Vertrekbepaling
Art. 410. — Oud naar nieuw
Een verbinding in de concordantietabel betekent niet dat beide bepalingen inhoudelijk gelijk zijn.
Art. 410.
- Wetboek
- Oud Strafwetboek
- Tekstversie
Officiële wetstekst
<W 2000-11-28/35, art. 30, 029; Inwerkingtreding : 27-03-2001> Indien de schuldige, in de gevallen omschreven in de artikelen 398 tot 405, de misdaad of het wanbedrijf pleegt tegen zijn vader, moeder of andere bloedverwanten [1 in de rechte opgaande lijn of in de zijlijn tot de vierde graad]1, wordt de minimumstraf bedoeld in die artikelen verdubbeld in geval van gevangenisstraf en met twee jaar verhoogd in geval van opsluiting. Hetzelfde geldt ingeval de schuldige de misdaad of het wanbedrijf heeft gepleegd tegen zijn echtgenoot of de persoon met wie hij samenleeft of samengeleefd heeft en een duurzame affectieve en seksuele relatie heeft of gehad heeft. (Bovendien wordt de maximumstraf, in het geval bepaald in artikel 398, eerste lid, verhoogd tot gevangenisstraf van een jaar.) <W 2003-01-28/33, art. 2, 038; Inwerkingtreding : 22-02-2003> [2 Bij de keuze van de straf of de maatregel en de zwaarte ervan moet de rechter in overweging nemen dat het misdrijf werd gepleegd in het bijzijn van een minderjarige.]2 ---------- (1)<W 2011-11-26/19, art. 12, 084; Inwerkingtreding : 02-02-2012> (2)<W 2024-01-18/06, art. 33, 157; Inwerkingtreding : 05-02-2024>
Kandidaatrelaties uit de officiële tabel
Kandidaat uit de officiële concordantietabelTabeltopologie: Samenvoeging
Actuele artikelverwijzing
Art. 204.
Bepaling aan de andere zijdeArt. 204. — Verzwarende factoren
- Wetboek
- Nieuw Strafwetboek · Boek II
- Tekstversie
Officiële wetstekst
Bij de keuze van de straf of de maatregel en de zwaarte ervan voor een misdrijf omschreven in deze onderafdeling neemt de rechter in overweging het feit dat: 1° de dader een bloedverwant in de zijlijn tot de derde graad is van het slachtoffer, dan wel een aanverwant in de rechte lijn of in de zijlijn tot de derde graad, dat hij gezag heeft over het slachtoffer, hem onder zijn bewaring heeft of occasioneel of gewoonlijk met het slachtoffer samenwoont; 2° het misdrijf werd gepleegd op een scheidsrechter of seingever bij een sportwedstrijd, indien het misdrijf is gepleegd naar aanleiding van de uitoefening van deze functie; 3° het misdrijf werd gepleegd door een persoon met een openbare functie, in het kader van de uitoefening van deze functie. 4° het misdrijf werd gepleegd door twee of meer personen die gezamenlijk optreden; 5° het misdrijf werd gepleegd met behulp van of onder bedreiging van een wapen; 6° het misdrijf werd gepleegd omwille van culturele drijfveren, gewoontes, tradities, religie of de zogenaamde "eer".
Bronverificatie (bronbestand, locator en hashes)
Referentie in parlementair ontwerp
DOC 55K3518/001
Open het officiële parlementaire documentSHA-256 van het bronbestand:
sha256:d2d33a869f4fed577ac2d5a5322e33ef1dffba6d5e2e48ecdddf8ca9c8284845Dit officiële parlementaire document levert kandidaatrelaties voor juridische review. De tabel bewijst niet dat bepalingen inhoudelijk gelijk zijn.
Officiële tabelrij
CONCORDANTIETABEL; fysieke pagina 1195
Art. 204. Verzwarende factoren || artikelen 257, 410ter en 410, eerste lid, van het Strafwetboek
bron 0–96