Officiële bepaling
Art. 49.
Officiële tekstsnapshotofficial_text_snapshot
- Corpuszijde
- Nieuw Strafwetboek · Boek I
- Referentiedatum
- Inhoudelijke status
- Inhoudelijke review in afwachting
- Operationele status
- In werking op de referentiedatum
Verval van het recht tot sturen De rechter kan de dader veroordelen tot een verval van het recht tot sturen indien een motorrijtuig gediend heeft of bestemd was tot het plegen van het misdrijf of tot het verzekeren van de vlucht. Het verval van het recht tot sturen bedraagt minstens zes maanden en ten hoogste vijf jaar. De rechter kan het verval beperken tot de uitvoering buiten de beroepsactiviteit. Het verval gaat in vanaf de dag waarop de veroordeling in kracht van gewijsde is getreden. De termijn wordt evenwel verlengd met de tijd waarin de gevangenisstraf of de behandeling onder vrijheidsberoving wordt uitgevoerd, met uitzondering van de periode gedurende dewelke de straf wordt uitgevoerd onder de modaliteit van het elektronisch toezicht en de periodes van voorwaardelijke of voorlopige invrijheidstelling. Artikel 40, tweede lid tot vierde lid, van de wet van 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer is van toepassing. Indien daartoe grond bestaat, kan de strafuitvoeringsrechtbank beslissen een in kracht van gewijsde getreden veroordeling tot verval van het recht tot sturen te wijzigen door de duur van het verval te verminderen, het verval op te schorten of te beëindigen. De Koning bepaalt de formaliteiten die moeten worden vervuld met betrekking tot de uitvoering van de vervallenverklaringen van het recht tot sturen.
Deze pagina geeft brongebonden wetstekst weer en bevat geen juridische interpretatie.
Officiële bron
29 FEBRUARI 2024. - Wet tot invoering van boek I van het Strafwetboek
- Bronklasse
- Officiële niet-authentieke werkconsolidatie
- Locator
- HTML · #list-title-3 > a:nth-child(521)
- Bronspan
- Tekst 0–1372 · bron 10–1382
- Bronbestand
sha256:c3784bc45be2…d33eeb75- Exact tekstfragment
sha256:3a0d4f499efe…c41429e9