Officiële bepaling

Art. 45.

Officiële tekstsnapshotofficial_text_snapshot

Corpuszijde
Nieuw Strafwetboek · Boek I
Referentiedatum
Inhoudelijke status
Inhoudelijke review in afwachting
Operationele status
In werking op de referentiedatum

Werkstraf   § 1. Wanneer de rechter van oordeel is dat hij een straf van niveau 2 of van niveau 1 moet uitspreken, kan hij als hoofdstraf een werkstraf opleggen.   De rechter kan een werkstraf slechts uitspreken als de beklaagde, in persoon of via zijn advocaat, met kennis van zaken zijn instemming heeft gegeven.   § 2. De duur van de werkstraf van niveau 2 bedraagt meer dan honderdtwintig uren en ten hoogste driehonderd uren. De duur van de werkstraf van niveau 1 bedraagt minstens twintig uren en ten hoogste honderdtwintig uren.   De veroordeelde verricht de werkstraf kosteloos tijdens de vrije tijd waarover hij naast zijn eventuele school- of beroepsactiviteiten beschikt. Zij mag worden verricht bij openbare diensten van de Staat, de gemeenschappen, de gewesten, de provincies, de gemeenten en de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, dan wel bij verenigingen zonder winstoogmerk, stichtingen met een sociaal, wetenschappelijk of cultureel oogmerk of coöperatieve vennootschappen die erkend zijn als sociale onderneming. De werkstraf mag niet bestaan uit een activiteit die, in de aangewezen overheidsdienst of vereniging, doorgaans door bezoldigde werknemers wordt verricht.   De Koning kan andere plaatsen bepalen waar de werkstraf wordt uitgevoerd.   De rechter bepaalt de duur van de werkstraf en kan aanwijzingen geven omtrent de concrete invulling ervan.   De rechter legt bij het uitspreken van een werkstraf van niveau 1 een geldboete van 200 euro tot ten hoogste 20.000 euro of een gevangenisstraf van minstens een maand tot ten hoogste zes maanden op. Bij het uitspreken van een werkstraf van niveau 2, legt de rechter een geldboete van 200 euro tot ten hoogste 20.000 euro of een gevangenisstraf van minstens een maand tot ten hoogste een jaar op. Deze vervangende straffen kunnen worden toegepast indien de werkstraf niet wordt uitgevoerd.   § 3. Op de tenuitvoerlegging van de werkstraf wordt toegezien door de strafuitvoeringsrechtbank.   De Koning bepaalt de nadere regels inzake de tenuitvoerlegging en controle van de werkstraf. Hij organiseert ook samen met de bevoegde instanties de verspreiding van informatie en het overleg inzake de toepassing van de werkstraffen.   § 4. Wanneer de werkstraf geheel of gedeeltelijk niet wordt uitgevoerd, kan de strafuitvoeringsrechtbank, op vordering van het openbaar ministerie, en na de veroordeelde te hebben gehoord, beslissen dat de vervangende straf of een deel ervan ten uitvoer zal worden gelegd, hierbij rekening houdende met het deel van de werkstraf dat de veroordeelde reeds heeft verricht.

Deze pagina geeft brongebonden wetstekst weer en bevat geen juridische interpretatie.

Officiële bron

  1. 29 FEBRUARI 2024. - Wet tot invoering van boek I van het Strafwetboek

    Bronklasse
    Officiële niet-authentieke werkconsolidatie
    Locator
    HTML · #list-title-3 > a:nth-child(456)
    Bronspan
    Tekst 0–2579 · bron 10–2589
    Bronbestand
    sha256:c3784bc45be2…d33eeb75
    Exact tekstfragment
    sha256:1343585bb346…38543728
    Open de officiële bron