Art. 298 — Specifieke verboden en ontzettingen
§ 1. Onverminderd andere wettelijke bepalingen, kan de rechter in de in dit hoofdstuk omschreven gevallen de veroordeelde verbieden tijdelijk of levenslang, rechtstreeks of onrechtstreeks een rusthuis, een home, een bejaardenverblijf of elke andere structuur voor gemeenschappelijk verblijf van personen in een kwetsbare toestand uit te baten, of als vrijwilliger, contractueel of statutair personeelslid dan wel als lid van de bestuurs- en beheersorganen deel uit te maken van enige instelling of vereniging waarvan de hoofdactiviteit gericht is op personen in een kwetsbare toestand. Onverminderd andere wettelijke bepalingen, kan de rechter in de in dit hoofdstuk omschreven gevallen wegens feiten gepleegd op een minderjarige of met zijn deelneming, de ontzetting uitspreken uit het recht om, voor een termijn van een jaar tot twintig jaar: 1° in welke hoedanigheid ook deel te nemen aan onderwijs in een openbare of particuliere instelling die minderjarigen opvangt; 2° als vrijwilliger, als lid van het statutair of contractueel personeel of als lid van de organen van bestuur en beheer, deel uit te maken van elke rechtspersoon of feitelijke vereniging waarvan de activiteit in hoofdzaak op minderjarigen gericht is; 3° als vrijwilliger, als lid van het statutair of contractueel personeel of als lid van de organen van bestuur en beheer, van elke rechtspersoon of feitelijke vereniging, een activiteit toegewezen te krijgen die de veroordeelde in een vertrouwens- of een gezagsrelatie tegenover minderjarigen plaatst. § 2. De verboden en ontzettingen bedoeld in paragraaf 1, gaan in op de dag waarop de veroordeling in kracht van gewijsde is getreden. De termijn wordt evenwel verlengd met de tijd waarin de gevangenisstraf wordt uitgevoerd, met uitzondering van de periode gedurende dewelke de straf wordt uitgevoerd onder de modaliteit van het elektronisch toezicht en periodes van voorwaardelijke of voorlopige invrijheidstelling.
Oud ↔ nieuw
Tegenhanger in het oude Strafwetboek
| Oud Strafwetboek | Nieuw Strafwetboek |
|---|---|
| Art. 382. | Art. 298. |
| Art. 382bis. | Art. 298. |
Een verbinding betekent niet dat beide bepalingen inhoudelijk gelijk zijn. Bekijk de volledige vergelijking →
Feiten van vóór 1 september 2026?
Laat Pro onderbouwen welke strafwet de gunstigste is
U kiest de artikelen en de gecontroleerde feiten. Pro stelt de vergelijking oud/nieuw op met bronverwijzingen, een ronde tegenargumenten en een memo die u als PDF in uw dossier bewaart. U beoordeelt en beslist.
- Vergelijking oud/nieuw met bronpassages
- Gunstigste-strafwet-toets met tegenargumenten
- Memo als PDF
Nieuwe Pro Solo-abonnees: 14 dagen gratis. Kaart verplicht. Daarna € 49 per maand excl. btw. Gratis opzeggen vóór het einde van de proefperiode.
Bronverificatie (bronbestand, locator en hashes)
29 FEBRUARI 2024. - Wet tot invoering van boek II van het Strafwetboek
- Bronklasse
- Officiële niet-authentieke werkconsolidatie
- Locator
- HTML · #list-title-3 > a:nth-child(1974)
- Bronspan
- Tekst 0–1989 · bron 11–2000
- Bronbestand
sha256:8d4560be4159719dbed30903a22c2a370b64cfd202d1f4ece430f2f909cd7609- Exact tekstfragment
sha256:cab4652c95344dfaaaab9616a5278244acbf55f3696a14a8b5fbfe24aab1f9e1
Brongebonden wettekst en hulpmiddel voor professionals; geen juridisch advies. Controleer steeds de authentieke bron.