 32 tot en met 39;    2° het nemen van maatregelen na de vaststelling van onregelmatigheden, vermeld in artikel 39/1;    3° het bezorgen van de stukken aan de beroepscommissie, vermeld in artikel 48, § 4, tweede lid;    4° de inspectie en de controle, vermeld in artikel 64;    5° de opmaak van algemene en naamloze statistieken door het Departement om de beleidsmaatregel te onderzoeken en te evalueren.    De gegevens, vermeld in paragraaf 1, 1° en 3°, worden verzameld en verwerkt voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 1°, 4° en 5°.    De gegevens, vermeld in paragraaf 1, 2° en 4° tot en met 7°, worden verzameld en verwerkt voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 1° tot en met 5°.    De gegevens die verzameld en verwerkt worden voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 5°, worden geanonimiseerd.    § 4. De gegevens, vermeld in paragraaf 1, 2° en 3° worden tien jaar bijgehouden.    De gegevens, vermeld in paragraaf 1, 1° en 4° tot en met 7°, worden twee jaar bijgehouden.]1   ----------   (1)<BVR 2021-07-02/17, art. 20, 074; Inwerkingtreding : 01-09-2021>
    Open officiële bron ↗
  19. Art. 75 · Federaal

    Opheffingsvermelding

    Justel 1998032331 / TITEL V. WAALS_GEWEST. [1 Verwerking van gegevens]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 75.   <Opgeheven bij KB 2011-11-18/03, art. 29, 033; Inwerkingtreding : 01-01-2012>
    Open officiële bron ↗
  20. Art. 75 · Wallonië

    Brontekst

    Justel 1998032331 / TITEL V. WAALS_GEWEST. [1 Verwerking van gegevens]1

    Lees de volledige brontekst
    Art. 75_WAALS_GEWEST.      [1 . De beroepscommissie, vermeld in artikel 47 van dit besluit, houdt de volgende gegevens bij:    1° het beroepschrift en de gegevens, vermeld in artikel 48, § 2, 2° ;    2° de stukken die het examencentrum of de Directie heeft bezorgd, vermeld in artikel 48, § 4, d, tweede lid;    3° alle dienstige stukken, vermeld in artikel 48, § 4, derde lid;    4° de beslissing, vermeld in artikel 48, §§ 5 en 6.    § 2. Voor de gegevens vermeld in paragraaf 1 is de beroepscommissie verantwoordelijk voor de verwerking zoals bedoeld in artikel 4, 7), van Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG.    § 3. De gegevens, vermeld in paragraaf 1, worden verzameld en verwerkt voor de volgende doeleinden:    1° de beslissing, vermeld in artikel 48, §§ 5 en 6;    2° de opmaak van algemene en naamloze statistieken door de Directie om de beleidsmaatregel te onderzoeken en te evalueren.    De gegevens, vermeld in paragraaf 1, 1°, 2° en 3°, worden verzameld en verwerkt voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 1°.    De gegevens, vermeld in paragraaf 1, 4°, worden verzameld en verwerkt voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 2°.    De gegevens die verzameld en verwerkt worden voor het doeleinde, vermeld in het eerste lid, 2°, worden geanonimiseerd.    § 4. De gegevens, vermeld in paragraaf 1, 1°, 2° en 3°, worden één jaar bijgehouden.    De gegevens, vermeld in paragraaf 1, 4°, worden twee jaar bijgehouden.]1      ----------   (1)<BWG 2024-11-28/15, art. 1, 083; Inwerkingtreding : 01-03-2025>
    Open officiële bron ↗